Dubbel zien

De expositie Portret in portret in Dordrecht legt originele dwarsverbanden in zes eeuwen portretkunst.

BEELDENDE KUNST


In een portret wordt zelden iets aan het toeval overgelaten, schrijft Sabine Craft-Giepmans in de catalogus bij de tentoonstelling Portret in portret in het Dordrechts Museum. Een fotograaf zal niet snel gedachteloos iemand portretteren in een willekeurige omgeving, maar bij schilders zit er nóg een afstandslaag tussen. Er kán geen toeval zijn, elk element in het schilderij is een keuze.


In Dordrecht is nu zo'n 'bij-element' gepromoveerd tot hoofdonderwerp: het portret, meestal portretje, dat ergens bij de hoofdgeportretteerde in het kunstwerk te zien is. Wie staat daarop en waarom? Want dat bijgevalletje zegt áltijd iets over de man of vrouw die centraal is afgebeeld.


Zoals toen koningin Wilhelmina zich liet portretteren met een prachtige jurk en waaier, maar ook met een gravure van Willem van Oranje achter zich. Ze was toen 10 en net koningin, en had besloten zich te laten portretteren als verrassing voor haar moeder. Zo'n Wilhelmus op de achtergrond zegt natuurlijk wat: daar, in die voetsporen moet ik gaan staan.


Charley Toorop schilderde zichzelf in 1950 met achter zich een enorme gebeeldhouwde kop van haar vader Jan en haar zoon Edgar Fernhout daarnaast, ook met schilderspalet: een bevestiging van drie generaties kunstenaarschap.


Frans van Mieris II deed in 1742 iets soortgelijks met zijn vader Willem met in een geschilderd portret op tafel zijn beroemde grootvader Frans I.


En op een portret van een Amsterdamse dame en haar zoontje hangt een half zichtbaar portret aan de muur; er is een gordijntje voor geschoven. Het is haar man: met het gordijn is duidelijk gemaakt dat hij er niet meer is.


Het komt niet vaak voor dat je in één zaal werk ziet hangen van Gerard van Honthorst en Charley Toorop. Of van Thérèse Schwartze en Anton Corbijn. Dat er een concept is gevonden waarmee zes eeuwen portretkunst helder verbonden kunnen worden, maakt de tentoonstelling origineel en een waardevolle aanvulling op een reeks portrettentoonstellingen die de afgelopen decennia in Nederland zijn geweest.


Aan veel van die voorgaande tentoonstellingen heeft één man meegewerkt en meegedacht: Rudi Ekkart, erudiet en machtig speler in het kunsthistorisch veld in Nederland, én portretspecialist. Maar aan deze tentoonstelling deed hij niet mee.


Ekkart nam op 1 november afscheid als directeur van het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie. Om hem te eren, heeft het bureau samen met het Dordrechts Museum en uitgeverij Toth in het geheim deze tentoonstelling gemaakt. In de catalogus hebben negentig kunsthistorici een bijdrage geleverd - een ongewoon groot aantal, waarmee het boek meteen als een soort liber amicorum kan worden beschouwd.


Veel handreikingen om op een nieuwe manier naar oude kunst te kijken, zijn waardevol, maar via deze invalshoek werden wel veel dwarsverbanden mogelijk. Zoals tussen de Britse Laurens Alma Tadema en de Vlaamse Cornelis de Vos, met twee zeer verschillende, maar prachtig gedetailleerde portretten. Alma Tadema van zijn dochter Anna in een Japans aandoende jurk en glanzende schelpenketting, Cornelis de Vos van de koopmansfamilie Reyniers, rijk gekleed met vijf kinderen - meisjes aan mama's zijde, jongens aan vaders kant. In beide schilderijen hangen portretten van (voor)ouders aan de muur, om de familiecontinuïteit te laten zien.


Ook verrassend: Anton Corbijns indringende portret van Miles Davis uit 1985 doet ineens denken aan het Arnolfiniportret van Jan van Eyck (dat er niet te zien is), omdat in zijn ogen de kunstenaar zelf gespiegeld wordt; Corbijn had het alleen niet door toen hij de foto maakte. Het soort toeval dat alleen in foto's kan.


Er zijn portretspecialisten om van te genieten, zoals Frans Hals, Jan Lievens en Jan Veth. En echte droste-effecten: Casparus Morel verbeeldde op een portret van de familie Horstman in 1823 hetzelfde familieportret aan de muur, zodat er een oneindige herhaling wordt gesuggereerd.


We zijn van portretten gaan houden in de afgelopen eeuw. In de 17de eeuw werd het genre niet als hoogste gezien, maar door de aandacht van kenners voor de psychologische kracht en de historische waarde van de geportretteerden en voor de artistieke schoonheid van elk bewust gekozen detail, blijft het vandaag een van de meest geliefde genres. Mede dankzij Rudi Ekkart.


Een cadeautje voor Rudi Ekkart is deze tentoonstelling, bij zijn afscheid als directeur van het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie.


Ekkart was de afgelopen decennia een middenspeler in het kunsthistorische veld in Nederland. Als portretspecialist, als promotor van getalenteerde kunsthistorici, als directeur van het RKD en als initiatiefnemer van het herkomstonderzoek naar de kunst die in de Tweede Wereldoorlog werd geroofd.


De Commissie-Ekkart, van 1997 tot 2004, bezorgde diverse families kunstwerken terug die door de nazi's onrechtmatig uit handen van hun voorouders waren genomen, zoals de erven Goudstikker, Lanz en Koenigs. Kunstwerken van onder anderen Bronzino, Van Dyck, David Teniers, Salomon van Ruisdael, Emmanuel de Witte en Isaac van Ostade werden gerestitueerd.


Diverse Nederlandse musea moesten schilderijen teruggeven aan de erfgenamen, en als er geen erfgenamen meer waren, dan moesten de musea voortaan de herkomstgeschiedenis vermelden bij tentoonstelling.


Ekkart is officieel met pensioen, maar beschouwt zijn afscheid vooral als een mogelijkheid meer onderzoek te gaan doen.


Credit: Portret in portret in de Nederlandse kunst T/m 7/4 in Dordrechts Museum, dordrechtsmuseum.nl


Extra: Cadeautje voor Rudi Ekkart

In 1985 maakte Anton Corbijn dit portret van jazztrompettist Miles Davis in een hotelkamer in Montreal. Er zit een portret-in-portret in, want de fotograaf is gespiegeld te zien in de pupillen van Davis. Daarmee staat het kunstwerk in een traditie van renaissanceschilders die zichzelf in een spiegel op een schilderij afbeeldden. Alleen zag Corbijn de reflectie van zichzelf pas toen hij de foto groot afdrukte.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden