Duizelingwekkende grooves ****

Beweeglijk kwartet dat danst over genres en ruimte overlaat voor improvisatie.

Altsaxofonist Rudresh Mahanthappa is het prototype jazzmuzikant van nu. Buiten een weerzinwekkende beheersing van zijn instrument, zoekt hij opzichtig de interactie met andere genres, een eigenschap die in de huidige jazzstatuten lijkt te zijn opgenomen. Hij kopieert en citeert graag of wroet zich vanuit de jazztaal in andere idiomen. In de Tilburgse Paradox horen we zelfs Indiaas getinte drum-'n-bass.


Vooral de Indiase muziek speelt een voorname rol in Mahanthappa's vocabulaire. De Amerikaan zweerde de voor zich sprekende flirt (zijn roots liggen in India) lang af, maar na de samenwerking met saxgoeroe Kadri Gopalnath in 2005 is de Karnatische muziek een wezenlijk onderdeel van zijn spel.


De gecompliceerde ritmische patronen (tala's) en vooral de microtonen, waarvoor de altsaxofoon niet is ontworpen, kun je met veel oefening van ademhaling, lipspanning en vingerzettingen wel degelijk produceren op het westerse instrument, zo leerde hij. Het was een openbaring voor de jonge jazzmuzikant die vanaf dat moment de Indiase jazzversmelting elk jaar dieper heeft uitgewerkt.


Nieuwste project is Gamak, genoemd naar het voor Indiase muziek typische gamakaversiersel, dat klinkt alsof je een noot oppakt en goed door elkaar schudt. Hierin heeft Mahanthappa een perfecte match gevonden met gitarist David Fiuzynski. Vooral met de fretloze nek van zijn dubbele gitaar imiteert hij de gamakas met verve. Met je ogen dicht luister je naar een sitar.


Hun samenspel baart opzien. In de duizelingwekkende grooves weten zij hun van tempo wisselende ritmische cyclussen unisono te spelen. Deze wederzijdse bekrachtiging leidt tot karnatische jazzmelodieën die in de fusionmuziekgeschiedenis zelden zo overtuigend hebben geklonken.


Het is een beweeglijk kwartet dat in uitgeschreven composities danst over genres als ook funk en rock en veel ruimte overlaat voor improvisatie. Fiuzynski heeft de meeste vrijheid en laat horen dat slide guitar blues en Indiase muziek verdomd veel met elkaar gemeen hebben. Beide zweven over en tussen het statische westerse toonstelsel. Mooi zijn ook de vraag-antwoordspellen van drummer Dan Weiss en bassist François Moutin waarbij zij elkaar uitkleden in een improvisatie rond een tala.


Toch krijg je na zo veel bewondering en verwondering over de immense muzikale capaciteiten van Gamak ook wel eens de behoefte aan een greintje nuance. Even een teugelloze, mooie noot, zonder permanente fusionfocus. Mahanthappa blaast vrijwel continu met eenzelfde zeurend timbre van gelijk volume. Dat doet hij met een oorspronkelijk karakter, maar het blijft zo ongrijpbaar en een beetje kil ook. Verliefd worden lukt je niet, daarvoor is hij te veel op de muziek gericht en geeft hij zich niet genoeg bloot.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden