Een 104-jarige ex-Tourwinnaar

Het voetballen is nog wel aan de gang, maar voor de liefhebber liggen er in de kiosken al een poosje drie tijdschriften over een sport die minder kritiek, maar minstens zoveel stof voor beschouwingen oplevert....

Wie nog nooit van hem heeft gehoord, hoeft zich niet te schamen, want Brichard reed de Tour in 1926 en reed die wedstrijd nog niet uit ook. Zijn Touravontuur kwam pas vorig jaar aan het licht, toen hij werd ged als laatst levende Belgische soldaat uit de Eerste Wereldoorlog. Hij weegt 50 kilo en lijkt op Theofiel Middelkamp, maar is veel ouder (104) en neemt de telefoon nog zelf op. Zijn bloeddruk is 80-120.

Veel weet hij overigens niet meer van die door Lucien Buysse gewonnen Tour, maar dat geeft niet. De verhalen in interviews met huidige renners zijn door de mediatrainingen beslist niet spectaculairder. Ze beloven allemaal hun best te doen, zijn tevreden over hun ploeg en ploegmaats en hopen er het beste van. Pas als ze met wielrennen zijn gestopt, bestaat er een kans dat er wat ontevreden gekrabd wordt, maar echt pijn doet het zelden.

Voor de verhalen hoeft dan ook niemand de speciale Tournummerste lezen, tenzij hij is geeresseerd in ex-renners, zoals de onbekende Cor Bakker en Bauk Schellingerhoudt. Iets pittiger zijn de verhalen met Nederlandse knechten van ex-Tourwinnaars. Zo komen we onder meer te weten dat (niet-Tourwinnaar) Rik van Looy een grote ego was en Miguel Indurain een kletskous. Jammer dat zoiets niet veel eerder algemeen bekend werd.

Voor wie met gezag wil voorbeschouwen is Wieler Revue echter onmisbaar. De kanshebbers en outsiders voor de verschillende onderdelen (eind-, berg-en puntenklassement) worden keurig en gemotiveerd beschreven, ook al blijkt over vier weken de uitkomst heel anders te zijn dan op aangeven van de deskundigen is voorspeld. De enige zekerheid lijkt te zijn dat de strijd om de gele trui tussen Armstrong, Ullrich, Hamilton en Mayo zal gaan.

Naast Wieler Revue zijn er voor de gelegenheid nog twee bladen verschenen. De ergste is Tour Special 2004, omdat hierin schaamteloos als artikelen vermomde advertenties staan en er verder is gegrabbeld in encyclopedieen wedstrijdverslagen van vorig jaar. Een interview met Jan Janssen over sprinten is nog het meest lezenswaardig.

In dezelfde categorie, maar iets hoger, omdat je als lezer niet wordt genept met pseudo-artikelen is Centripress Sportmagazine. Het blad wordt in zijn geheel gevuld door Sport-Express in Valkenswaard, waarachter Wim Amels schuil gaat, een fulltime freelance pr-medewerker en organisator in de wielerwereld. Amels moet over een geweldig groot archief beschikken, waaruit hij foto's en feiten diept, waaruit hij verhalen knutselt. Dat is ook het voornaamste bezwaar. De feiten rijgen zich aaneen en worden nauwelijks gezeefd, waardoor je je aan het eind van elk verhaal afvraagt wat je eigenlijk te weten bent gekomen. Dan rest er weinig anders over dan plaatjes kijken. Daarin scoort Centripress Magazine het beroerdst van de drie bladen. De foto's zijn in kleur. Maar daarmee is vrijwel alles gezegd over dit in Italiedrukte blad.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden