Downtown Dinner gaat niet om eten - maar waarom wél?

Downtown Dinner mikt vooral op vertedering. Het gaat niet echt om eten of service.

Downtown Dinner. Beeld
Downtown Dinner.Beeld

Een nieuw programmaformat, deze week dagelijks op NPO3: in Downtown Dinner bezoeken drie restaurantkoppels (gastheer en kok) elkaars etablissementen, om die te beoordelen op service en eten. Een combinatie van Bed & Breakfast en Wie is de chef dus, met als verschil dat de deelnemers verstandelijk beperkt zijn. Ze hebben de diagnose autisme, ADHD, downsyndroom of hersenletsel, en werken in speciale restaurants. Extra twist: bij elk diner komt er een BN'er binnengelopen die het geheel nog eens beoordeelt; het cijfer van Edsilia Rombley/ Gerard Joling/ Peter Beense bepaalt uiteindelijk wie er wint.

Na twee afleveringen weet ik nog steeds niet zo goed wat ik nou van dit programma vind.

Voorbeeldformat Bed & Breakfast kent een ingebakken knipoog: die obsessie met suffe details ('Jammer dat de zoutvaatjes verschilden!') wordt ongetwijfeld aangezet in de montage en nodigt uit de ernst van de deelnemers niet serieus te nemen.

In Downtown Dinner zit die knipoog niet. De aandacht voor details zou wel eens bij de beperking van de kandidaten kunnen horen, en daar om lachen is niet grappig. Downtown Dinner mikt dus vooral op vertedering, de BN'ers geven alvast het goede voorbeeld: 'Wat leuk!', roept Edsilia als ze aanschuift, 'Wat ben jij lief zeg!', doet Gerard Joling, 'Ik word hier heel vrolijk van', benadrukt Rob Geus steeds weer. De voice-over noemt deelnemers met het downsyndroom steevast 'vrolijke jongens', de andere kandidaten zijn 'doorzetters' en 'optimisten'.

Vooral de eerste aflevering was zoetsappig: alle restaurants kregen negens, iedereen blij en tevreden - de aflevering van gisteren vond ik al interessanter. Dat kwam vooral door de kandidaten, die zelf prettig kritisch waren. Johan vindt Jerry's appeltaart niet luchtig genoeg waarop Jerry bij een tegenbezoek Johans ham te hard gebakken noemt. Ondertussen blijft Igor, een jongen met de diagnose PDS NOS, onweerstaanbaar sympathiek. De aangeschoven BN'ers herkent hij niet: 'Kunt u mij vertellen waar u bekend van bent?' Daarmee vestigt Igor onbedoeld de aandacht op een zwakke plek van het programma: waarom zou Peter Beense het eten beter kunnen beoordelen dan de deelnemers? Die toevoeging van BN'ers verraadt dat het in Downtown Dinner niet écht om eten of service gaat. Anders was Sergio Herman wel als jurylid gevraagd.

Maar waar gaat het dan wel om, waarom is dit programma gemaakt? De kijker moet er waarschijnlijk een goed gevoel bij krijgen. Daarnaast heeft de publieke omroep de taak de samenleving te representeren, verstandelijk beperkten horen daarbij. Het gevaar van representatiepolitiek is dat het individu wordt teruggebracht tot één eigenschap: kleur, geaardheid, handicap. De titel 'Downtown Diner' is in dit opzicht ongelukkig gekozen: de meeste kandidaten hebben géén downsyndroom, maar worden zo wel onder die noemer geschaard. Wie goed kijkt ziet individuen, mede dankzij keukeninterviewtjes met presentator Johan Eikelboom. Daar had ik er meer van willen zien. Maar dan buiten die keuken. En misschien wel zonder dat eten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden