Echte Faker

Hij vindt het zelf ook een rare naam, maar kan inmiddels niet meer terug. YouTube-lieveling Chet Faker over zijn nieuwe plaat en de echtheid van elektronische muziek.

'Als beginnend artiest leer je alles over het omgaan met teleurstellingen, maar niemand heeft een advies als je meteen succes hebt.' Nick Murphy (23) noemt dit als mogelijke verklaring voor het feit dat zijn debuutalbum Built On Glass er nu pas is. Bijna drie jaar nadat No Diggity, een sobere, mooi gezongen pianocover van Blackstreets r&b-hit uit 1996, internet bijna had doen ontploffen van enthousiasme.


Daarop was hij toen helemaal niet voorbereid, vertelt de uit Melbourne afkomstige Murphy tijdens een promotiebezoek aan Amsterdam. Hij had het liedje een keer opgenomen, gewoon thuis, waar hij altijd in zijn eentje met elektronica en keyboards in de weer is. Hij was bij hoge uitzondering eigenlijk best tevreden met het resultaat, zette het op YouTube en deelde het met wat vrienden op Facebook.


'Een meisje belde of ze een mp3 van het nummer op haar muziekblog mocht zetten. Het was de enige mp3 die ik weggaf, maar in een mum van tijd leek wel alsof iedere muziekblogger of -site het nummer had gevonden en verspreid. Ik was ineens de meest besproken nieuwe indie-artiest op internet.'


Hype Machine, de site die alle statistieken van muziekblogs bijhoudt, plaatste de naam Chet Faker op de eerste plaats. 'Een zegen en een ramp tegelijk. Ik schoot meteen in de stress', bekent Murphy, die al meteen de artiestennaam Chet Faker had aangenomen.


'Er was in Australië al een Nick Murpy die platen had uitgebracht, dus ik moest wel een pseudoniem kiezen. Ik hield van Chet Bakers manier van zingen en wilde ook een beetje spelen met het wat misplaatste gegeven van authenticiteit in popmuziek. Elektronische muziek zou onecht zijn, want niet menselijk ofzo. Onzin. Ik componeer, produceer en speel alles zelf. Al mijn liedjes gaan over eigen ervaringen. Hoe authentiek wil je het hebben?'


Maar, erkent Murphy, de ironie wordt zelden begrepen. 'Ik moet steeds maar weer die naam verklaren. Niemand vindt het wat, maar het blijft in ieder geval hangen, heb ik gemerkt.'


Na het succes van No Diggity ontstond behoefte aan meer Chet Faker en Murphy had daar niet zo snel een antwoord op. Hij wist wat hij wilde, alles zat in zijn hoofd. 'Ik wilde elektronische muziek maken waarnaar je thuis kon luisteren. Mijn grote voorbeeld was iemand als James Blake. Een Brit die uit de dance kwam, maar die muziek heel knap met pure singer-songwriterachtige popliedjes kon integreren.'


Zoiets moest Chet Faker ook doen. Een warme elektronische bedding geven aan soulvol gezongen liedjes. 'Liedjes die ook allemaal hun oorsprong vonden in mijn eigen leven', haast Murphy zich erbij te zeggen. 'Ik noteer vaak wat ik voel of meemaak en probeer dat, zoals dat in schrijversjargon heet, van me af te schrijven.'


Talk Is Cheap, de eerste single van Built On Glass, gaat volgens Murphy over het mislukken van een relatie. 'Je wilt vermijden dat je uit elkaar groeit en praat daar veel over om alles weer bij elkaar te krijgen. Uiteindelijk faalt de communicatie toch. Zo heb ik het meegemaakt. Daar wilde ik iets mee. Voor mij was het maken van deze plaat uiteindelijk een grote catharsis. Het kost alleen wat tijd.'


Het liedje Talk Is Cheap veroorzaakte een maand geleden net zo'n hype als No Diggity een paar jaar eerder en ook het nu verschenen album Built On Glass wordt warm onthaald. Murphy is blij dat hij zich niet heeft laten gek maken. 'Een voordeel als je in Australië zit. In New York of Londen kom je toch te veel in aanraking met artiesten die hetzelfde proberen, dat leidt maar af.'


Internet mag dan het distributieprobleem van muziek hebben verholpen, muzikanten 'die allemaal iets als James Blake willen maken', komen elkaar in Londen vaker tegen dan in Melbourne. 'Ons bereikte alleen muziek die al helemaal klaar was. Dat was even intimiderend als inspirerend.'


Werkend aan Built On Glass heeft Murphy zich ook een idee gevormd over hoe hij de plaat live gaat brengen. Vorig jaar was hij al even in Nederland voor onder meer een concert in het Rotterdamse Rotown, dat uiteindelijk door de bezoekers tot beste van het jaar zou worden verkozen. 'Dat was bijzonder, maar nu ga ik alles toch weer anders aanpakken. Ik wil gebruik maken van het feit dat ik alleen op het podium sta en probeer ook te reageren op wat er in de zaal gebeurt. Daar komt dan misschien ter plekke een nieuw liedje uit. Een concert kan uitdraaien op een potje improviseren, niks staat vast.


'Nee, faken doe ik niks. Ja, sorry, het is een wat rare naam, Chet Faker, maar ik denk dat het nu echt te laat is om er iets anders van te maken.'

Chet Faker: Built On Glass, Future Classic/PIAS.

Chet Faker speelt op 2/5 in Bitterzoet, Amsterdam en op 5/5 op het Bevrijdingsfestival in Groningen.

Hippe pop van Down Under

Chet Faker is niet de enige nieuwe Australische naam in de elektronische popmuziek. Flume, ofwel Harley Streten, scoorde in 2012 ook al met het elektronische popalbum Flume. Flume en Chet Faker kennen elkaar. Vorig jaar maakten ze samen de succesvolle EP Lockjaw. Nu scoort Flume reusachtig met de remix die hij vorige week uitbracht van Tennis Court, een liedje van de uit Nieuw-Zeeland afkomstige Lorde. In minder dan een week werd het nummer op YouTube bijna een miljoen keer bekeken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden