Door iedereen verlaten

Bijna zeven jaar na de val van Srebrenica zijn veel Dutchbatters nog steeds in de ban van de mislukte missie....

OP EEN KAST in de woning van adjudant Wim Dijkema (53) staat een in legergroen gestoken teddybeer. Hij houdt een welkomstvlaggetje vast met het VN-embleem, dat is omwikkeld door een kluwen prikkeldraad. 'In het voorjaar van 1995 maakte onze 14-jarige zoon dit plaatje, dat hij naar Wim stuurde in Potocari', zegt echtgenote Riena.

Het illustreerde de onmacht van Dutchbat-III, die vastzat in de enclave. 'Begin 1995 was het patroon al duidelijk: de Serviërs konden doen wat ze wilden, en werden niet gecorrigeerd door de VN', zegt Riena.

Wim: 'Toen ik uit Srebrenica terugkwam, wist Riena meer dan ik. Want ik wist niks van genocide, behalve van de tien lijken die langs de oever van een riviertje gezien waren, maar dat is natuurlijk geen genocide. Riena moest me echt overtuigen dat er meer aan de hand was. Ik zei nog: ''Wie is er nu eigenlijk bij geweest?'' Maar zij kreeg gelijk.'

In die tijd vertrouwde hij niemand meer, behalve zijn gezin. 'We voelden ons echt door de hele wereld verlaten.'

Bijna zeven jaar na de val van Srebrenica zijn veel Dutchbatters nog steeds in de ban van de uitzending in 1995. Wim Dijkema heeft veel aan zijn vrouw te danken. Zij begrijpt hem. 'Na terugkomst praatten we als Brugman', zegt Wim. Ook andere Dutchbatters bevestigen dat een liefdevol gezin of een geduldige partner heeft voorkomen dat ze de weg kwijtraakten. Sergeant Sjors van de Laar (45): 'Als je terugkomt van zo'n uitzending, ben je een ander mens. Ik was in mezelf gekeerd, maar mijn vrouw praatte erover. Na een paar dagen begon ik ook te vertellen.'

De grootste problemen doen zich voor als militairen zich isoleren van hun omgeving, zegt kolonel Wil Martens, hoofd van de afdeling individuele hulpverlening (AIH) van de Koninklijke landmacht. 'Van Dutchbat-III heeft 16 procent bij ons voor hulp aangeklopt. Dat is twee keer zoveel als bij eerdere missies, en zelfs vier keer zoveel als onder de militairen die sindsdien zijn uitgezonden. Bij die latere missies waren het mandaat en de bewapening beter.'

Bovendien was het voor Dutchbat-III na terugkomst nog lang niet afgelopen. 'Ze stonden pauzeloos in de schijnwerpers en hun optreden werd voortdurend in een verkeerd daglicht gesteld. Dat komt keihard aan.' Hij kent een Dutchbatter die voorkomt in een van de weinige beelden die zijn gemaakt van de val. Telkens als die beelden op tv worden herhaald, durft die man de volgende dag niet naar zijn werk te gaan. 'Uit angst aangesproken te worden op het feit dat dat hij ''niks gedaan'' heeft. Maar hij is ook bang voor zijn eigen reactie, als hij weer grapjes moet aanhoren over snertsoldaten. Mensen raken daardoor ontregeld.'

De psychische klachten uiten zich in slapeloosheid, geïrriteerdheid, agressiviteit, een permanent gevoel van onveiligheid. Veel mensen die zelf hulp zoeken, hebben volgens Martens aan een paar gesprekken genoeg. Maar soms kunnen de problemen ertoe leiden dat mensen er een eind aan maken. De voorzitter van de militaire vakbond ACOM schat dat vijf tot tien Dutchbatters zelfmoord hebben gepleegd.

Martens kent persoonlijk geen voorbeelden, maar beaamt dat hij niet de hele groep in kaart heeft. Sommigen hebben wellicht elders hulp gezocht. Hij benadrukt dat men de problemen van Dutchbatters niet moet overdrijven. 'Met 90 tot 95 procent van hen gaat het nu goed.'

De meeste Dutchbatters, ongeveer 70 procent, hebben de dienst verlaten, schat Gielt Algra van het Veteraneninstituut in Doorn. De meerderheid verkoos de zogenoemde masculine uniformed jobs, zegt hij, zoals de politie, de beveiligingssector en het gevangeniswezen. Een enkeling ging heel wat anders doen; die opende een groentewinkel of werd schapenboer in Australië.

'De meeste Dutchbatters woonden destijds nog bij hun ouders', zegt Algra. 'Nu zitten ze in de fase van het stichten van een gezin.' De ervaring leert dat 'de echte problemen pas na tien jaar beginnen'. Algra wijst erop dat een op de vier daklozen in Londen veteraan is. 'Dat willen we hier ook onderzoeken. Zo weten we nog maar bar weinig van alcohol- en drugsverslaving onder jonge veteranen.'

In 1996 besloot de landmacht 'terugkomdagen' te organiseren voor alle Dutchbatters (later gebeurde dat in samenwerking met de Bond van Militaire Oorlogsslachtoffers en het Veteraneninstituut). Ze werden onder anderen met Indië-veteranen in contact gebracht. De ervaringen bleken vergelijkbaar; net als de oud-veteranen voelden de Dutchbatters zich in de steek gelaten.

De blauwhelmen bleken vooral te lijden onder de negatieve beeldvorming. Ze voelden zich veronachtzaamd door Defensie. Waarom had die de negatieve berichtgeving niet weersproken? Jos Weerts van het Veteraneninstituut: 'Defensie was te defensief. Die had een actief mediabeleid moeten voeren en de Dutchbatters duidelijk moeten maken dat ze hen niet vergeten waren.'

Ook hadden de soldaten er behoefte aan de gebeurtenissen en hun eigen rol daarin te reconstrueren. Anderen hadden het gevoel dat ze de klus niet hadden afgemaakt. Voor sommigen die in dienst zijn gebleven, hebben nieuwe missies naar Bosnië heilzaam gewerkt. 'Ik heb gezien dat wij hebben bijgedragen aan de wederopbouw', zegt Sjors van de Laar. Een ander: 'Als je terugkeert en een school voor weeskinderen helpt bouwen, doe je echt iets nuttigs.'

Of van het NIOD-rapport ook zo'n heilzame werking zal uitgaan, hangt volgens Martens af van de vraag of het bijdraagt aan het eerherstel van Dutchbat. 'Dat er wordt gezegd: Jullie hebben gedaan wat jullie konden.'

Sjors van de Laar: 'We werkten in een militair bedrijf. We deden precies wat ons werd opgedragen. Als de opdracht was geweest terug te vechten, hadden we dat gedaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden