Duizend plaatjes

ALS iemand zegt dat iets wetenschappelijk bewezen is, moet je oppassen. Meestal kom je deze term tegen als iemand iets onwetenschappelijks aan de man wil brengen....

Zou het leven niet heerlijk simpel zijn als je alleen maar die zaken serieus neemt die wetenschappelijk bewezen zijn. Weg met de godsdienst uit je leven. Weg met de alternatieve geneeskunst. Ook van de reguliere geneeskunst kun je heel wat schrappen. Weg met de analyses van de aandelenkoersen. Weg met de economie.

Zo'n levenshouding is niet lang vol te houden. Er valt heel weinig wetenschappelijk te bewijzen, zelfs in de wetenschap. Een bewijs is exact en waterdicht. Als iets bewezen is, kunnen we er later nooit meer op terugkomen. Dan staat het vast voor eeuwig en altijd. Bewijzen zijn eigenlijk alleen maar weggelegd voor de wiskunde. En voor die natuurwetenschappelijke vakken die doordrenkt zijn van de wiskunde.

Dat zijn natuurkunde, sterrenkunde en een gedeelte van de scheikunde. De wiskunde stelt deze disciplines in staat om abstracties en generalisaties in te voeren.

Het is juist het abstracte denken dat in het huidige onderwijs grotendeels is verlaten. Alles moet concreet zijn. Abstracte problemen worden als veel te ingewikkeld gezien. Dat X plus X gelijk is aan tweemaal X mag blijkbaar niet uitgelegd worden zonder dat de variabele X iets concreets voorstelt. Een lengte, een gewicht, of een oppervlak. Terwijl deze gelijkheid juist geldt, ongeacht wat X voorstelt.

Deze drang naar concreetheid zorgt ook voor de verering van het plaatje en de opkomst van de beeldcultuur. Een plaatje zegt meer dan duizend woorden. Een tekst zonder plaatjes wordt al snel als saai of moeilijk ervaren. Op de kaft van oude boeken stond vaak: verluchtigd met plaatjes.

De beeldcultuur is ook doorgedrongen tot delen van de wetenschap. Sla maar een recente uitgave van wetenschappelijke tijdschriften als Nature of Science op. Het zijn plaatjesboeken. Met, toegegeven, werkelijk prachtige afbeeldingen. Veelal in kleur. De auteurs hebben duidelijk een groot gedeelte van hun tijd besteed aan het maken van deze plaatjes. Grafieken zijn overdreven ingekleurd en verfraaid opdat het net plaatjes lijken.

Je zult in die tijdschriften heel weinig wiskundige formules tegenkomen. Artikelen met iets teveel wiskunde worden geweigerd. Anders zouden die wetenschappelijke tijdschriften alleen maar leesbaar zijn voor wetenschappers. Terwijl ze nu vooral door invloedrijke leken worden gelezen.

De plaatjestijdschriften zijn geschikt om te rapporteren over wetenschappen die nog niet aan wiskundige formules zijn toegekomen. Zoals biologie en medicijnen. Voor vakken als natuurkunde geldt dat een formule meer zegt dan duizend plaatjes.

Als op middelbare scholen een vak als natuurwetenschappen wordt ingevoerd, rijst meteen de vraag: plaatjes of formules? Biologie of natuurkunde?

Een bioloog zal voor plaatjes zijn. Een natuurkundige voor formules. En de leerling en leraren zijn waarschijnlijk ook voor plaatjes. Onderwijsdeskundigen weten niet eens dat formules bestaan.

Ik zou het advies van wiskundigen vragen. Zonder wiskunde geen natuurwetenschap. Ik weet zeker dat zij voor formules zullen kiezen. Gelukkig maar. Leerlingen zullen dan leren wat een echt wetenschappelijk bewijs is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden