Column

Echte angst kwam pas bij het krijgen van een kind

Beeld Robin de Puy

Ik fietste erlangs, 's ochtends, op weg naar mijn werk. Aan de overkant, in het huizenblok tegenover het onze, stonden twee politiewagens midden op de weg geparkeerd. Rood-witte linten waren over de weg gespannen en wapperden in een gure oostenwind, een plukje mensen stond erbij en keek ernaar. Ik dacht aan een inbraak, een botsing, een gek op de weg.

Een uur later las ik dat het ging om de ontvoering van Insiya Hemani, een peuter van 2,5 die door drie mannen met geweld uit haar moeders woning was weggehaald. De paniek was groot geweest, een dappere buurman had nog gedaan wat hij kon door een van de daders tegen de grond te werken, maar tevergeefs, het meisje was in een lichtgrijze auto gesleurd en naar haar vader gebracht, een Indiase man die haar op zijn beurt weer zou willen meenemen naar het buitenland. Dat dáchten ze tenminste, las ik in het bericht, maar zeker weten deden ze het niet. Wat ze wel wisten, is dat een dag later de rechtszaak zou dienen over de voogdij. Dat, en dat Insiya een wit rompertje met roze opdruk had gedragen van het Franse merk Petit Bateau.

Een wit rompertje.

Ik dacht aan de oostenwind, aan de blote armpjes van mijn eigen kind en rilde. Wie kinderen krijgt, rilt wel vaker - een wereld aan gevaar ligt voortdurend op de loer, van stopcontacten tot stukken brood, van Robert M.'s tot terrorisme - en ze reduceerden alle angsten die je daarvoor had gehad en waarvoor je je wekelijks in de ziel had laten kijken, pillen erbij en lullen maar, tot quatsch, flauwekul was het geweest, de pijntjes en verdrietjes van een generatie die grotendeels leed onder het juk van te veel keuzemogelijkheden - maar dat wist je toen nog niet. Echte angst kwam pas bij het krijgen van een kind, en het ging nóóit meer weg, hoorde je ze zeggen, de mensen die je voor waren gegaan, want als ze eenmaal 18 waren, ze officieel op eigen benen konden staan en jij net tevreden achterover dacht te kunnen gaan leunen, vroeg je je ineens af wat ze eigenlijk allemaal gingen doen, met die eigen benen van ze. Eén ding: geen verkeerd gesneden druif, geen kukel van de trap, geen foute vriendjes en dode hoeken en geen rondreis door die grote, boze wereld kon de angst overtreffen van de ouder die van zijn kind werd beroofd door de andere ouder. De partner die je ooit lief had gehad, die je had vertrouwd en bemind en die je nu eigenhandig de hel binnensleepte moest de hel zijn, en de gedachte aan Insiya's moeder, die een kilometer van hier tegen de muur op liep en haar dagen vulde met wachten, huilen, wachten en huilen, deed me naar huis verlangen, waar de Dochter op oma's schoot het boekje zat te lezen van De Gruffalo.

Op de terugweg kwam ik weer langs Insiya's woning. Dit keer was het net alsof er nooit wat was gebeurd.

Een man in een hoogwerker lapte de ramen, de wind blies een leeg zakje chips voort en een buurvrouw zette een lege caviakooi bij het vuilnis. Even verderop sprong het licht op groen. Bij het huis van Insiya hing het roze fietsje van haar oudere zus scheef tegen de muur.

Op het Amber Alert dat de politie inmiddels had uitgegeven, zagen we de kleine Insiya de camera in kijken. Een echte peuter, met eigenwijze staartjes, een roze hemmetje en grote, donkere, een tikje wantrouwende ogen.

Een vooruitziende blik, wisten we nu.

eva.hoeke@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden