Duran Duran in Stubb's

Ik geloof niet dat ik in al die jaren SXSW zo’n ontvangst van een artiest heb meegemaakt als zojuist Duran Duran ten deel viel. Okay, ik heb Metallica, The Stooges, Muse en de Foo Fighters in Stubb’s de afgelopen jaren laten schieten maar Morrissey en R.E.M. wisten toch aardig wat enthousiasme te genereren.

Valt allemaal in het niet bij Duran Duran. Je denkt in Austin tijdens SXSW toch te maken te hebben met louter professionals met vooral een goede smaak. RAWWK willen de meeste horen, dacht ik altijd.

Mogelijk maar alle profs hier zijn ook jong geweest en velen precies in het tijdvak dat Duran Duran hier in de States populair was. De jaren tachtig ja.

En die populariteit van de Britse band was hier veel en veel groter dan in Nederland, en werkte in ieder geval langer door.

Zo stond ik in Stubb’s, de mooiste en beste plek voor een band om te spelen. Als het droog is tenminste, want het is een openlucht-podium. Maar het was droog. Om me heen was de gemiddelde leeftijd die van mijzelf, misschien iets jonger, maar al gauw tegen de veertig.

En ik dan, wat deed ik daar eigenlijk. Was er van alle 79 podia die dezer dagen in gebruik zijn werkelijk niks beters te doen dan naar Duran Duran gaan?

Zeker, maar ik kon me niet losrukken uit Stubb’s waar ik een paar uur eerder mijn lievelingsband van het moment Smith Westerns zag spelen. Het was er al heel vol, het publiek was enthousiast, maar ik kon me niet voorstellen dat die paar duizend mensen voor dit spraakmakende gitaarbandje kwamen.

En ook niet voor Raphael Saadiq die daarna stond gepland. Nee, die mensen waren er echt voor Duran Duran en waren, terecht, al vroeg gekomen.

Duran Duran op SXSW, het is toch even wennen. Daar ga je dan met je goede smaak, dacht ik. Helemaal naar Austin afgereisd, overal vandaan, om nieuwe ontdekkingen te doen en wat ga je zien: een band uit je jeugd.

Van camp gevoelens was geen sprake. Het grotendeels Amerikaanse publiek (als ik de accenten goed kon plaatsen) had zich er echt op verheugd. Zoals ik me op een reunie van The Smiths zou verheugen.

Helaas heb ik zelf alleen niks met Duran Duran, nooit gehad ook, terwijl ik er wel precies de leeftijd voor had. Ik vond ze in 1981-1982 al net wat minder dan Spandau Ballet en veel minder dan Human League en Adam & The Ants en Soft Cell. Terwijl ik de band zelfs verafschuwde in de jaren dat ze hier in de VS zo groot werden. The Reflex, Notorious en A View To A Kill dat waren van die typische ‘Countdown’ nummers. Er werd ook altijd bij gezegd dat het heel bijzondere nummers waren omdat de videoclips zo duur waren.

Duran Duran werd groot dankzij MTV en de videoclip cultuur.

Een beetje alternativo zoals ik toen, walgde daarvan. Bands als Duran Duran waren voor Morrissey en Marr een belangrijke reden om The Smiths op te richten.

Maar goed, don’t mess with Duran Duran hier in de States. Hoe belangrijk de band was, las ik dezer dagen ook in het erg vermakelijke boek van Rolling Stone journalist Rob Sheffield Talking To Girls About Duran Duran. Sheffield schrijft zo aanstekelijk over de band en de populariteit bij zowel meisjes als jongens dat ik bijna zelf fan wordt. Ja, Duran Duran was in de VS onder jongens minstens zo populair als onder meisjes als praatten ze er wel anders over. Als Sheffield er al over praat dan is dat over of Power Station een beter side-project was dan Arcadia. ‘No Duran Duran chick, not even the hardcore obsessives, would sit through a conversation like that.’

Duran Duran obsessives genoeg daar bij Stubb’s. SXSW was uitgekozen, zo vertelde Simon LeBon, als aftrap voor een nieuwe wereldtournee, en er zouden ook nieuwe nummers gespeeld worden van een door Mark Ronson geproduceerde nieuwe plaat.

Die werden geaccepteerd, voor zover ik het heb gevolgd, want na drie kwartier vond ik het mooi geweest. Notorious had ik al doorstaan, en Hungry Like A Wolf vond ik zelf erg leuk, maar het leek me wel zo fideel om plaats te maken voor iemand anders uit de rij. Mocht ik me niet kunnen bedwingen (of u natuurlijk), de show is op npr.org te zien.

Het moet gezegd, de band maakte veel meer indruk dan de laatste keer dat ik ze zag, een paar jaar terug in de HMH.

Maar veel van de aantrekkingskracht was gelegen in dat licht absurdistische idee van Duran Duran op SXSW.

Ik bedoel: het is net zoiets als Duran Duran op Lowlands.

Hoewel: Pinkpop zou ik wel weer leuk vinden, maar voorlopig zitten we weer voor de zoveelste keer met Placebo opgescheept.

Duran Duran was de afsluiter van een van de meest diverse en kwalitatief hoogstaande avonden die ik hier ooit heb meegemaakt.

Ik zag achtereenvolgens Suuns, Josh T. Pearson, Smith Westerns, Raphael Saadiq en Duran Duran. Suuns bracht een spannende mengeling van Krautrock, shoegaze en afrofunk. De band uit Montreal bleek minstens zo goed als berichten over eerdere shows beloofden.

Over Josh T. Pearson, (afkomstig uit Austin, tien jaar geleden veelbelovend in Lift To Experience, thans een nieuw leven begonnen in Parijs), schreef ik hier een week geleden. Last Of The Country Gentlemen is een even beklemmende als raadselachtige plaat.

Zijn ‘homecoming’ optreden in een heuse kerk, zal de gelovige Pearson bevallen zijn. We mochten hem in de bankjes met een luidkeels ‘amen’ begroeten.

En hij begon zacht te zingen: ‘By the rivers of Babylon.....’, nee het ging snel over in een eigen nummer, maar helemaal af van deze door Boney M beroemd gemaakte gospel waren we niet.

Het was muisstil, er waren echt fans van hem en waarschijnlijk ook oude vrienden. Live worden de raadsels zo mogelijk nog groter. Alsof hij een hekel heeft aan het vasthouden van een melodie, draait hij in ieder nummer soms minuten lang om de kern heen. Knap, fascinerend ook, maar je moet er wel geduld voor hebben.

Dat had ik maar met mate, want ik wilde absoluut Smith Westerns in Stubb’s zien. Ze spelen de hele week nog op allerlei dag-party’s maar dit is de show waarin ze zich echt moeten bewijzen.

En dat deden ze. Het geluid was in orde, de samenzang klonk goed en ze hebben een meesterlijke gitarist. Yep, laten we de Johnny Marr vergelijking maar uit de kast trekken. Ook iemand die een melodie door een liedje kan spelen die haaks staat op wat die van de zanger. Schitterende uithalen ook, die aan T-Rex en Mott The Hoople doen denken en dus ook aan wijlen Mick Ronson.

Weekend en Smile zijn twee klassiekers in wording, en hoewel niet alle nummers nog even goed, telde ik al een stuk of zes topliedjes wat meer is dan de Strokes op hun laatste drie albums lieten horen.

Over The Strokes morgen meer, dan staan ze op het voor iedereen toegankelijke buitenpodium.

Nu eerst slapen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden