Reportage

Drenthe wil af van 'digitaal zandpad'

Langs de deuren voor glasvezel

De markt wil niet, de overheid mag niet. Burgers op het platteland, zoals in Drenthe, proberen nu zelf snel internet aan te leggen. 'Als je afhankelijk bent van een koperdraadje, voel je de pijn.'

Jan van der Linden gaat op bezoek bij eventuele deelnemers aan het initiatief van Sterk Midden Drenthe om een coöperatie op ter richten een eigen glasvezelkabel netwerk uit te rollen. Beeld Harry Cock/De Volkskrant

In zijn woonboerderij net buiten Smilde kijkt Jan van der Linden op de klok. Bijna zeven uur. 'We moeten gaan', zegt hij. Want Van der Linden heeft haast. Op 15 november moet van de 5.500 huishoudens in de gemeente Midden-Drenthe 65 procent getekend hebben voor een glasvezelaansluiting. Anders komt het breedbandnetwerk, waar hij zich al een jaar met vijftig anderen voor inzet, er niet.

'Het is nu of nooit', zegt Van der Linden (53). De 'glasvezel thermometer' op de site van het burgerinitiatief Sterk Midden-Drenthe staat op 53 procent. De eindsprint ingezet. Vrijwilligers gaan al weken van deur tot deur langs de Drentse Hoofdvaart: 18 kilometer tot aan Geeuwenbrug. 'Ik voel me soms net een Jehova's getuige.'

Zijn evangelie: snel internet is noodzakelijk om het platteland leefbaar en economisch bloeiend te houden. Woongenot, bedrijvigheid, onderwijs, zorg op afstand en toerisme worden steeds afhankelijker van een goede internetverbinding. Juist omdat fysieke voorzieningen verdwijnen. 'We zitten in een neerwaartse spiraal.'

In Nederland moeten 220 duizend huishouden (een half miljoen mensen) en 60 duizend bedrijven het stellen zonder snel internet, zeggen Dirk Strijker en Koen Salemink, als hoogleraar en promovendus verbonden aan de Mansholtleerstoel voor Plattelandsontwikkeling aan de Rijksuniversiteit Groningen. 'Zodra je buiten het blauwe bordje komt, heb je een probleem', zegt Salemink. 'In theorie is snel internet een panacee voor veel problemen op het platteland. Maar juist daar is het medicijn niet beschikbaar.'

Campagne

Voor bedrijven als KPN of Ziggo is de aanleg van een netwerk in dunbevolkt buitengebied commercieel niet interessant. En de overheid mag vaak niet bijspringen vanwege strikte Europese mededingingsregels. Kabelaars spannen er zelfs rechtszaken voor aan. Dinsdag werd in de Tweede Kamer een motie aangenomen om lokale overheden 'experimenteer- en regelruimte' te bieden. Maar minister Kamp (VVD) van Economische Zaken benadrukte onlangs dat er rekening gehouden moet worden met 'mogelijke marktverstoring en de belangen van marktpartijen'. En dus komt het aan op de burger.

Die wil in Drenthe graag af van het 'digitale zandpad'. Ruim dertig breedbandinitiatieven telt de provincie, van zeer lokaal (Zaanddörpen op glas) tot gemeente-breed (De Wolden). Sommigen zijn net gestart, anderen zijn al een heel eind op weg. De eerste schop gaat volgende maand in het buitengebied boven Roden de grond.

In Midden-Drenthe is de slag om de Smildes de laatste in een maandenlange campagne. In het buitengebied hoef je mensen niet te overtuigen, is de ervaring van Jan van der Linden. 'Als je afhankelijk bent van een koperdraadje, voel je de pijn.' Digitale televisie is al geen optie. Zelf werkt hij als ICT'er vanuit huis. 'Een videoconferentie met collega's kan ik wel vergeten.'

Dorpskernen

Maar om voldoende aanmeldingen te krijgen, zijn ook adressen in dorpskernen nodig, zoals langs de Hoofdvaart. En die hebben al wel een kabelaansluiting. 'De kabelbedrijven hebben de krenten uit de pap gevist', verzucht Van der Linden. Dus komt het aan op overredingskracht en solidariteit, want glasvezel is vaak een paar euro duurder.

Het eerste adres vanavond is een boerderij langs het kanaal. Bert Knorren runt met zijn vrouw minicamping De Wolvenhoeve. 'Stromend water en draadloos internet, zonder kun je het als campinghouder tegenwoordig wel schudden', zegt hij. Klachten hebben ze nog niet, met hun kabelverbinding. 'Maar je weet niet hoe het in de toekomst wordt.' Bovendien, zegt Knorren: 'Het gaat niet alleen om ons, maar ook om de gemeenschap.' Van der Linden hapt toe. 'Nu kunnen we zaken doen.'

Verderop aan de vaart, bij Anjanet Eising, krijgt Van der Linden een kans voor open doel. 'Mijn internet is waardeloos', zegt ze. 'Soms wordt de verbinding op een avond drie keer verbroken.' Al snel gaan down- en uploadsnelheden over tafel. Van der Linden pakt de inschrijfformulieren erbij. Want de businesscase moet rond: op 15 november wacht de notaris.

Schaal

Het grootste probleem van lokale initiatieven is hun schaal, zeggen Salemink en Strijker. Vaak zijn ze te klein om levensvatbaar te worden. En dan worden ze ook nog gefrustreerd door diezelfde marktpartijen die zelf geen netwerk willen aanleggen. Bij overheidssteun dreigen ze met advocaten. Of ze vijzelen met minimale inspanningen bestaande netwerken op tot de snelheid van maximaal 30 mbit, waardoor overheden initiatieven in dat gebied niet meer mogen ondersteunen. Maar zo'n netwerk is volgens de onderzoekers niet toekomstbesteding. En zo halen ze burgerinitiatieven de wind uit de zeilen, verzucht Van der Linden. 'Mensen zeggen: KPN is hier toch aan het graven? Het is bij de konijnen af.'

'Het klinkt mooi: van onderop', zegt Koen Salemink, 'maar breedband aanleggen is complexe materie.' Elke stap in het lange proces vraagt om nieuwe vaardigheden. 'Echt iets anders dan het dorpshuis runnen', zegt hoogleraar Strijker. In een nieuwe publicatie waarschuwen de onderzoekers zelfs voor een 'volunteer burn-out': opgebrande vrijwilligers.

'Je wordt er helemaal ingezogen', erkent Van der Linden als hij rond half tien weer naar huis rijdt. 'Doodmoe' is hij van al dat campagnevoeren. 'Maar we zijn nu op het punt dat ik zeg: we gaan door tot het bittere einde.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.