Dromenland Magonia

Magonia, het speelfilmdebuut van Ineke Smits, toont niet de wereld van de realiteit maar van de fantasie. Alleen: 'Sommige fantasieën kunnen ook beter een fantasie blijven, voordat het een illusie wordt.'..

De wereldpremière van haar speelfilmdebuut Magonia vierde Ineke Smits in Halifax, Canada, en niet op het festival van Toronto waarvoor ze was uitgenodigd. 'Ik kwam dus die bewuste 11e september aangevlogen en we werden naar Halifax gestuurd, waar letterlijk twaalfduizend mensen uit de lucht kwamen vallen. Twee dagen en een nacht werd ik ondergebracht bij iemand van de vrijwillige brandweer. Ze organiseerden een barbecue en gaven me bloemen met kaarten waar 'gefeliciteerd met je wereldpremière' op stond, terwijl die film op hetzelfde moment in Toronto draaide. Een zeer magonische toestand.'

Magonia, dat is het land van de dromen, ergens achter de wolken, waarvan een vader, die in een psychiatrische inrichting allang aan de werkelijkheid onttrokken is, zijn zoon vertelt, terwijl hij een luchtschip bouwt om er ooit heen te varen.

Het eerste deel van de film is opgenomen in Georgië en dat is niet voor niets, net zo min als het vreemd is dat Magonia is opgedragen aan Tato Kotetishvilli (en tevens aan Bert Japin, de vader van schrijver Arthur Japin - maar dat is een ander verhaal). Tato, dat is Georgië en ooit kwam hij uit de lucht vallen in Rotterdam en in het leven van Ineke Smits.

Altijd al had Smits beelden in haar hoofd. Ze studeerde aan de Rotterdamse kunstacademie, leerde schilderen, behaalde het diploma grafisch ontwerper, deed wat met video, maar ze kon haar ei niet kwijt. Ze kwam erachter dat ze eerst de techniek moest leren om van die beelden iets te maken dat ook anderen konden zien.

'Dus' ging ze naar de National Film en Telvision School in Londen. Aan het eind van haar tweede jaar maakte ze een eerste filmpje, Monas Plen, dat vertoond werd op het Rotterdamse filmfestival. Billy Lelyveld, de art director van de film (en ook van Magonia), nam een vriend mee. Een reus van een man, puur natuur, met wat Duitse woorden in zijn onstuimige gebarentaal. Na afloop zei die man: Ich muß mit dir sprechen.

Billy's imponerende vriend heette Tato Kotetishvili en bleek een jonge Georgische filmmaker die in Rotterdam was vanwege zijn bijdrage aan de episodenfilm City Life. Hij had ook zijn twee jaar oudere film Anamia meegenomen. Die werd ook gedraaid en daar moest Ineke Smits natuurlijk heen en na afloop zei ze dat zij hem auch sprechen mußte.

'Dat hebben we gedaan, toen kwam het slotfeest, van het een kwam het ander. We dachten dat het daarna was afgelopen, maar dat was dus niet zo.'

Tato was op dat moment getrouwd met een Oostenrijkse en woonde in Wenen. Op een gegeven moment stond hij met zijn koffer voor Ineke Smits' deur en zei: 'Ich komme hier wohnen'. 'Ist gut', antwoordde zij en acht jaar lang bleven ze bij elkaar.

Een heftige droomrelatie waaraan in mei 1997 opeens een einde kwam. Tato had in Georgië de opnamen voltooid van zijn autobiografische film Nostalgia. Hij had daar ook een alcoholvergiftiging opgelopen en toen hij met het filmmateriaal in Rotterdam was aangekomen, begaf zijn hart het, nog diezelfde dag. Zoals hij ooit was binnengewaaid, verdween hij, een stapel niet gemonteerd filmmateriaal achterlatend.

Smits maakte Nostalgia af, ging alleen verder en vier jaar later was haar eerste speelfilm klaar. Dinsdag kwam ze zelf aangevlogen uit Georgië, waar Magonia vertoond werd op het filmfestival van Tblisi, de stad van Tato en de plaats waar het eerste deel van haar film zich afspeelt.

'Maandag stond ik met zijn broer Guga bij Tato's graf. Guga zei dat Tato in 39 jaar gedaan heeft waar andere mensen 75 jaar over doen. Ik denk nog veel aan hem en mis hem soms heel erg. Hij was zo groot en altijd zo aanwezig. Ik wil Georgië niet kwijt en als ik aan Tato denk, wil ik aan een Tato denken die nog steeds in mij leeft.'

Wie Tato Kotetisvili heeft gekend, zal iets van hem voelen in dat eerste deel, maar Tato is nu zelf in Magonia, het land van de dromen.

Aanvankelijk was het plan voor de film afgewezen door het Filmfonds, omdat de dames en heren die zich erover bogen zich niet konden voorstellen hoe de drie verhalen aan elkaar verbonden konden worden.

Smits ging in beroep en na een lang gesprek, waar ook scenarioschrijver Arthur Japin bij was, zeiden ze: 'doe maar dan'.

Hoewel Magonia vol zit van poëtische teksten, is het geen film van de taal, maar van beelden en associaties. Voor Ineke Smits is film 'het scheppen van een wereld die je op een beeldscherm kunt zien, een metaforische wereld natuurlijk.' Het is niet de wereld van de realiteit maar van de fantasie, die volgens haar iedereen nodig heeft om de realiteit te overleven.

'Fantasie en verlangen, hoop, liggen dicht bij elkaar. Maar de film gaat natuurlijk over meer, bijvoorbeeld over generaties die elkaar opvolgen, verhalen die overgeleverd worden aan een jongere generatie.'

In het tweede deel van de film speelt Linda van Dyck de vrouw van een diplomaat met wie zij ooit getrouwd is om te kunnen reizen. Ze noemt zich dan ook een reizigster en geen toeriste als ze met haar inmiddels uitgebluste man panne krijgt ergens ver weg in Afrika. Daar woont een oude man met zijn zoon, die nog nooit een vrouw 'in het echt' gezien heeft. Even krijgt zij nog het sprankje hoop dat wat ze vroeger had nog niet voorbij is, hoewel ze zich realiseert dat alles waarvan zij vroeger droomde een illusie was.

Niet voor niets zegt zij: Thuis blijven mokken is beter voor je illusies dan ze achterna jagen.

Ineke Smits: 'Tussen werkelijkheid en fantasie blijft een discrepantie zitten, het wrikt, hoewel het een niet zonder het ander kan.'

Fantasie is echter iets anders dan escapisme en verder hoeven dromen hoeven niet altijd mooi te zijn, soms zijn het nachtmerries. 'Sommige fantasieën kunnen ook maar beter fantasie blijven, voordat het een illusie wordt. De vrouw van de brandweerman in Halifax was nooit verder geweest dan Chicago. Ze wil zo graag naar Rome, heeft een irreëel idee van Rome. Maar die mooie droom is misschien alleen maar mooi zolang ze thuis blijft, want wie weet komt ze in Rome de bus uit en wordt ze gelijk beroofd.

'Ik reis zelf veel, ik ga naar Georgië, dat na Tato's dood míjn Georgië is geworden, en naar Parijs, waar mijn huidige vriend woont. Maar ik vind het heerlijk om thuis te komen in Rotterdam en te weten dat mijn poezen er zijn. Bij mij om de hoek, bij de Pauluskerk, daar is de werkelijkheid. Ik ga naar de bioscoop voor een wereld die ik niet ken maar waarin ik een heleboel kan herkennen, daarom hou ik ook van regisseurs die mij die wereld kunnen geven.'

Zoals zij met Magonia haar publiek zo'n wereld wil geven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden