Economisch beter begrijpen

MARCEL VAN DAM

'Dit is een voorbeeld hoe kapitalisme is verworden', zo citeerde deze krant in een tussenkopje Jet Grimbergen van FNV Bondgenoten in een artikel over de sluiting van de fabriek van Philip Morris in Bergen op Zoom. Zij bedoelde dat het absurd is dat managers ver weg in Amerika zomaar kunnen beslissen een winstgevende fabriek in Nederland te sluiten.

Ik ben het met Jet Grimbergen van harte eens. Jet en ik hebben de hopeloos ouderwetse opvatting dat de belangen van werknemers niet op voorhand ondergeschikt horen te zijn aan het winststreven van ondernemers. Toch had ik, wellicht anders dan Jet, bij de beslissing met die rampzalige gevolgen voor de werknemers van Philip Morris ook nog een bijgedachte: prima dat een bedrijf dat een gif produceert waaraan jaarlijks miljoenen mensen sterven, de deuren sluit.

Er gaat geen week voorbij of we lezen in de krant dat de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit weer een ongerechtigheid heeft opgespoord in voedsel of een gebruiksvoorwerp. Dat is goed, want iedereen moet erop kunnen rekenen dat het voedsel of het artikel dat hij koopt veilig is. Soms denk ik weleens als ik op tv werkers in de voedselindustrie in een soort astronautenpak zie: is dat niet een beetje overdreven? Als er al per ongeluk een haar op mijn biefstuk zou terechtkomen, bak ik die toch wel mee? Maar ja, helemaal gelukkig worden we toch nooit.

Er blijven bij Philip Morris nog 141 mensen in dienst bij het 'Flavor Processing Center' waar smaak- en geurstoffen worden geproduceerd om sigaretten lekkerder te laten ruiken en smaken. Iets voor de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit? Nee hoor, volgens de wet mag die wel producten controleren die minder schadelijk zijn, maar niet deze die dodelijk zijn.

Is het dan ook geen voorbeeld van de verwording van het kapitalisme dat een fabriek die artikelen maakt waaraan jaarlijks zo veel mensen sterven, hoewel de dood op de verpakking wordt aangekondigd, gewoon kan doorgaan met dat verderfelijke werk?

Al sinds de doorbraak van het kapitalisme in de 19de eeuw waren er uitwassen die veel verzet opriepen en die aan de wieg stonden van het communisme, dat de dictatuur van het kapitaal wilde verruilen voor een andere, en de sociaal-democratie die de uitwassen wilde bestrijden via de stembus. In de afgelopen honderd jaar werd bij ons een groot aantal belemmeringen opgeworpen om die uitwassen tegen te gaan. In de jaren tachtig is daar de klad in gekomen en sinds de jaren negentig wordt het kapitalistische systeem uit de 19de eeuw geleidelijk in ere hersteld. Veel belemmeringen worden weer weggenomen omdat anders onze concurrentiepositie in gevaar zou komen.

Wereldwijd snelt het geld naar de plek waar zonder enige belemmering het hoogste rendement kan worden gerealiseerd. Daarom moeten volgens de goeroes van het kapitalisme ook bij ons de arbeidsmarkt, de woningmarkt, de zorgmarkt, de telecommarkt, de energiemarkt, de drinkwatermarkt, de ov-markt, en andere markten worden geliberaliseerd. Liberalisering betekent: vrijmaken van belemmeringen.

De meeste economen zien het als hun taak om, als dat onvoldoende gebeurt, een signaal af te geven (door economen 'signalling' genoemd). Zo drukt Frank Kalshoven ons op het hart bij discriminatie op de arbeidsmarkt te bedenken dat veel ondernemers een 'rare' (allochtone) achternaam van een sollicitant als een signaal zien dat zij die man of vrouw niet moeten nemen (Economie, 5 april). Zij denken beter af te zijn met mensen met een 'normale' naam. Ook als die gedachte foutief is, doen we er goed aan, zegt Frank, dit verschijnsel 'ook economisch beter te begrijpen'.

Ik zou de stelling graag breder trekken, Frank. Alles wat mensen doen, impulsief of beredeneerd, doen ze omdat ze op dat moment denken dat het in hun voordeel is. Zelfs een zelfmoordenaar denkt dood beter af te zijn dan levend. Heel vaak handelen mensen fout. Soms, als de belangen van andere burgers in het geding zijn, zegt de overheid: stop. Jij schaadt het belang van anderen en je wordt gestraft of anderszins belemmerd om het nog eens te doen.

Omdat wij discriminatie op de arbeidsmarkt oneerlijk en schadelijk vinden, is het wettelijk verboden en is er krachtige 'signalling' nodig om daar een eind aan te maken. Bijvoorbeeld door werkgevers te verplichten een bepaald percentage mensen met een 'rare' naam in dienst te nemen. En ze anders zo'n zware boete op te leggen dat ze 'ook economisch beter begrijpen' dat ze fout zitten. Appeltje-eitje, Frank.

MARCEL VAN DAM is socioloog.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden