Economie

'Ook voor een staat zou moeten gelden dat het op orde brengen van de eigen financiën prioriteit krijgt boven zendingswerk.' Gerry van der List van het wetenschappelijk bureau van de VVD en stukjesschrijver in deze krant, doelt met dit citaat op de ontwikkelingshulp, het 'heilige hulphuisje'....

Hij past in het patroon dat treffend is beschreven door Galbraith in The culture of contentment. Daarin schetst hij de bevoorrechten die profiteren van het absolute marktdenken en zich inspannen hun voorsprong te handhaven, ten koste van de rest. Ze trekken zich terug achter hoge muren en laten de anderen daarbuiten aan hun lot over.

Deze houding wordt vergoelijkend benoemd als calculerend gedrag, maar het is gewoon plat egoïsme. Het streven naar winstmaximalisatie beperkt zich niet meer tot ondernemers. Vier jaar geleden kwam een internationale troepenmacht op de been om Irak uit Koeweit te verdrijven. De officiële reden was het herstel van de soevereiniteit van Koeweit. De werkelijke reden was het herstel van de ongehinderde toevoer van olie naar de westerse industrielanden.

Op dat argument was het voor de Verenigde Naties niet moeilijk eendrachtig te zijn, ook al vielen er slachtoffers onder de militairen. Maar het lijden en sterven van mensen in Afrika of voormalig Joegoslavië of waar ook vallen niet in de categorie 'economisch belang'. En zonder aantoonbare economische noodzaak komen de volkeren niet in beweging, op een enkele uitzondering na.

Ver hun bed zijn ook de mannen en vrouwen in eigen land die langdurig zonder werk zijn. Ook voor hen geldt dat het verkleinen van het financieringstekort een hogere prioriteit heeft. Toetreden tot de Economische en Monetaire Unie (EMU) is van een hogere orde dan het welzijn van miljoenen onderdanen.

De EMU maakt Europa economisch sterker en dat is een belangrijk middel tot meer werkgelegenheid, zeggen de voorstanders. Hetzelfde werd gezegd in de jaren vijftig bij de oprichting van de Europese Economische Gemeenschap.

Jan Pronk werd vreemd aangekeken toen hij begin jaren tachtig opmerkte dat steeds meer produkten werden vervaardigd door steeds minder mensen. De ongebreidelde toepassing van nieuwe technologie, gekoppeld aan het even ongebreideld nastreven van maximale winsten, zet steeds grotere delen van de arbeidsmarkt voorgoed buiten spel, zei hij.

Wil Albeda, econoom en oud-minister van Sociale Zaken, signaleert in zijn column in Trouw het boek van Jeremy Rifkin: The end of work. Deze stelt daarin dat in snel tempo een wereld zonder werkers onstaat en dat de samenleving onvoldoende tijd heeft zich hierop voor te bereiden. Structurele werkloosheid, zegt de econoom Heilbronner, is een probleem waarmee wij en onze nakomelingen zullen moeten leven.

Rifkin ziet de werkgelegenheid in de traditionele sectoren niet weerkeren. Misschien is er nog iets te bereiken in de sectoren waar automatisering (nog) geen kansen heeft. Albeda: 'Op langere termijn kon hij wel eens gelijk hebben, denk ik'.

Harry van Seumeren

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden