Draadloos goud

IN sommige opzichten doet het Internet weleens denken aan de vroege jaren van het Christendom, waarin apostelen en evangelisten met een standvastige glimlach de wereld wilden bekeren tot het nieuwe geloof....

'We waren een handjevol mensen dat geloofde dat het Internet alles zou veranderen', zegt Ronald Brockmann, de nu 25-jarige mede-oprichter van het bedrijf dat onlangs een miljoeneninjectie kreeg van participatiemaatschappijen en rijke particulieren. Er wordt al gesproken over een beursgang.

De drijfveer van de Internet-apostelen was om het wereldwijde web overal ter wereld beschikbaar te maken: op het werk, thuis, in de tuin, op het vliegveld. Conclusie: het Internet moest draadloos. No Wires Needed dus.

Negen studenten en pas afgestudeerden voegden de daad bij het woord en legden ieder een paar duizend gulden in om een bedrijf op te richten.

De club van visionaire en gedreven vrijbuiters is nog nauwelijks de kinderschoenen ontgroeid, maar dat belette investeerders niet om al twee jaar geleden een miljoen gulden in de onderneming te pompen, in ruil voor een kwart van de aandelen.

Inmiddels is dat geld op, uitgegeven aan prototypes en het eerste productiemodel. Twee investeringsmaatschappijen, Gilde IT Fund en Parnib, geven nu ieder bijna twee miljoen gulden aan No Wires Needed. De groep eerste beleggers investeert opnieuw bijna een miljoen.

De negen oprichters hebben straks nog maar 40 procent van de aandelen, maar kunnen wel flink uitbreiden. Met dat geld wordt het tweede product deze maand gelanceerd. Daarmee worden kantoorcomputers binnen een straal van 300 meter draadloos met elkaar verbonden, met een ongekende snelheid van 5,5 megabit per seconde, 600 keer zo veel informatie als bij een gsm-telefoonverbinding.

Draad en draadloos benaderen elkaar daarmee in snelheid en capaciteit, alleen is de computergebruiker verlost van zijn kabelbrij, en kan hij overal neerploffen met zijn apparaat.

Concurrenten bevinden zich vooral in de Verenigde Staten, waar ook een wereldwijde standaard is ontwikkeld voor deze draadloze netwerken. Het Nederlandse bedrijf denkt een voorsprong te hebben, omdat de essentiële functies zijn verankerd in software, in plaats van speciaal ontwikkelde chips zoals bij concurrenten. Indertijd was dat goedkoper, maar nu blijkt het ook veel flexibeler, aldus Brockmann.

Radiotechnologie is op zichzelf stokoud, maar de snelheid en capaciteit worden nog steeds opgevoerd. Bedrijven als No Wires Needed moeten die nieuwe radiosnelheden zo spoedig mogelijk gebruiken in nieuwe producten, en er tegelijkertijd voor zorgen dat pakketten met computergegevens heelhuids en in de juiste volgorde aankomen - in een telefoongesprek is een korte storing geen probleem, maar bij dataverkeer zijn alle gegevens onmisbaar. Ook beveiliging is een vereiste, zodat de buurman niet kan inbreken op het netwerk.

Aanvankelijk konden de typische techneuten het af met zakelijke adviezen van vrienden, maar nu is het tijd voor professionals zoals Hans van der Hoek die jarenlang bij Ericsson werkte.

Zijn voornaamste taak is de teugels aantrekken en concentreren op één doelgroep: kantoornetwerken. 'Er zijn zoveel toepassingen denkbaar dat als je niet oppast straks nergens iets verdient.'

Dat neemt niet weg dat een thuisgebruiker voor vijfduizend gulden een draadloos netwerk kan kopen, een bedrag dat bovendien spoedig zal dalen. De vraag is natuurlijk: wat moet hij ermee, want hij is thuis dan 45 keer sneller dan de snelste Internet-verbinding van de PTT.

De jonge ondernemers moeten lachen, want het is natuurlijk geen dilemma. Door de radio-antennes van hun apparaat anders te richten, kunnen vele kilometers worden overbrugd. Zo kunnen de PTT of kabelmaatschappijen worden omzeild. Een hele nieuwe generatie van Internet-aanbieders kan in dat gat springen. Brockmann: 'Maar dat is wel een kwestie van lange termijn. Drie jaar ofzo.'

Lucas van Grinsven

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.