Dromen van mest gewonnen uit je eigen ontlasting

Waternet zuivert slib dat overblijft na reiniging van rioolwater. Maandag kreeg de installatie nieuwe onderdelen. De grootste is 17 meter hoog, 8 meter in doorsnee en 60 ton zwaar.

Eigenlijk was het Waternet niet om het milieu te doen. Het plan om de grootste fosfaatfabriek van Nederland te plaatsen op het waterzuiveringsterrein in het Amsterdamse havengebied, is ontstaan uit praktische overwegingen. De installatie haalt fosfaat uit slib dat achterblijft na reiniging van het Amsterdamse rioolwater. Door menselijke ontlasting is dat rijk aan fosfaat. Door het zuiveringsproces slijt de centrifuge - die het slib droogt voor het naar de afvalverbrander gaat - minder snel. Ook raken leidingen onderweg minder snel verstopt.


Vergelijk het met het voorkómen van nierstenen: goed reinigen bespaart moeite, maar vooral pijn. In dit geval financiële pijn. Jaarlijks wordt door Waternet, dat het water zuivert voor het waterschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV), 400 duizend euro bespraard op onderhoud en het stilleggen van processen. Binnen tien jaar is de installatie van 4 miljoen euro terugverdiend, zegt procestechnoloog Jacqueline de Danschutter. 'Daarna gaat het geld opleveren.'


Maar mogelijk al eerder. Want terwijl Waternet de afgelopen drie jaar met de ene hand werkte aan de fosfaatfabriek, werd met de andere hand gemasseerd in politiek Den Haag. Het restproduct van de fosfaatfabriek is struviet (magnesiumammoniumfosfaat), dat ontstaat nadat lucht en magnesiumchloride in de fosfaatfabriek is toegevoegd aan het slib. Struviet is een goede meststof, maar mag daarvoor niet worden gebruikt omdat het als afvalstof te boek staat. Met dank aan het lobbywerk bij de ministeries van Infrastructuur en Milieu en Economische Zaken komt daarin op 1 januari 2014 verandering. Precies rond de tijd dat de installatie van Waternet is opgestart.


Dat biedt perspectief. De 13 procent fosfaat die de struviet bevat is namelijk een schaars goed dat nu uit Marokkaanse en Chinese mijnen naar Nederland wordt versleept. Met de 1.000 ton struviet (130 ton fosfaat) die de installatie per jaar oplevert, kunnen alle voetbalvelden in Nederland twee keer worden bemest. Het is een fractie van wat er jaarlijks in Nederland nodig is. Omdat voor het einde van de eeuw wereldwijd de fosformijnen zijn uitgeput, is de Amsterdamse installatie een eerste stap op weg naar het dichten van het dreigende gat tussen vraag en aanbod.


Over het spoor

Met ruim een half uur vertraging heeft ProRail maandagochtend om 9.34 uur de stroom van het spoor gehaald. In het Amsterdamse havengebied zijn de reactoren afgeleverd op het terrein van de naast Waternet gelegen afvalverbrander. Drie tanks, die de vorm hebben van omgekeerde petflessen op vier pootjes, moeten over het driedubbele spoor worden gehesen die de terreinen scheiden. De operatie is nodig omdat het convoi exceptionnel niet langs de bij elkaar opgestelde watertanks van Waternet kan manoeuvreren.


Aan beide kanten kranen van meer dan 40 meter hoog. Boven het spoor bungelt al snel de grootste van de drie gevaartes. Beplakt met een woordspeling: 'Fos vaatje'. 17 meter hoog, 8 meter doorsnee, 60 ton. Ernaast een spandoek van de tankbouwer, die nerveus op een van ontlasting zure wind tegen het staal klappert.


Als begin volgend jaar de fabriek in gebruik wordt genomen, is de belangrijkste milieuwinst van de struvietinstallatie de 'pure urine-ingang'. Fosfaat komt via voeding in menselijke ontlasting en daarna in het rioolwater terecht. Door een overschot aan fosfaat in het Nederlandse water gaan algen vissen en waterplanten verdringen. Met de directe ingang in de installatie kunnen festivals en poppodia, die vaak gebruik maken van waterloze urinoirs, hun pure urine afleveren. Zo wordt voorkomen dat fosfaat in het watersysteem vloeit.


Groene keten

De installatie is een extra puzzelstukje in een imposante groene keten op het terrein van Waternet. Van 1 miljoen huishoudens komt het rioolwater binnen. Na zuivering gaat het overgebleven slib naar een grote vergister, waar groen gas ontstaat dat door het naastgelegen tankstation wordt verkocht. Wat overblijft wordt vanaf volgend jaar ontdaan van fosfaat en doorgesluisd naar de centrifuge. Het gedroogde goedje wordt verbrand door de naastgelegen afvalverbrander, die weer warmte en stroom teruglevert aan Waternet om het hele proces draaiende te houden.


Jacqueline de Danschutter straalt als de eerste tank met zijn pootjes op vier betonnen sokkels landt. Behalve met de praktische en financiële voordelen is ze ook blij met het nieuwe, duurzame elementje in de keten.


Als het aan haar ligt wordt de cirkel helemaal rond. 'Het zou toch prachtig zijn als Amsterdammers hun eigen ontlasting terugkrijgen als kunstmest voor hun groentetuin of balkonplantjes.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.