Duyvendak: heksenjacht niet mijn schuld

Wijnand Duyvendak, het teruggetreden Kamerlid van GroenLinks, verzet zich tegen het beeld dat hij rechts de ruimte zou hebben gegeven voor een heksenjacht.

In een vraaggesprek met de Volkskrant zegt hij: ‘Als je zelf onderwerp van discussie bent, is je spankracht gering. De discussie had alleen opengebroken kunnen worden als veel meer autoriteiten en opiniemakers het positieve naar voren hadden gebracht. Dat is niet gebeurd. Het is me enorm tegengevallen.’

Duyvendak is voor de voeten geworpen dat zijn oproep tot verantwoording de deur heeft opengezet voor een afrekening met het linkse gedachtengoed van de jaren tachtig en de buitenparlementaire actie. De oprichter van de populistische website GeenStijl zei vorige week: ‘Nu is het prijsschieten geworden.’

Duyvendak: ‘Maak dat GeenStijl niet zo belangrijk. Die zijn altijd aan het prijsschieten.

‘We hebben een debat over de jaren tachtig nodig. Wat ging fout, maar zeker ook: wat ging goed.

‘Ik zeg nu voluit: het parlement is het centrum, niet mijn eigen actie. Het idee dat je zelf wel even de wereld zult reorganiseren, op basis van je superieure inzichten, daar moet je vanaf, hoor. Dat is niet gezond. Ik trek lessen uit mijn verleden, maar ik verloochen mijn politieke biografie niet.

‘Als mensen dat genant noemen, dan zeg ik: sorry, ik ben alleen maar veranderd.’

Duyvendak en de belaagde voormalige topambtenaar van Economische Zaken, George Verberg, hebben elkaar gisteren in persoon getroffen. Over het gesprek zijn door Verberg noch door Duyvendak mededelingen gedaan.

Bij Verberg thuis zijn in 1985 in petroleum gedrenkte doeken door de brievenbus gestopt, nadat het actieblad Bluf! zijn adres had gepubliceerd. Duyvendak was destijds redacteur van Bluf!

De gang van zaken heeft de scepsis van Duyvendak tegenover buitenparlementaire acties alleen maar verdiept. ‘Na de moorden op Fortuyn en Van Gogh moet iedereen weten dat geweld en ook alles wat het begin daarvan is, inclusief het publiceren van adressen, kan uitlopen op het fatale gevolg.’