Dronkaard boet in vergeten pareltje

De Barokopera Amsterdam haalt Willibald von Glucks bekeerde dronkaard naar het heden. En naar de geest is dat authentiek.

Een koelbox met bier zal er bij de première in 1760 niet aan te pas zijn gekomen. Net zomin als de knipoog naar Zij gelooft in mij, de hit van André Hazes. En toen Christoph Willibald von Gluck zijn komische operaatje L'ivrogne corrigé voorschotelde aan het Weense publiek, kan hij onmogelijk hebben vermoed dat een van de hoofdpersonen nog eens uit zou barsten in een rauwe rap uit de Parijse banlieu.


Toch laat Barokopera Amsterdam dat allemaal gebeuren in de voorstelling Drank en boete, nota bene onder aanroeping van de historische uitvoeringspraktijk. Onder de titel De bekeerde dronkaard viel het niemendalletje in Nederland ruim een halve eeuw geleden voor het laatst te bewonderen.


Hoewel, niemendalletje. Zelfs in een partituur die is gekrompen tot het vestzakformaat van fluit, hobo, fagot, hoorn en fortepiano, klinkt Glucks talent voor de onderwereldscène door. Het is alsof hij vingeroefeningen deed voor vergelijkbare taferelen in Orfeo ed Euridice, zijn succesopera van enkele jaren later.


Naar de geest is zelfs We are the champions authentiek, dat op de woorden 'laten we drinken' schalt door het Posthuis Theater in Heerenveen. Per slot van rekening zat het 18de-eeuwse genre van de opéra comique vol deuntjes die iedereen kende.


Pareltjes van dit vergeten genre heeft Barokopera Amsterdam al eerder opgepoetst. Voor Drank en boete bracht de club van de Frans-Nederlandse fluitiste Frédérique Chauvet een internationaal leger coproducenten op de been, met aan de Nederlandse kant Opera Zuid.


Even gemengd is de cast. De lotgevallen van Mathurin, het drankorgel dat zijn nichtje Colette wil uithuwelijken aan zijn medezuipschuit Lucas, worden verteld en gezongen in een regenboog aan Frans-Nederlandse en Nederlands-Franse accenten.


Waar mannen het bier laten vloeien, wacht om de hoek al gauw een vrouw. Hier heet de furie Mathurine en met haar plumeau ontketent ze de onvermijdelijke strijd tussen de seksen. Regisseur Alain Patiès plakt op elementen uit musical en vaudeville een clownsneus. Helaas ontketent hij daarmee weinig vaart in het eenvoudige decor van uitklapbare kabinetjes.


De zangers, met voorop de komiek acterende sopraan Marie-Paule Bonnemasson als Mathurine, bloeien vooral op in de onderwereldscène, wanneer Mathurin zijn afstraffing krijgt op muziek met een hoog soortelijk gewicht. Het publiek in Heerenveen schatert vijf kwartier lang gereserveerd. Pas in de finale geeft het zich met ritmisch handgeklap gewonnen.


Gluck: L'ivrogne corrigé. Barokopera Amsterdam o.l.v. Frédérique Chauvet. Heerenveen, Posthuis Theater, 27/1.


Tournee t/m 19/2, barokopera.nl.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden