Dubieuze claims na olieramp BP

Honderden frauduleuze claims krijgt olieconcern BP binnen na de olieramp in de Golf van Mexico in 2010. Terug met dat geld, eist het Britse bedrijf.

AMSTERDAM - Het Britse olieconcern BP wordt geplaagd door frauduleuze schadeclaims die zouden zijn veroorzaakt door de olieramp in de Golf van Mexico in 2010, toen het boorplatform Deepwater Horizon explodeerde. Daarbij kwamen vier miljoen olievaten in zee; elf mensen kwamen om en de kust raakte ernstig vervuild.

Door de ramp werden lokale vissers ernstig gedupeerd en raakten duizenden mensen hun huis kwijt. Maar veel bedrijven overdreven hun schadebedrag of claimden niet-geleden verliezen voor ruim een half miljard dollar (bijn 360 miljoen euro), stelt BP op basis van eigen onderzoek. Ook hebben honderden particulieren via fraude of valsheid in geschrifte ten onrechte bedragen geïncasseerd door zich voor te doen als slachtoffer.

In een afgelopen vrijdag ingediende eis bij een districtsrechter in het Amerikaanse New Orleans eist BP een deel van de schadevergoeding terug die eerder is uitgekeerd. De procedure werd een jaar geleden ingezet. Afgelopen januari deed de rechter een tussenvonnis waardoor de kansen voor BP werden vergroot om een deel van het uitgekeerde geld terug te krijgen.

Volgens het olieconcern heeft de bewindvoerder die door de rechter is aangesteld om claims te beoordelen bedrijven te veel ruimte gegeven om hun schade op te blazen. In sommige gevallen eist BP dat bedrag nu dus terug, inclusief rente. Het concern vraagt de rechter de betrokken bedrijven te verbieden hun 'meevallers' uit te geven.

De lijst van frauduleuze claims is lang, zegt hoofdbestuurder Geoff Morrell van BP. Volgens hem is bijvoorbeeld schade uitgekeerd aan een verkoopwinkel van mobiele telefoons die al was afgebrand vóór de ramp met de Deepwater Horizon, en aan een Pontiac-dealer die in werkelijkheid failliet ging omdat General Motors hem geen auto's meer leverde.

Ook claims van bedrijven die op het eerste gezicht niets met de olieramp te maken hadden, zijn door lagere rechters toegekend. Zo claimde een onroerend goedbedrijf in Brandon in Florida, een uur rijden van de kust, een schade van 80 duizend dollar wegens een 'dip' in de vraag naar huizen. In werkelijkheid ontstond die door een huizenbubble in de regio, aldus BP.

Een verkoper van dierenhuiden claimde schade omdat zijn winst na 2010 enorm zou zijn gezakt. Volgens BP kwam dat doordat hij in zijn cijfers van het jaar ervoor de kosten had opgevoerd, en niet de opbrengst. Het verschil is 14 miljoen dollar.

Een bouwbedrijf in het noorden van Alabama, 200 kilometer van de kust, kreeg 9,7 miljoen dollar uitgekeerd terwijl het geen enkele opdracht in de kustregio had uitgevoerd. Ook advocaten claimden dubieuze schadebedragen voor zichzelf: een juristenfirma in Louisiana incasseerde 3,3 miljoen dollar terwijl het in 2010, volgend op de ramp, juist meer winst maakte dan de jaren ervoor.

'Dit is nu eenmaal Louisiana', zegt schade-advocaat Danny Abel in New Orleans tegen persbureau Bloomberg. 'Er is een groot buitenlands bedrijf met diepe zakken waartegen geprocedeerd kan worden, en nu zijn we ineens verbaasd? Kom op, zeg.'

Het aantal particuliere fraudezaken waartegen justitie al optreedt, is volgens BP opgelopen tot 177. Daarbij zou ruim 12 miljoen dollar ten onrechte zijn geclaimd.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden