Nieuws

Drijvende vogelverschrikker met grote ogen moet zeevogels redden

Twee ronddraaiende ‘ogen’ op een boei kunnen wellicht voorkomen dat tienduizenden zeevogels terechtkomen in visnetten. Jaarlijks sterven wereldwijd zo’n 400 duizend zeevogels als ‘bijvangst’. De drijvende vogelverschrikker kan dit aantal met 20 tot 30 procent verminderen, volgens de makers.

De ogen van de drijvende vogelverschrikker draaien rond onder invloed van de wind.  Beeld Andres Kalames
De ogen van de drijvende vogelverschrikker draaien rond onder invloed van de wind.Beeld Andres Kalames

De boei is ontworpen en getest door de Britse en de Estlandse vogelbescherming in samenwerking met Fishtek Marine, een bedrijf dat apparatuur ontwikkelt voor de visserij. Ze publiceerden hun resultaten afgelopen week in het tijdschrift Royal Society Open Science.

Tot nu toe zijn oplossingen onder water, zoals led-verlichting, weinig effectief gebleken om zeevogels uit de buurt te houden van visnetten.

De zogeheten ‘staand want’-visserij is een van de grootste veroorzakers van bijvangst van zeevogels. Een staand want is een lang verticaal visnet dat op één plek blijft hangen en alles vangt wat met kieuwen, snavel, poot of vleugel in het net verstrikt raakt. Zeevogels jagen op vis en op schaal- en schelpdieren, maar als ze een hapje in de buurt van een visnet op het oog hebben, duiken ze hun eigen dood tegemoet.

Het prototype van de afschrikwekkende boei is goed zichtbaar voor zeevogels en makkelijk in gebruik te nemen door de visserij. De ogen staan op paneeltjes van 20 centimeter groot, waardoor ze op 50 meter afstand zichtbaar zijn voor de vogels. De afstand is gebaseerd op de bekwaamheid van duikers zoals zeekoeten en alken. Deze zeevogels leggen tijdens hun duik vrijwel nooit een grotere horizontale afstand af dan 50 meter. Het formaat oog is aan de ene kant van het paneeltje iets groter dan aan de andere kant, waardoor het, dankzij het ronddraaien, lijkt alsof er een roofdier opdoemt.

Oostzee

De onderzoekers testten de nieuwe vogelverschrikker gedurende 62 dagen in de Oostzee bij Estland. Daar sterven jaarlijks zo’n 76 duizend zeevogels als bijvangst. In het testgebied waar zich drie boeien met bewegende ogen bevonden, telden de onderzoekers 20 tot 30 procent minder zeevogels dan in het controlegebied met gewone boeien, die vissers normaliter gebruiken om hun visnetten mee te markeren. Het lijkt er wel op dat de zeevogels na twee tot drie weken enigszins gewend raken aan de starende ogen, waardoor het afschrikwekkende effect kan verminderen.

Mardik Leopold, marien bioloog aan de Universiteit Wageningen, vindt de boei een veelbelovend ontwerp. ‘Deze oplossing staart je in het gezicht. Het is eigenlijk gek dat dit niet eerder is bedacht, want we weten al langer dat ogen dieren kunnen afschrikken’.

Volgens Leopold kan de drijvende vogelverschrikker ook in Nederland uitkomst bieden. ‘Langs de Afsluitdijk zou een goede testbaan zijn. En het principe is breder toepasbaar: wat dacht je van windmolens met een paar ogen erop? Dat redt waarschijnlijk een heleboel vogels die anders tegen de molens aanvliegen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden