Dribbelkoning

Arjen Robben (30) vliegt door het WK. Van een beetje pielen is zijn spel geëvolueerd tot het Grote Pielen. Op de dag voor de achtste finale tegen Mexico een verhaal over een aanvaller in de vorm van zijn leven, aan de hand van drie karakteristieke dribbels.

In het land van Garrincha, in veler ogen de beste pingelaar uit de geschiedenis, bloeit de dribbel op, met Messi, Neymar en Robben als opperpingelaars. Uit de pijplijn van efficiëntie van het Nederlands elftal stroomt oranje fantasie. Van Persie en Depay imponeren in naam van Nederland op de Braziliaanse velden, maar de voetbalwereld praat vooral over de krachtdribbels van Arjen Robben. Ze zijn direct en hij zoekt de kortste weg naar het doel. Net als vroeger als kind.


Ricardo Moniz, volgeling van goeroe Wiel Coerver zaliger, was jarenlang techniektrainer, onder meer bij PSV, HSV en Tottenham. Hij is onlangs aangesteld als trainer van 1860 München, in de stad van Robben dus. Hij zegt: 'Arjen Robben beheerst de verticale dribbel. Via hem krijgen we ons respect in de voetbalwereld terug. Dat verdient navolging. Zonder dribbelaars is er weinig aan, aan voetbal.'


Uitgerekend in Brazilië glorieert Robben, dromend van de wereldtitel. Zijn spel verheft zich in zekere zin boven het tactische gepraat over systemen. Simpel gesteld, om het belang van de bondscoach enigszins te relativeren: Van Gaal kan zonder Robben vermoedelijk geen wereldkampioen worden. Robben zou dat wel kunnen zonder Van Gaal, hetgeen hij in 2010 onder Van Marwijk bijna bewees. Destijds liep hij rond met een behoorlijk gat in zijn hamstring, nu is hij topfit. Dat is de bonus voor Van Gaal.


Op het pleintje in Bedum wilde de jonge voetballer Arjen altijd Romario zijn, ook een Braziliaan. En al in 2003 zei Wiel Coerver over Robben, toen Coerver zich opwond over het uitsterven van de pingelaar: 'Dergelijke types laten zich hun acties niet ontnemen en trekken zich niets aan van klootzakken aan de kant die roepen dat ze de bal moeten afspelen.'


Om de droomdribbels van Robben te duiden, keren we voor even terug naar 2004. Robben voetbalt nog bij PSV en staat op het punt voor Chelsea te tekenen. Op weg naar het EK in Portugal werkt hij mee aan een maandelijkse column in de Volkskrant over zijn ontwikkeling als voetballer en mens.


Het eerste deel van de serie heet: een beetje pielen. Hij zegt daarin, over de manier waarop hij passeert: 'Ik heb niet echt een beweging. Het is dreigen, kijken wat de tegenstander doet en dan erlangs. Ik ben behoorlijk snel en met techniek kun je passeren. Ik gebruik wel lichaamsbewegingen om de tegenstander op het verkeerde been te zetten.'


Eigenlijk is sindsdien weinig veranderd. Alleen heeft 'een beetje pielen' zich ontwikkeld tot het Grote Pielen, op het hoogste podium. Hierbij verklaren we Robben aan de hand van drie dribbels, één uit elke groepswedstrijd, met behulp van de computer van voormalig spits Youri Mulder en de kennis van Ricardo Moniz.

Dribbel 1 Spanje - Nederland, doelpunt, 1-5

Youri Mulder is ingelogd op MyScout, een beeldbank voor met name trainers. Hij zoekt de uitverkoren dribbels op. Eerst dus die van Spanje - Nederland, leidend tot het laatste doelpunt tegen de aftredend wereldkampioen. Mulders enthousiasme groeit als de beelden voorbijtrekken. 'Kijk, Robben lijkt hier op een receiver in het american football, die de bal krijgt van de quarterback. Hij staat al met zijn rechterschouder naar het doel toe, ongeveer 20 meter over de middenlijn, op zijn eigen speelhelft.'


Dan komt de pass van Sneijder, na de interceptie van Martins Indi. De pass is perfect. Robben is al vertrokken en eigenlijk is Ramos op dat moment al geklopt. Robben versnelt onderweg en neemt intussen de bal mee.


Met bal is hij sneller dan Ramos zonder bal. Hij raakt de bal zeven keer tot het doelpunt. Eerst een keer met rechts, daarna zes keer met links, waarbij hij helemaal om zijn as draait om Ramos definitief af te schudden. De verdediger rent door naar het doel om te redden wat niet meer te redden valt.


Intussen draait Robben weg van Casillas, waarbij hij de bal éénmaal met de buitenkant meeneemt, om de onderlinge afstand met de doelman iets groter te maken. Bovendien drijft hij de bal zo perfect naar zijn linkerbeen, om de executie te voltooien. Het doelpunt is een perfecte samenballing van kracht, snelheid, coördinatie, techniek en suprematie, en voor Robben zelf bovendien de gedroomde revanche van zijn op de voet van Casillas uiteengespatte WK-droom van 2010.


Moniz is geïmponeerd door de kracht van Robben: 'Er is iets met hem gebeurd. Op 30-jarige leeftijd is zijn fysiek sterker dan ooit. Zelfs bij een dribbel over 50 meter over de verticale lijn houdt hij onderweg zijn kracht en kan hij nog versnellen. Die overcapaciteit had hij nooit eerder. Hij is zo krachtig. Ja, je bent nog steeds bang dat hij iets scheurt onderweg. Hij oogde zo breekbaar vroeger.'


Zo'n dribbel laat tactiek vervagen, oordeelt Moniz. 'Ik maak me zorgen. Dat type speler sterft uit, zeker in Nederland. Jongens mogen niet meer pingelen van hun trainers. We onderschatten de dribbelaar, terwijl zo'n speler je wereldkampioen kan maken. Maar Arjen moet het dan wel tot de finale volhouden.'

Dribbel 2 Australië - Nederland, doelpunt, 0-1.

Blind kopt de bal weg, op eigen speelhelft. Robben benut de eerste stuit en laat de bal langs verdediger Wilkinson vliegen, met een handige lichaamsbeweging. 'Kijk, hij laat de bal gewoon gaan', zegt Mulder. 'Slim, hè, hij is zijn tegenstander meteen kwijt.' Robben is dan pas rond de middellijn. De bal heeft twee keer gestuit voordat hij hem voor het eerst raakt. Nog bijna een half veld is dan te gaan.


Op topsnelheid legt hij vervolgens die afstand af, onderweg de bal bedwingend. Op het dijbeen, dan een keer met rechts, vervolgens drie keer met links. Vijf aanrakingen. Hij wijkt nog een beetje uit naar de linkerflank, om een vanuit het centrum aanstormende verdediger op afstand te houden, en hij schuift de bal diagonaal in het doel.


Moniz: 'Hij moet dit tot de finale volhouden. In verticale lijn naar het doel, daar houd ik van. Wie kan hem dan afstoppen?'

Dribbel 3 Nederland - Chili, dribbel en voorzet voor de 0-2 van Depay

De wedstrijd is bijna afgelopen, Chili is al verslagen en valt illusieloos aan in wat nauwelijks een jacht op 1-1 mag heten. Dan komt die pass van Nigel de Jong op Robben, die vanuit het centrum is vertrokken naar de linkerflank, voor zijn strooptocht over de vijandelijke helft. Mulder kraait van enthousiasme. 'Hij houdt even in en versnelt dan. Omdat hij dat doet, denkt die verdediger dat hij gaat kappen of al voorgeeft. Inhouden en dan weer versnellen, zo deed Cruijff dat ook in de finale van het WK in 1974, toen we die strafschop kregen.'


Robben houdt in feite zelfs twee keer in, heel eventjes maar, voor het eerste en voor het tweede balcontact. Intussen heeft hij al gekeken waar Depay is. Die komt door het centrum aangestormd, bij de tweede paal, en schreeuwt om de bal. De derde aanraking is zijn voorzet op Depay, die scoort.


Moniz: 'Cruijff was nog veel extremer. In zijn dribbels zat veel meer ontspanning. Robben is een beetje voorspelbaar.'


Vragen resteren nu de achtste finales aanbreken en het toernooi in feite opnieuw begint. De belangrijkste vraag is: komen er nieuwe, beslissende dribbels? Wanneer is Arjen Robben moe? Moniz: 'Het zal elke wedstrijd moeilijker worden. Cruijff was geniaal in 1974, maar in de finale had hij geen kracht meer. Maradona kon 20 keer per wedstrijd aanzetten voor zo'n dribbel. Straks zijn de tegenstanders beter en zullen ze Nederland op afstand houden met verdedigend spel. Dan kun je niet gevarieerd genoeg zijn als dribbelaar. Dan zal Arjen zich misschien moeten laten zakken naar het middenveld, om het elftal aan het voetballen te krijgen. Dat deed Cruijff ook. Maar in deze vorm is hij verplicht Nederland bij de laatste vier te schieten.'


Moniz vraagt het Nederlandse voetbal met klem meer Robbens op te leiden, althans, het talent dat elke dag wordt geboren te ontwikkelen tot pingelaars als Robben. Anders is het voetbal volgens hem verloren. 'Dat één keer raken van de bal leren ze vanzelf wel. Alle voetbalbonden, ook de FIFA, ook de nationale bonden, moeten zich realiseren dat Arjen Robben hier op het WK zijn verantwoordelijkheid neemt om de jeugd te inspireren. Dat is moedig van hem.'


In het spelershotel van Oranje aan het strand van Ipanema glimt en glanst Arjen Robben. Nooit oogde hij zo sterk. Hij luistert naar journalisten en beantwoordt hun vragen. Rustig. Met een glimlach. Tot slot van het verhaal mag hij zelf kiezen uit de drie dribbels.


Hij denkt na. Even speelt hij ze razendsnel af in zijn hoofd, terwijl hij lacht. De doelpunten zijn cadeautjes voor het geheugen. Dan geeft hij antwoord, beslist. 'Doe die tegen Spanje maar.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden