Dwangvoeding is soms geoorloofd

In het debat over dwangvoeding wordt het zelfbeschikkingsrecht overtrokken. Volgens Ron Berghmans en Guido de Wert is een inbreuk, mits gemotiveerd, mogelijk....

De vraag of het ethisch toelaatbaar is om Volkert van der G., de verdachte van de moord op Pim Fortuyn, tegen zijn wil te voeden, wordt soms met een categorisch 'nee' beantwoord. Zo luidt de stelling van de hoogleraar medische ethiek aan de Universiteit Utrecht, Hans van Delden, in een interview in de Volkskrant van zaterdag dat het zelfbeschikkingsrecht artsen de plicht oplegt zich te onthouden van het gedwongen toedienen van voedsel. Hier is naar zijn mening geen uitzondering op mogelijk; in het uiterste geval moet de overheid dan ook toezien dat Volkert sterft. Er zou, aldus Van Delden, zelfs geen sprake zijn van een dilemma.

Volgens Van Delden is dwangvoeding in strijd met de beroepsethiek van artsen. Ook Ben Crul, hoofdredacteur van het artsentijdschrift Medisch Contact, meent dat artsen zich niet voor het karretje van justitie moeten laten spannen. Hij verwijst, behalve naar het zelfbeschikkingsrecht, naar het risico dat artsen op een hellend vlak terecht komen. Beiden suggereren bovendien dat het vertrouwen in de medische stand wordt ondergraven als artsen meewerken aan dwangvoeding van Volkert van der G.

De bezwaren tegen dwangvoeding hebben een verschillend karakter. Het zelfbeschikkingsargument is deontologisch van aard: het verwijst naar een principe of plicht waar mensen zich aan te houden hebben, namelijk respect voor elkaars autonomie. De twee andere argumenten zijn consequentialistisch van karakter: ze wijzen op de (vermeende) gevolgen van het toepassen van dwangvoeding bij Volkert van der G.

Hoe overtuigend zijn deze bezwaren? Om te beginnen: is het zelfbeschikkingsrecht wel zo heilig als wordt gesuggereerd u En verrichten artsen nooit handelingen die tegen het zelfbeschikkingsrecht van patiënten, gedetineerden en andere burgers indruisen?

Artsen werken wel vaker mee aan inbreuken op het zelfbeschikkingsrecht van burgers. Voorbeelden zijn het tegen hun wil in quarantaine plaatsen van mensen met besmettelijke ziekten en de gedwongen verpleging van psychiatrische patiënten die een gevaar vormen voor hun omgeving. Natuurlijk zijn deze situaties niet in alle opzichten vergelijkbaar met dwangvoeding van een gedetineerde met het oog op diens berechting.

Een verschil is dat bij quarantaine en gedwongen psychiatrische verpleging de inbreuk op het zelfbeschikkingsrecht van het individu wordt gelegitimeerd door de gezondheidsbelangen van andere burgers. Bij gedwongen toediening van voedsel aan Volkert van der G. zijn dergelijke gezondheidsbelangen niet in het geding. Hier is sprake van het belang dat de verdachte terecht kan staan en dat via deze rechtsgang optimale duidelijkheid ontstaat over achtergronden en toedracht van de moord op Pim Fortuyn.

Hiermee is, nog afgezien van het belang dat individuele burgers (zoals vrienden en naasten van de overledene) hierbij kunnen hebben, een groot maatschappelijk belang gediend. Voor ons staat niet op voorhand vast dat een dergelijk belang nimmer mag worden afgewogen tegen het zelfbeschikkingsrecht.

Het argument van het hellend vlak wordt ingeroepen om te claimen dat zelfs indien in deze situatie dwangvoeding toelaatbaar zou zijn, we er toch tegen zouden moeten zijn omdat dan de deur wordt opengezet voor het maken van inbreuken op het zelfbeschikkingsrecht in allerlei situaties waarin we dat niet zouden (moeten) willen. Crul noemt het geven van dwangvoeding aan 'die anonieme bolletjesslikker of een minder publiciteit trekkende moordenaar' als voorbeelden. Volgens het hellend vlak argument zou ook het maken van een uitzondering bij een groot gezondheidsbelang al leiden tot een uitbreiding in de richting van minder grote gezondheidsbelangen.

Anders gezegd: iedere uitzondering leidt tot minder strikte uitzonderingen. Om aan de veilige kant te blijven, kun je maar beter helemaal geen uitzonderingen maken. Ons inziens hangt echter veel af van de motivering voor en de precieze rechtvaardiging van het maken van een uitzondering. Iedere uitzondering behoort onderwerp van een breder debat te zijn, waarin wordt verhelderd welke criteria in de afweging een plaats mogen krijgen en welke niet, en hoe acceptabele criteria geoperationaliseerd moeten worden. Dan kan ook duidelijk worden dat er een verschil is tussen dwangvoeding van Volkert van der G. en van 'die anonieme bolletjesslikker'.

Dan het vermeende ondermijnen van het vertrouwen in de medische professie. Dat dwangvoeding van Volkert van der G. daartoe zal leiden is een empirische claim die ons enigszins overtrokken voorkomt. We hebben hier te maken met een zeer uitzonderlijk delict dat de Nederlandse samenleving ernstig geschokt heeft. Het lijkt onwaarschijnlijk dat burgers hun vertrouwen in medici zullen opzeggen omdat een van hen in een uitzonderlijke situatie zijn medewerking verleent aan dwangvoeding.

Wij menen dat er wel degelijk sprake is van een dilemma. Kenmerkend voor dilemma's is dat ze zich niet lenen voor stellige en onproblematische antwoorden. In de casus van Volkert van der G. is diens zelfbeschikkingsrecht niet het enige dat er moreel gezien toe doet. Bij de afweging mogen ook andere belangen en overwegingen een plaats krijgen, zoals het belang dat het recht, gegeven de in dit geval veroorzaakte maatschappelijke onrust, zijn loop krijgt.Uiteraard moet daarbij, zoals ook Crul opmerkt, worden verdisconteerd dat niet zeker is dat dwangvoeding levensreddend is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden