Duister plezier

Eye eert de Russische filmmaker Aleksej Balabanov, die mei dit jaar overleed. Zijn films waren geniaal. En ook best wel raar.

Amputaties. Ontbindende lijken. Verkrachtingen. Pornografie met een Siamese tweeling. Domme, racistische gangsters die elkaar afmaken. Nee, voor fijngevoelige kijkers zijn de films van Aleksej Balabanov beslist niet geschikt. De tegendraadse regisseur, die in mei van dit jaar op 54-jarige leeftijd overleed, heeft een oeuvre nagelaten dat nog steeds het publiek verdeelt.


Balabanov was een genie, oordelen de liefhebbers. Een man met rare ideeën, beweren de tegenstanders. De filmmaker is uitgemaakt voor nationalist. Hij zou de Russen op een voetstuk plaatsen en neerkijken op andere volken. Maar net zo gemakkelijk werd hij van het omgekeerde beschuldigd. Rusland komt er in zijn werk bepaald niet goed vanaf. Afgaand op zijn films is het een door en door corrupt, troosteloos en gewelddadig land, bevolkt door stomdronken criminelen die elkaar voortdurend belazeren.


'Je houdt van mijn films of je haat ze', zei Balabanov er zelf over. 'Er is kennelijk geen tussenweg.' Erg vond hij dat niet. Een film maken waar niemand het over had, die je na het kijken meteen weer kon vergeten, dat zou pas erg zijn. En dus zocht hij doelbewust de controverse op. Zelfs zijn trouwste fans wist hij geregeld op het verkeerde been te zetten, door steeds weer andere stijlen en genres uit te proberen.


Het grote publiek kende Balabanov vooral van Brat (Brother, 1997), een gangsterfilm die zowel in Rusland als daarbuiten mateloos populair was. Ook met de opvolger, Brat 2 (2000), deed Balabanov goede zaken. In beide films speelt de veel te vroeg overleden Sergej Bodrov jr. (hij kwam in 2002 om door een gletsjerlawine) een jonge ex-soldaat die zich opwerkt binnen de Russische maffia. Eigenlijk hoort deze Danila nergens bij. Hij is een eenzame wreker, die zijn belagers telkens te slim af is en à la Taxi Driver voor eigen rechter speelt. Alleen met zijn broer, een oliedomme huurmoordenaar, en met zijn moederland voelt Danila een hechte band.


In Brat en Brat 2 strooide Balabanov met oneliners als 'Russen geven nooit op' en 'Waarheid is de echte macht'. Die laatste slogan belandde later zelfs op de verkiezingsposters van een Russische presidentskandidaat. Vooral vanwege Brat 2, waarin Danila en zijn broer naar Amerika reizen om daar flink wat gangsters neer te knallen, haalde de regisseur zich beschul-digingen van rechts-nationalisme en racisme op de hals. Blijkbaar verwarden zijn critici de denkbeelden van de personages met die van de maker, en waren het overacteren en de bijtende ironie van het scenario hen ontgaan.


Met Brat liet Balabanov zien dat hij zijn hand niet omdraaide voor een populaire, keiharde thriller. De film is nog altijd een hoogtepunt in het genre, vooral vanwege de geestige dialogen en het charisma van Bodrov jr.


Met net zoveel gemak maakte Balabanov eigenzinnige arthousefilms. Kort na Brat volgde Of Freaks and Men, een komisch drama dat zich afspeelt in Sint-Petersburg aan het eind van de 19de eeuw.


In de stijl van de vroege cinema - in sepiatinten en voorzien van tussen-titels - vertelt Of Freaks and Men het verhaal van de begindagen van de pornografie. Twee keurige families raken door de komst van een manipulatieve fotograaf, die schunnige plaatjes maakt van vrouwen die op de billen worden geslagen, volledig ontwricht. Iedereen glijdt af zodra de verdorven fotograaf zich in de buurt vertoont. Een huisvrouw wordt wanhopig verliefd, een Siamese tweeling laat zich als een kermisattractie uitbuiten.


In het grimmige oeuvre van Balabanov verspreidt het kwaad zich altijd als een olievlek. Machtsmisbruik vormt een rode draad: naar beneden trappen op je weg naar boven is dagelijkse kost in het leven van zijn hoofdpersonen. Maar ook de menselijke zwakte staat centraal.


In het fraaie Morphia (2008), gebaseerd op de autobiografische verhalen van schrijver Michail Boelgakov, raakt een talentvolle jonge dokter verslaafd aan morfine. En in het schokkende, briljante drama Cargo 200 (2007) vloeit de illegaal gestookte wodka zo rijkelijk dat de zaken volledig uit de hand lopen.


Cargo 200, vol sadistisch geweld en gesol met lijken, was Balabanovs grootste schandaalfilm. De regisseur kwam nooit meer af van zijn reputatie als provocateur en enfant terrible, al vond hij zelf dat dat wel meeviel. Over zijn bedoelingen wilde hij in interviews nooit uitweiden, waarschijnlijk omdat hij zich vaak verkeerd begrepen voelde. 'Ik maak gewoon films', zei hij. 'Dat is mijn leven, iets anders doe ik niet.'


Het is toepasselijk dat Eye een retrospectief van de ontwrichtende films van Balabanov organiseert in het kader van het tumultueus verlopen Nederland-Ruslandjaar - de ironie daarvan zou de maker zeker bevallen. Maar de discussies over de schokkende scènes, de weinig flatteuze kijk op Rusland en de vermeende politieke ideeën in Balabanovs films vertroebelen het zicht op misschien wel het belangrijkste kenmerk: de uitzonderlijke kwaliteit.


Balabanov was boven alles een meesterlijk filmmaker. Niemand kon het grimmige niemandsland van verlaten industriesteden of vervuilde achterafsteegjes fraaier in beeld brengen. Niemand wist beter een gevoel van bijna ondraaglijke melancholie over te brengen, met Russische popmuziek op de soundtrack en altijd wel ergens een glas wodka in beeld. Weinigen overtroffen zijn gevoel voor ritme en zwarte humor. Het maakt het kijken naar zijn films, hoe duister ook, een groot plezier.


Credit: Retrospectief Aleksej Balabanov, 2 t/m 19/12 in Eye, Amsterdam. Vertoond worden onder meer: Brat, Cargo 200, Of Freaks and Men, Morphia en Me Too.


Extra: The end

Aleksej Balabanov (1959-2013) was een vaste gast op het IFFR, waar bijna al zijn films te zien waren. Begin dit jaar ging op het Rotterdamse filmfestival Me Too in première, een eigenzinnige roadmovie over een wonderlijk gezelschap Russen, op zoek naar geluk. In de film duikt Balabanov helemaal aan het eind zelf op. Hij speelt een filmregisseur die plotseling dood voorover valt. Dat hij ernstig ziek was, wist hij toen al. In Rotterdam verkondigde Balabanov dat Me Too waarschijnlijk zijn laatste film zou zijn, ook al werkte hij nog wel aan nieuwe projecten. Een paar maanden later, in mei, overleed hij aan een hartstilstand.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden