Dromen werden slapeloze nachten

Er moeten momenten zijn geweest dat prins Willem-Alexander zich verheugde op een langdurig verblijf met zijn gezin in een droomvilla op het paradijselijke schiereiland Machangulo. Daar zou hij compleet afgezonderd van de wereld kunnen genieten van 120 meter eigen strand en van zijn huis, dat 3.600 vierkante meter groot mocht worden.

Hij zou daar zijn vrienden met hun gezinnen ontmoeten, zoals de Belgische aristocraat Jean Charles Graaf Ulens de Schooten, de bankiersfamilie Friling en zijn vermogende jeugdvriend Harold Fentener van Vlissingen.

En er zouden nieuwe vrienden bij komen, uit de groep van de 55 gefortuneerde gelijkgestemden, die met hem op Machangulo aan het bouwen waren. Eigenlijk waren ze allemaal op zoek naar privacy, naar een bijzondere, exotische plek. ‘Ik heb het paradijs gevonden’, riep de Zwitser Jens Kothes, na zijn eerste bezoek.

Prins Willem-Alexander tekende op 5 mei 2007 voor twee percelen, en feitelijk voor vier, zo bleek later. Hij tekende ook voor een betere wereld, zei hij later. Hij wilde in Mozambique de lokale, zeer arme, bevolking helpen. Er zouden scholen, waterputten en een ziekenhuis komen. In 2010 zou zijn huis gereedkomen. De eerste paal ging dit najaar in de grond.

Het liep anders. Binnen een half jaar verschrompelde het feestelijke voornemen tot een nachtmerrie. Hij lag er zelfs wakker van, bekende hij onlangs in Mexico-Stad. De villa in Machangulo werd een blok aan zijn been. Gisteren schreef hij in een brief aan minister-president Jan Peter Balkenende dat de aanhoudende publiciteit en de discussie over de villa hem zeer had geraakt. Dit was precies wat Máxima en hij niet wilden.

De ellende voor de prins begon op zaterdag 22 augustus, toen de Volkskrant de oprichting melde van de Stichting Administratiekantoor Machangulo. Hiermee wilde prins Willem-Alexander zijn privéproject ‘op afstand plaatsen’.

Hij droeg zijn aandelen over aan deze op Paleis Noordeinde in Den Haag gevestigde vennootschap. De stichting fungeerde als een stootkussen tegen de onvermijdelijke problemen, aldus woordvoerder Arnold van der Smeede. ‘Projectontwikkeling in Afrika gaat altijd met horten en stoten.’

Wat Van der Smeede daarmee bedoelde, werd snel duidelijk. Een sjoemelende Zuid-Afrikaanse projectontwikkelaar, Dave Dahlmann, had de benen genomen, nadat zijn frauduleuze zakenverleden was uitgelekt.

Zijn bankrekening had hij via zijn dochter laten lopen, en de belastingdienst was naar hem op zoek. Bouwmaterialen waren vier keer in rekening gebracht. Ook was er een architect, John Fleming, met wie de prins direct contact had gehad, die er een puinhoop van had gemaakt.

Een week later bleek dat de lokale bevolking nauwelijks gebaat was bij de ontwikkeling van Machangulo tot jetsetkolonie. De Italiaanse Afrikakenner Alessandra Soresina stelde in een rapport tekorten aan schoon drinkwater vast. Door de projectontwikkelaars toegezegde investeringen in scholen, elektriciteit en gezondheidszorg bleken nauwelijks van de grond te zijn gekomen. En prins Willem-Alexander had dit rapport achtergehouden voor een deel van het stichtingsbestuur.

Wat volgde was het eerste spoedberaad binnen het vastgoedproject Machangulo SA, waar een Argentijnse kennis van prinses Máxima, Alejandro Tawil, de scepter zwaaide. Ook de prins probeerde op zijn manier de schade te beperken. Hij liet twee spoken uit het verleden, Dave Dahlman en John Flemming, weten dat zij zich openlijk moesten distantiëren van het project. Het duo liet geschrokken hun advocaat een brief schrijven waarin stond dat zij nooit met de prins zaken hadden gedaan.

Inmiddels waren er al legio televisieploegen afgereisd naar Machangulo. Een politieagent zei in een van die reportages dat hij was beschoten door de bouwers van het vakantieparadijs. Een dorpeling liet een kogel zien. Een andere eilandbewoner sprak van uitbuiting. De Tweede Kamer werd steeds kritischer. Zelfs coalitiepartijen twijfelden openlijk aan het vastgoedproject.

Ook in de jetsetkolonie zelf groeide de kritiek. Al die commotie, al die verontrustende reportages waarin hun paradijs de hoofdrol speelde, schoten de aanstaande villabewoners in het verkeerde keelgat.

De ‘überklasse’, zoals een betrokkene hen noemde, wilde privacy en rust, en niet wekelijks worden geconfronteerd met problemen rond hun nieuwe vakantiebestemming. ‘Door de aanwezigheid van de prins krijgt het project veel te veel negatieve aandacht’, aldus een Zuid-Afrikaanse zakenman.

Het bestuur van het vastgoedproject besloot dat de communicatie moest worden verbeterd en dat de goede bedoelingen moesten worden verduidelijkt. Zij waren geen neokolonialen, maar moderne zakenlieden met een idealistische missie.

Twee nieuw aangestelde woordvoerders konden echter niet voorkomen dat kort daarop beroering ontstond over de voorzitter van het stichtingsbestuur, Harold Fentener van Vlissingen. Die was ‘geheel onafhankelijk’, maar bleek zelf ook een villa te bouwen. Hetzelfde bestuur had dit een paar maanden eerder nog ontkend.

En nu stapt Willem-Alexander uit het project. Het huis wordt afgebouwd, maar de kroonprins zal zijn paradijs elders zoeken, schreef hij aan Balkenende. De Mozambikanen zullen daar niet onder lijden. ‘Wij zullen onzerzijds in de toekomst onze daadwerkelijke betrokkenheid tonen.’

Verbetering: De Stichting Administratiekantoor Machangulo heeft in augustus 2009 niet ontkend dat voorzitter Harold Fentener van Vlissingen zelf investeerder was in het Afrikaanse vastgoedproject van kroonprins Willem-Alexander (Binnenland, pagina 3, 21 november). De Stichting liet destijds weten ‘geen uitspraken’ te doen over de privébelangen van Fentener.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden