Duitse reddingswerkers kunnen langdurig verblijf in Noordzee niet hebben overleefd Zoeken naar twee drenkelingen gestaakt

Tot in de vroege dinsdagmiddag koesterden de vrijwilligers van de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij (KNRM) nog enige hoop dat hun twee Duitse collega's levend uit de Noordzee konden worden opgevist....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

Bij het vallen van de avond is het zoeken gestaakt, en het zal vandaag niet worden hervat. Er is geen hoop meer dat de twee hun lange verblijf in het water hebben overleefd, aldus de kustwacht in IJmuiden.

De overlevingspakken die de twee Duitse reddingswerkers droegen, houden een lichaam vijf tot twaalf uur op temperatuur. Langer wordt uitgesloten geacht. Bovendien, zo was de vrees, waren de twee in de brandingszone terechtgekomen, waar de golven kort zijn en drenkelingen vrijwel permanent onder water worden gewerkt.

De twee Duitsers waren te water geraakt bij een poging om de Nederlandse reddingsboot De Gebroeders Luden bij te staan. De Gebroeders Luden, op weg naar huis in Lauwersoog, was in de problemen gekomen nadat het bemanningslid J. Westenberg (47) overboord was geslagen bij het vastmaken van een zogenoemde sleepzak, die nodig is om het spoor van de boot recht te houden bij brekende golven.

Die brekende golven waren een gevolg van de hevige storm die het afgelopen weekeinde op de Noordzee woedde. De golven bereikten ongekende hoogten, soms tot zestien meter.

In die vliegende storm, waarbij nabij het zuidelijke deel van de Texelse kust een snelheid van 120 kilometer per uur werd gemeten, raakten minstens vijf schepen in moeilijkheden. Een ervan, de met marmer geladen Noorse vrachtboot Linito, is maandag aan het eind van de middag gestrand op ruim vijf kilometer van Texel. De kustvaarder kapseisde maandagochtend en driftte in de loop van de dag met de kiel omhoog verder.

De vijf opvarenden waren toen al in veiligheid gebracht. Zij waren op veertig kilometer ten noordwesten van Vlieland uit hun reddingsvlotten opgepikt door de Zweedse tanker Ekfors.

Een ander schip in moeilijkheden was de met aluminium geladen Turkse vrachtvaarder Nova 1, waarvan de stuurinrichting defect raakte. De kapitein weigerde hulp. Pas toen het schip de kust van Ameland tot op twee kilometer was genaderd, mocht de zeesleper Smit Lloyd 32 een sleeplijn overbrengen om de boot naar de Eemshaven te brengen.

Op het moment dat de pompen van de Nova 1 uitvielen, leek het schip alsnog te vergaan. Er kwamen drie reddingboten, waaronder De Gebroeders Luden, en een helikopter in actie om de twaalf bemanningsleden indien nodig in veiligheid te brengen. Dat bleek uiteindelijk niet nodig.

Nadat de Nova 1 was afgeleverd bij de Eemshaven, raakte De Gebroeders Luden ten noordwesten van Schiermonnikoog zelf in de problemen. De schipper kreeg te maken met zes meter hoge brekende golven, waardoor hij het schip niet meer op koers kon houden. Vrijwilliger Westerberg ging naar het achterdek om de sleepzak aan het schip te bevestigen. Hij werd verrast door een golf die hem in het water smeet.

Westerberg werd tweeëneenhalf uur later opgepikt door een helikopter van de marineluchtvaartdienst. Met onderkoelingsverschijnselen en een gebroken pols werd hij overgebracht naar het Medisch Centrum Leeuwarden.

Degenen die zochten naar Westenberg moesten hun aandacht ook richten op de twee Duitse reddingswerkers van de Alfred Krupp, die De Gebroeders Luden te hulp was gekomen. Toen de voortstuwing van de Alfred Krupp haperde, sloegen twee bemanningsleden overboord.

KNRM-medewerker Kees Brinkman: 'We werken in het Waddengebied nauw met de Duitsers samen. De Nederlanders varen met zo'n zestig boten langs de kust tussen België en Duitsland.

'Alleen op de vijftien snelle boten, die zo'n 65 kilometer per uur kunnen varen, is de schipper in loondienst. Op de zeven iets minder snelle boten, als De Gebroeders Luden, is dat al niet meer het geval.'

Volgens Brinkman valt de Duitsers geen mindere ervaring of scholing te verwijten. 'Zij hebben ongeveer dezelfde organisatie als wij. Je kunt er dus van uitgaan dat zij ook de zelfde bekwaamheden hebben.'

De medewerkers van de KNRM moeten in de allereerste plaats voldoen aan de eis dat zij tien minuten na het alarmsignaal aan boord van de reddingsboot kunnen zijn. Nautische ervaring is gewenst, maar niet vereist. Wel zijn veel van de vrijwilligers voormalige zeelieden.

Gebruikelijk is dat belangstellenden zich melden bij de kapitein van een reddingsboot. Vervolgens varen zij een keer mee, zodat de schipper kan zien of zijn karakter en fysiek geschikt zijn voor het werk. Bij een positieve beoordeling krijgt de aspirant-redder een proeftijd van een jaar. Aan het eind van de proeftijd volgt hij een week lang een cursus in Schotland.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden