reportage

Drones en dromen op eigenzinnig Utrechts festival

Het vierdaagse festival Le Guess Who? in Utrecht maakt duidelijk dat de eigenzinnigheid in de popmuziek nog steeds een enorme diversiteit kent.

Sunn O))) trad niet alleen op, maar mocht ook een programma op Le Guess Who? samenstellen. Beeld Hollandse Hoogte

Als een psychedelische Gandalf, compleet met punthoed en beschilderd gezicht, laat één van de flamboyantste halve garen uit de popmuziek zijn muzikale tovenarij horen. Arthur Brown had in 1968 zijn enige wereldhit Fire, met dat overbekende openingszinnetje 'I am the God of hellfire'. Maar Browns reputatie als shock- en progrockpionier levert een volle Helling op tijdens festival Le Guess Who?, dat van donderdag tot en met zondag op verschillende locaties in Utrecht plaatsvond.

Brown is inmiddels 73 en het grijze haar hangt als vitrage van zijn kale kruin. Dat weerhoudt hem er niet van op het podium als een malle te dansen en te springen, te schrijden in een gouden mantel of in een pak van neonverlichting. Met nog steeds die stevige bariton als basis en een bereik en expressie die operatesk aandoen, freewheelt hij door een repertoire waarvan de ambitie een stuk verder reikt dan dat van een doorsneepopliedje.

Beschermheilige

Brown zou de beschermheilige moeten zijn van een festival als Le Guess Who? Een showcase van eenlingen en acts - toen en nu - in de popmuziek die op volstrekt natuurlijke manier hun eigenzinnigheid uitdragen. De Amerikaanse droneband Sunn O))) mocht als onderdeel van het festival een eigen programma samenstellen. Daarin zitten net zo goed de frontale aanvallen van de Zwitserse blackmetalband Bölzer als Julia Holter, wier wazige liedjes baden in blauw licht in de Utrechtse Janskerk. En bij beide acts liep het vol.

Holter vertaalt haar rijk gearrangeerde nummers live naar een viermansbezetting. De betovering komt en gaat als eb en vloed. In de wat stevigere nummers legt Holters aftastende stem het soms af tegen de instrumenten, maar in een softfocusjuweel als Lucette Stranded On The Island neemt ze je als een prevelende slaapwandelaarster mee in een onderstroom van dromerigheid.

Zo'n zelfde, kleinere aanpak heeft ook gitariste Kaki King, die met een onorthodoxe benadering van gitaarspelen en met videoprojecties net iets meer bewondering dan enthousiasme afdwingt.

Het zijn de zachte krachten van Le Guess Who? dit jaar.

De krautrockveteranen van Faust gaan er liever vol in en stapelen lucht-alarms tot een huilend koor, onderstrepen dat met de steady tromslagen als van een slavenschip en lijken aldus de apocalyps aan te kondigen. Angstaanjagend en indrukwekkend.

Duidelijk aan deze editie van het festival is dat de eigenzinnigheid in de popmuziek nog steeds een enorme diversiteit kent. En dat je er, verbazingwekkend genoeg, verwantschappen kunt vinden waar je ze niet meteen verwacht. De opzwepende ritmes van het Orchestre de Poly-Rythmo de Cotonou kun je paren aan die van het Duitse Notwist. Live ontpoppen de indierockers zich tot een danceact die zich bedient van organische middelen. Met drums, gitaar, xylofoon en percussie laten de muzikanten hun grooves uitgroeien tot een tribale vorm van techno tot je je op een danceparty waant.

Dan is er het reünieoptreden van de Belgische ninetiesband Evil Superstars, een van de hoogtepunten op de vrijdag, die op een dwarse en verbeten manier toch pakkende pop weet te maken. De nietsontziende felheid heeft de band weer gemeen met onstuitbare energie van het Amerikaanse Titus Andronicus, de punkneefjes van Bruce Springsteen. Om net zo rauw als melodieus te kunnen opereren, zingen er bij Titus evenveel als dat er gitaar spelen: drie man. Leadzanger Patrick Stickles stuitert over het podium, zingt zich schor, tot hij zijn laatste woorden uitrochelt in liedjes die uit hun voegen barsten van de hooks. Alles bij Titus Andronicus is glorieus gerafeld.

Moeilijke acts

En er zijn meerdere wegen die naar transcendentie leiden. Op de zaterdag speelt de nieuwe jazzgrootheid en tenorsaxofonist Kamasi Washington nagenoeg gelijktijdig met dronedeskundigen Sunn O))). In de grote zaal van TivoliVredenburg heerst bij Washington euforie, opgeroepen door improvisaties en lang aangehouden en door toetsen gedragen akkoorden die een bijna gewijde sfeer oproepen. Terwijl een verdieping hoger bezoekers de fysieke ervaring ondergaan van de diepe dronegeluiden van Sunn O))). In monnikspijen laat de band hun traag grommende gitaarcollages los op de wereld, die onderhuids bij je binnendringen. Verre van traditioneel, maar de band uit Seattle krijgt wel de Ronda helemaal vol.

Dat zag je meer bij 'moeilijke' acts. En daar kwamen ook niet alleen de usual suspects op af. Bij doommetalmannen van Om waren er net zo goed meisjes met knotjes als de zwartleren jackies - bij Holter zowel linnen tasjes als gescheurde spijkerbroeken.

Bovendien was dit jaar zelfs podium de Helling, op 20 minuten loopafstand van epicentrum TivoliVredenburg, prima bezocht. En dat met muziek die je niet dagelijks op de radio hoort. Misschien wel het bewijs dat LGW? een programma neerzet met een prima balans tussen avontuurlijk en publieksvriendelijk. En bovenal het bewijs dat ongebruikelijk en toegankelijk elkaar niet hoeven uit te sluiten.

Bekijk hier het portret van het Canadese kwartet Ought.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden