Dromen staat ook voor Oranje vrij

Boven dit artikel staat een prachtige foto van Italiaanse handen die de FIFA Wereldbeker torsen. De verlangende vingers rechts op de foto zijn nog onderweg naar het goud. Ontwaar de landkaart op de trofee, naar een ontwerp van kunstenaar Silvio Gazzaniga uit Milaan.

De bokaal stelt twee mensen voor die de wereld torsen. Je ziet de schittering op de Atlantische Oceaan. Een Italiaanse vinger rust onbewust op Afrika, een vuist van een collega is nog bijna gebald.

Het is hartje zomer. De voetballers dragen korte mouwen. Geen trouwringen. Stoere, Italiaanse armen. De witte vlokken op de achtergrond zijn snippers. Het is confetti die neerdaalt op de wereldkampioen van 9 juli 2006 in Berlijn, die na strafschoppen Frankrijk versloeg. De handen symboliseren ook teamverband.

Het is een foto om bij weg te dromen. Welke handen reiken straks naar het gouden kalf van het WK voetbal, op 11 juli in stadion Soccer City, Johannesburg, midden in de Zuid-Afrikaanse winter? Is dan ergens een geel randje van een Braziliaans shirt te zien, of een rood biesje van Spanje? Of ontwaren we een strookje oranje? En is het dan oranje op donkere armen uit Ivoorkust, of toch op al die verschillende kleuren armen uit Nederland?

Brazilië en Spanje zijn volgens de kenners de topfavorieten. En Oranje dan? Het Nederlands elftal, derde op de wereldranglijst, geldt als outsider, zoals altijd eigenlijk. Niet overdreven kansrijk, niet helemaal kansloos. Alleen als alle radertjes in elkaar grijpen en de machine gaat lopen, kan het teamverband Oranje ver brengen. Bondscoach Bert van Marwijk is al anderhalf jaar bezig met het metselwerk van zijn burcht. Dat gaat hem aardig af. Hij heeft alleen af en toe wat te stellen met Wesley Sneijder, constateert de buitenwacht. Groot ego, lange tenen.

Maar Sneijder voelt zich na een moeilijke fase in zijn privéleven weer tiptop en dat mogen we weten ook. De pagina Privé van De Telegraaf schoof onlangs aan bij een etentje van de tortelduifjes Sneijder en Cabau van Kasbergen in Milaan. Tijdens het eten verlaat casanova Sneijder voor even het restaurant, om terug te keren met alle rozen van de straatverkoper. Kon die tenminste naar huis, want het was koud.

We weten dankzij ‘de bladen’ inmiddels ook dat Sneijder zijn hele familie liet invliegen naar Dubai, waar hij met Inter tegen de jaarwisseling een wedstrijdje moest spelen, dat Wesley zijn Yolanthe ten huwelijk zal vragen en dat zij graag winkelt in Milaan.

We weten inmiddels bijna meer over zijn liefdesgeluk dan over zijn voetbal. Ja, hij is geregeld geblesseerd. Te vaak eigenlijk, voor een speler die bepalend wil zijn. Hij maakt af en toe een mooi doelpunt. Van Sneijder hoeven we ons geen zorgen te maken. Integendeel. Trainer José Mourinho sms’te hem al voor zijn transfer naar Milaan ontelbare keren met de smeekbede of hij alsjeblieft naar Inter wilde komen.

Sneijder vertelde met trots over de aanhankelijkheid van de trainer. Dat was wat anders dan de ondankbaarheid van Real Madrid, dat hem niet eens een basisplaats garandeerde. Sneijder waant zich een ster. Hij hoeft ook niet mee te verdedigen. Hij mág het niet eens van Mourinho.

Wel heeft Sneijder gevraagd om een gesprek, als het Nederlands elftal begin maart weer bij elkaar komt voor een oefenduel met de Amerikanen. Hij vindt dat er te veel wordt gelekt. Zo had columnist annex tv-analyticus Hugo Borst in een hoog oplopend dispuut met Van Marwijk op televisie verteld dat Sneijder het salaris van zichzelf en reservedoelman Velthuizen een keer in het openbaar heeft besproken, bij het buffet. Op zich is dat geen ramp, want ook van de vier ton van Velthuizen kan een mens aardig rondkomen, hoewel het een schijntje is vergeleken bij de acht miljoen van Sneijder.

Niet iedereen schijnt Sneijders praatjes te waarderen. En dat ze naar buiten zijn gekomen, irriteert Sneijder weer. Hij liet lijfblad De Telegraaf afdrukken dat Oranje succes kan vergeten als de pers zich tussen de spelers wringt.

Dit zou allemaal klein bier zijn, als Sneijder geweldig voetbalde. Dan zou je het kunnen scharen onder de nukken van de ster, die zijn gedrag compenseert met hemels spel. Maar zou Sneijder ook al met zichzelf in gesprek zijn geweest? Is hij bijvoorbeeld al eens nagegaan wanneer hij in Oranje voor het laatst een goede wedstrijd voetbalde?

Omdat hij dat door alle beslommeringen misschien is vergeten, hebben we de statistieken van 2009 nagekeken. Thuis tegen Macedonië was hij aardig op dreef. Maar verder? Weinig gespeeld. Geblesseerd. Op de bank gezeten. Uitgevallen. Eén doelpunt gemaakt in een jaar.

Waarom, na een inleiding over een foto van de wereldkampioen, dit hele verhaal over het wel en wee van Wesley Sneijder? Om de simpele reden dat Sneijder een van de weinigen is die het teamverband van Oranje kan verheffen. Sneijder heeft zeldzame kwaliteiten als aangever en afmaker, net als Robben, Van der Vaart en Van Persie. Ze kunnen van een gewoon elftal een winnend elftal maken. Zonder dat soort spelers is het onmogelijk een titel te winnen. Zeker zij moeten goed zijn op het WK.

Maar Van der Vaart is alleen door de blessure van Kaká weer even basisspeler bij Real Madrid.

Robben betreurde de winterstop, want eindelijk was hij weer eens fit en in vorm bij Bayern.

Van Persie is door een zware enkelblessure tot ver in het voorjaar uitgeschakeld.

En Sneijder is dus vooral verliefd. Op zichzelf en op Yolanthe.

Zelfs áls onze beste spelers straks in vorm zijn, is dat nog geen garantie voor succes. Zo eindigde geen enkele Nederlandse voetballer in de top van het klassement bij de voetballer van het jaarverkiezingen. Spanjaarden genoeg in de uitslag. Brazilianen ook. Al jarenlang zien de jury’s Nederlanders over het hoofd en dat ligt niet alleen aan die jury’s.

Toch blijven ‘we’ maar roepen dat we zo goed zijn. Dat is enerzijds de kracht van het Nederlandse voetbal (flair, zelfvertrouwen) en tegelijkertijd de zwakte (zelfoverschatting).

Laten we het elftal doorlopen. De doelman, Stekelenburg, blijft behoorlijk achter bij de afgezwaaide Van der Sar, die meestal een van de uitblinkers was tijdens de toernooien. In de laatste Sportweek zegt Stekelenburg, die vorig seizoen een tijd reserve was bij Ajax: ‘Ik ben nog steeds niet blij dat Van Basten me passeerde, maar het heeft wel zijn waarde gehad. Je komt terug op aarde. Dat is wel eens goed.’ Je vraagt je af wat Stekelenburg op enig moment heeft doen besluiten de aarde te verlaten.

Kritiek op Oranje spitst zich ook vaak toe op het verdedigingscentrum, dat dan wijst op eminente rapportcijfers: bijna nooit doelpunten tegen. Maar de zwakte is niet makkelijk in cijfers uit te drukken. Nederland speelde zijn beste toernooivoetbal met inschuivende centrale verdedigers: Haan, Krol, Rijkaard, Ronald Koeman of Frank de Boer. Dat kunnen of durven Ooijer en Mathijsen niet of nauwelijks. Heitinga, de laatste tijd invaller voor de geblesseerde Ooijer, kan dat wel behoorlijk, maar die is weer minder als verdediger.

Verder heeft Nederland best een aardig elftal. Het defensieve blok op het middenveld met Van Bommel en De Jong is zelfs van internationale klasse. Als de heren hun agressiviteit weten te beteugelen, zijn ze een steun voor alle aanvallende pionnen, waarmee het dus alles of niets is, ook al omdat de beoogde centrumspitsen, Kuijt en Huntelaar, allebei niet onomstreden zijn. De een, Kuijt, is bij zijn club geen echte spits meer, de ander is altijd reserve bij AC Milan. Hiërarchie in de groep ontbreekt sowieso. Seedorf zou de natuurlijke leider kunnen zijn, zelfs zonder veel speelminuten te maken, maar Van Marwijk negeert hem simpelweg.

Toch is Van Marwijk de ideale trainer voor deze groep. Hij is minder dwingend dan Van Gaal, minder wantrouwig dan Advocaat en minder in zichzelf gekeerd dan Van Basten. Hij heeft zich bovendien omringd met twee van de meest gelouterde assistenten, Cocu en Frank de Boer, die weten wat het is om toernooien te spelen en die weten hoe knullige uitschakeling aanvoelt.

Van Marwijk borduurde voort op het werk van Van Basten en heeft accenten geplaatst. Hij hamert vooral op een mentaal aspect: een slechte dag overleven, niet meteen verliezen in de knock-outfase, zoals de laatste twee toernooien gebeurde, tegen Portugal en Rusland.

Of dat lukt? De kans dat Nederland op 11 juli de finale speelt, is niet al te groot. Maar dromen over armen uit Nederland die reiken naar de gouden trofee, staat vrij.

De wereldbeker, in de hoogte gehouden door Italiaanse voetballers na de winst van het WK van 2006 in Duitsland. (Reuters)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.