Echte sterren klagen niet

Hans van der Togt, Peter Jan Rens, Rolf Wouters: vallende televisiesterren genoeg aan het einde van een tv-seizoen. Reden voor medelijden?...

ONGEREMD vrolijk kan hij zich er over maken. 'Als je tegenwoordig nog wil meetellen, moet je regelmatig een dipje hebben. Caroline Tensen had er laatst een. Dan komt Frits Löhnen, een oud-judoleraar, een soort Ted Troost voor tv-sterren, en die gaat haar vertellen dat honderdduizenden mensen jaloers op haar zijn. Of hij zegt dat het maar een heel gewoon vak is, televisie-presentator. Dan kan Caroline weer verder. Henny Huisman werkt ook met hem. ''Henny, je kan het, écht, je kan het'', zegt Löhnen tegen hem. En Henny doet dan een foto van Löhnen in zijn portemonnee en kijkt daar naar. Peter Jan Rens heeft weer iemand anders. Die laat tot vlak voor de uitzending zijn handje vasthouden door mevrouw Kaktus, zijn mental coach.'

De onzekerheid die daaruit spreekt, ziet Maarten Spanjer ook op het scherm. 'Neem een acteur als Marc Klein Essink. Die staat met de angst in zijn ogen shows te presenteren. Gaat dit wel goed, zie je hem denken. In zijn broek poepend van angst. Dan denk ik: ''Dan had je moeten blijven acteren, jongen.'' Maar ja, je verdient als theateracteur maar een fractie van wat je bij televisie verdient. En de beste acteur van Nederland, Pierre Bokma, is bij het grote publiek nauwelijks bekend. Omdat hij zich niet leent voor allerlei flauwekul.'

De gezichten van een omroep, zoals Hans van der Togt of Viola Holt bij RTL 4, moeten niet verbaasd opkijken wanneer ze niet meer nodig zijn. 'Het is toch logisch dat mensen die tien, vijftien jaar het gezicht van een omroep zijn geweest, dat op een bepaald moment niet meer zijn? Natuurlijk mag een omroep iemand aan de kant schuiven. Ik heb geen medelijden hoor. Die mensen hebben er goed aan verdiend.' Klagen over de nadelen van de roem vindt hij lachwekkend. 'Wat is nou beroemd zijn in Nederland? Als Gullit daarover klaagt, oké. Maar deze mensen hoeven maar één stap over de grens te zetten en niemand herkent ze meer.'

Spanjer zelf is onlangs aan de kant gezet door de NCRV. Na zes jaar wil de christelijke omroep van hem af, omdat zijn kijkcijfers te laag zijn en er geen overeenstemming was over een nieuw programma. Spanjer betwist dat ('Met die kijkcijfers was niks mis en ik heb nooit een programmavoorstel van ze gezien'), maar kan er ook niet echt mee zitten. 'Ik lig er niet wakker van. Ik heb dit jaar nog genoeg werk.'

De 45-jarige acteur is in zijn leven gewend geraakt aan kortlopende verbintenissen. Het woord 'carrière' vindt hij nauwelijks van toepassing. 'Ik ben niet zo'n carrièreplanner.' Voor zijn dertigste wist de geboren Amsterdammer al helemaal niet wat hij wilde worden. Hij deed wat acteerwerk, mislukte als rechtenstudent en schreef onder meer reportages voor Nieuwe Revu. Ook handelde hij in tweedehands spijkerbroeken, waar hij spijkerrokjes van liet maken. 'Voor acteurs zoals ik had je toen nog geen soapseries als GTST.'

Zijn eerste televisiesucces was een optreden in het sportprogramma Voetbal '80, waarin hij als 'miskend talent' met een bal aan de voet door de bossen dwaalde. Die sketches schreef en monteerde hij samen met oud-profvoetballer Jan Mulder. Zelf had Spanjer nog een jaartje onder contract gestaan, en vooral op de bank gezeten, bij FC Amsterdam. 'Eigenlijk vond ik dat typetje niet zo leuk. Met zo'n wit puntmutsje op door het bos rennen; ik vroeg me af of ik me niet wat al te veel belachelijk maakte. Maar Jan Mulder zei dat ik er absoluut mee moest doorgaan en haalde me over er een reeks van te maken. Nu beginnen mensen er nog steeds over, dus het zal toch wel iets zijn geweest.'

NET TOEN Spanjer dacht op de goede weg te zijn, schrapte de VARA Voetbal '80. 'Marcel van Dam trad daar aan als voorzitter en die had geen enkele affiniteit met sport. De VARA moest zich er verre van houden. Hij vond voetbal niet links genoeg.' Jaren van onbeduidende rolletjes in televisie-comedies volgden, een periode waar Spanjer liever niet te veel aan terugdenkt. 'Ik zat in de ene foute serie na de andere. Een jaar of vier lang. Ik heb er toen over gedacht helemaal te stoppen. Vond dat mijn leven iets sukkeligs kreeg en was bang er op mijn veertigste achter te komen dat ik nog niets had gepresteerd.'

'Puur bij toeval' kwam in 1992 Taxi langs. Dat programma, waarin nietsvermoedende passagiers hun hart uitstorten bij een acteur-chauffeur, zou tv-producent IDTV gaan maken voor de NCRV. Die omroep zag in hun toenmalige ster, Ted de Braak, de ideale bestuurder. 'Het zou ook Taxi Ted gaan heten. Als dat was doorgegaan, zou het nu cultstatus hebben. Je zag Ted al na een minuut onrustig worden wanneer mensen hem niet herkenden. Terwijl dat nu juist de bedoeling was.'

IDTV-producent Harry de Winter, somber gestemd over de proefopnames met De Braak, liet in een Amsterdams restaurant zijn oog op Spanjer vallen. De rol bleek op diens lijf geschreven: Spanjer speelde geen taxi-chauffeur, maar wás het. De voyeur in iedere kijker tracteerde hij op onthullende gesprekken. NRC-criticus Frits Abrahams noemde hem niet alleen 'een goede interviewer die snel de juiste toon treft en zijn passagiers soms tot verbluffende monologen inspireert', maar trok zelfs een vergelijking met Carmiggelt. 'In interviews heeft Spanjer wel eens gezegd dat hij een Carmiggelt-achtige sfeer in zijn programma nastreeft - en op zijn beste momenten lukt hem dat ook.'

Zelf voert Spanjer zijn succes met Taxi, dat in 1995 in Montreux met een Gouden Roos werd bekroond, vooral terug op zijn vermogen vertrouwenwekkend over te komen. 'Ik kom niet over als een tv-presentator uit het Gooi. Ik creëer geen afstand. Daardoor krijg ik wat gemakkelijker dingen uit mensen. Bovendien gedraag ik me precies hetzelfde mét een camera erbij als zonder camera.'

Dat laatste talent is in Hilversum te schaars, vindt Spanjer. Paul de Leeuw kan het, Mart Smeets ook. 'Al ontploft er een bom in de studio, die man blijft altijd hetzelfde. En wie het dus duidelijk niet kan, is Tom Egbers. Die kijkt na al die jaren nog altijd of Mart het wel leuk vindt. ''Gaat het niet te ver? Doe ik het wel goed, Mart?'', zie je hem denken.'

Harry Vermeegen, met wie Spanjer Voetbal '80 maakte, rekent hij ook tot de mensen die door een camera niet veranderen. 'Dat moet ik hem nageven. Hij is in werkelijkheid net zo dom als op televisie. Een ontzettend ambitieus, vervelend mannetje, maar hij blijft wel zichzelf. Henk Spaan ook wel, maar die wil vooral mooie documentaires maken en aan zijn gezicht te zien wil hij eigenlijk helemaal niet in beeld komen.'

B IJ DE commerciële omroepen ziet Spanjer maar bar weinig mensen die zichzelf kunnen blijven, of ze nu Huisman, Tensen of Brandsteder heten. 'Heel veel van die mensen zijn zwaar de weg kwijt.' Vooral Brandsteder moet het ontgelden. 'Ik zou wel eens een kwartier het brein van die man willen lenen. Uit nieuwsgierigheid, om te weten wat er in om gaat. Er komen alleen maar clichés uit zijn mond. Al die grappen die hij van anderen heeft gehoord. Het is toch een schande dat iemand met zo'n opleiding, Nijenrode, dat soort shows presenteert. Je kunt helaas niet zeggen dat het van onze belastingcenten is, maar als ik zijn vader zou zijn geweest zou ik hem links en rechts om de oren slaan. ''Wat denk je wel: heb ik je zo'n opleiding gegeven en dan doe je dat soort dingen.''' Een absolute uitzondering maakt Spanjer voor André van Duin. 'Dat is een groot talent. Als Wijdbeens vind ik hem op tv ongeëvenaard.'

Met zijn vriend Rijk de Gooyer gaat Spanjer nu een VARA-comedy doen. In zijn televisieloopbaan heeft hij voor de meeste omroepen wel eens gewerkt, zonder zich overigens ergens thuis te voelen. 'De NCRV heeft mij, toen ik de Gouden Roos won, een typische NCRV-man genoemd, maar zo heb ik dat zelf nooit gevoeld. Zeker niet toen ik al dat gezeur kreeg over Taxi, omdat ze het programma te ver vonden gaan. Bijvoorbeeld toen ik met een prostituee een prachtig gesprek voerde over haar eerste dag achter het raam. We spraken over haar als een actrice op de dag van haar première. Schitterend, maar het mocht niet van de NCRV. ''Wij hebben er zelf geen probleem mee, maar onze achterban wel'', heet het dan. Heel typerend voor die omroep. Deze week hebben ze weer in scènes gesneden; er moesten twee 'getverdemmes' van mij uit en één shot waarin je kots op een trap ziet liggen. Zelfs dat vonden ze al te ver gaan. Dat is toch niet te geloven. Die omroep lijkt wel erg ver terug in de tijd te zijn geworpen.'

Fokke Obbema

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden