Duits verzet past op één verdieping

Het Bendlerblock in Berlijn herbergt het Duitse verzetsmuseum. Vijftig jaar geleden werd in dit vroegere hoofdkwartier van de Wehrmacht een aanslag op Hitler gepleegd door kolonel Claus Schenk graaf von Stauffenberg samen met enkele mede-officieren....

ROLF BOS

ERLIJN, ten zuiden van de Tiergarten. Een rondgang over enkele vierkante kilometers sombere herinneringen aan de Duitse geschiedenis. Een zuil doet grotesk kond van de laatste militaire overwinning van Duitsland, in de vorige eeuw op Frankrijk en het nietige Denemarken. Om de hoek ligt een steen die herinnert aan de slachtoffers van Stalin. Even verderop staat, aan het begin van de Kurfürstendamm, nabij Bahnhof Wittenbergplatz, een bord met de namen van tien concentratiekampen uit de nazi-tijd: 'Orte des Schreckens.'

Een paar honderd meter verder begroet warenhuis KaDeWe zijn Russische klanten en speelt de film Die Nackte Kanone, Naked Gun 1/33. Het Freie Theateranstalten Berlin maakt reclame voor het stuk Ich bin's nicht, Adolf Hitler ist es gewesen. Een eindje terug naar het noorden vinden we het Landwehrkanal, waarin ooit het lichaam van de vermoorde Rosa Luxemburg werd geworpen.

Tweehonderd meter naar het noordoosten staat het Sovjet-monument uit 1945, met uitzicht op de Reichstag, het gebouw dat in de nazi-tijd zo'n verdachte rol mocht spelen, met een al dan niet pyromane Nederlander in een voorname bijrol. Op het stuk niemandsland Potsdamerplatz, ooit het drukste plein van de wereld, draaien de kranen en is niets meer te zien van een Muur. Projectontwikkelaars maken hun plannen bekend op grote borden.

Nabij Checkpoint Charlie herinnert alleen nog een bord met de tekst You Are Leaving The American Sector aan de scheiding tussen oost en west. Oriëntaalse handelaren hebben de plaats ingenomen van de grenswachten: ze verkopen militaire prullaria uit de voormalige Sovjet-Unie en speelgoed-Trabantjes, made in China.

Verderop bleef een stuk Muur intact, de grijze bakstenen worden tegen hakkende muurspechten beschermd door een hekwerk. Schuin erachter de Topographie des Terrors, het stuk land waarop ooit, aan de Prinz Albrechtstrasse 8 het hoofdkwartier van de Gestapo stond. Later vonden de beulen van de SD er ook onderdak. Het beruchte gebouw werd aan het eind van de oorlog kapotgeschoten. Op het braakliggende land is nu een Gedenk- und Lernort ingericht.

Berlin. An jeder Ecke klebt irgendein Dreck, op elke hoek ligt hier wel wat stront, zegt de sardonische Berlijner niet zonder reden. En als er al ergens een lichtpuntje in de donkere geschiedenis van de voormalige en toekomstige Duitse hoofdstad is te vinden, dan is het omstreden. Ingeklemd tussen Landwehrkanal, Potsdamerplatz en Tiergarten ligt het Bendlerblock, het vroegere hoofdkwartier van de Wehrmacht, waar precies vijftig jaar geleden kolonel Claus Schenk graaf von Stauffenberg samen met enkele mede-officieren een aanslag op Hitler beraamde.

De bom in de Wolfschanze in Oost-Pruisen, daar op 20 juli 1944 geplaatst door Von Stauffenberg, ontplofte keurig op tijd, maar Hitler ontsnapte aan de dood. Von Stauffenberg werd, samen met andere beramers van de Hitler-aanslag, nog diezelfde nacht op de binnenplaats van het Bendlerblock geëxecuteerd. 'Es lebe das heilige Deutschland', zouden zijn laatste woorden voor het vuurpeloton zijn geweest.

Een gedenksteen was sinds 1952 al in het Bendlerblock te vinden, maar pas na 1989 werd op de verdieping waar Von Stauffenberg en zijn mede-officieren de aanslag beraamden, de 'Gedenkstätte Deutscher Widerstand' ingericht. Richard von Weizsäcker, in 1989 nog burgemeester van de stad, was een van de initiatiefnemers. De gedenkplaats is tevens museum, waar een overzicht wordt gegeven van het verzet van de Duitsers tijdens het nazi-regime.

Op de binnenplaats, daar waar Von Stauffenberg en zijn 'Mitverschworene' werden omgebracht, staat een bronzen naakt, met gebonden handen. Ervoor ligt een gedenkplaat, met een verlept bosje bloemen erop. Een ingemetselde muursteen vermeldt de namen van de hoge officieren Ludwig Beck (die zelfmoord mocht plegen), Friedrich Olbricht, Claus Schenk graaf von Stauffenberg, Albrecht Ritter Mertz von Quirnheim en Werner von Haeften.

Het Duitse verzetsmuseum is links op de binnenplaats gevestigd op de tweede verdieping van het Bendlerblock. In het trapportaal, lezen we op de bordjes, huizen onder meer ook een stichting die het Pruisisch kunstbezit beheert, de Pensionskasse des Bewag, het Institut für Bautechnik en, het is een verrassing, een Aids Zentrum.

Het gebouw telt zes verdiepingen, waarvan het museum er een in gebruik heeft. Je zou cynisch kunnen opmerken dat het gehele Duitse verzet uit de jaren '33-'45 precies op één verdieping past. Dit verzetsmuseum is niet alleen gewijd aan de daad van Von Stauffenberg cum suis van juli 1944. In meer dan twintig zalen en kamers wordt een beeld gegeven van het totale Duitse verzet uit de jaren dertig en veertig, van individuele daden, tot aan het groepswerk van Die Weisse Rose en Rote Kapelle.

Het is een stuk geschiedenis dat bij veel niet-Duitsers, maar ook bij de Duitsers zelf, onbekend zal zijn. De meeste Duitsers weten wel wat de datum 20 juli betekent, van de Rote Kapelle zal ook menigeen gehoord hebben, maar het is minder bekend dat er ook binnenlands verzet was van joden, kunstenaars, studenten, arbeidersbeweging en (van een gedeelte) van de kerk.

Het verzetsverhaal wordt verteld aan de hand van meer dan vijfduizend foto's, van de val van de Weimar-republiek tot aan de eerste drukken van Mein Kampf en verkiezingsaffiches van de vele partijen die voor 1933 in Duitsland met elkaar over de straat rolden. Op een affiches van de Duitsnationalisten wordt de beeltenis van Frederik de Grote gebruikt: 'Rettet mir, mein Preussen' De periode 1930-1933 heet in dit volledig correcte museum keurig 'Untergang und Ende'.

Verderop de voormalige kamer van kolonel Von Stauffenberg, compleet met borstbeeld. De zaal ernaast hangt vol met portretten van (al dan niet vermeende) medestanders - militairen èn burgers - van Von Stauffenberg. Het zijn er vele tientallen, die voor het merendeel na de mislukte aanslag op een gruwelijke wijze aan hun eind zijn gekomen. Sommigen eindigden hun leven aan de vleeshaken van de Gestapobeulen in gevangenis Plötzensee of werden er onder de guillotine gelegd. Anderen verdwenen gewoon.

Het hoofdstuk Exil wordt verlucht met een grote muurfoto van een station, met ervoor een levensechte perronklok: het is net geen tien voor elf. Aan de muur een lijst met namen - kunstenaars, politici - die in de jaren dertig Duitsland ontvluchtten. Tucholsky en Brecht behoorden tot diegenen die werden 'ausgebürgert', maar ook de baby Cohen (geboren 1937, 'uitgeburgerd' in 1938). Meer dan een half miljoen Duitsers verlieten in die jaren het vaderland.

Het zijn andere foto's die dit museum, aan de vooravond van de 20 juli-herdenkingen, omstreden maakt. De tentoonstelling werd vijf jaar geleden ingericht door historicus Peter Steinbach, die het overzicht zo breed mogelijk heeft gemaakt. Dus, zou je geneigd zijn met hem te denken, niet alleen aandacht voor Von Stauffenberg, maar ook de verzetsdaden van Wilhelm Pieck en Walter Ulbricht, later hoge DDRautoriteiten, horen daar thuis. Dat die mannen later wat minder wilden deugen, doet daar niets aan af, in de Hitlertijd stonden ze aan de 'goede' kant.

Toch is het de aanwezigheid van deze (pas)foto's, van Ulbricht en Pieck, die in Duitsland tot een controverse hebben geleid. 'Hun tegenstand tot Hitler was uitsluitend gebaseerd op het doel om onder andere vlag en een andere ideologie de mensen te onderdrukken', zei Frans Ludwig graaf von Stauffenberg, de 56jarige zoon van verzetsheld Claus, onlangs in Trouw. 'Mijn vader was geestelijk noch politiek noch historisch een kompaan van Ulbricht.'

Von Stauffenberg jr dreigt de herdenkingsceremonie in het Bendlerblock volgende week, compleet met militair vertoon en toespraken van Kohl en de nieuwe bondspresident Roman Herzog, te boycotten. Hij is niet de enige die dwarsligt. Een voormalige deelgenoot van Von Stauffenbergs verzet, toen een jonge officier, zei onlangs in een Duitse krant: 'Bij deze wijze van verzetsherdenken ontbreekt nog dat men de urn van Honecker in het Bendlerblock in de Stauffenbergstrasse opstelt.'

De controverse wordt in de Duitse pers breed uitgemeten, met het oog op de herdenkingen de komende week. In het stemmige museum zelf is er niets van terug te zien. De presentatie is sober, leerzaam en doeltreffend. Buiten de poorten van het Bendlerblock, aan de ingang bij de Stauffenbergstrasse, maakt een cameraploeg opnamen van het plakaat waarop de geschiedenis van het blok in het kort staat weergegeven. Een magere jongeman vraagt de weg naar het Aids Zentrum.

Gedenkstätte Deutscher Widerstand, Ausstellung Widerstand gegen den Nationalsozialismus. Stauffenbergstrasse 13-14, 1000 Berlijn 30. Openingstijden maandag tot en met vrijdag van 9-18 uur, zaterdag, zondag en feestdagen van 9-13 uur. Telefoon: 030-26.04.22.02.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden