Door drie tijdzones en zeven staten

De beroemdste en langste trein van de Verenigde Staten is de California Zephyr. Elke middag om vijf over drie begint hij aan een tocht van 3900 kilometer over eindeloze vlaktes, door bergen en zoutwoestijnen....

Twintig Corinthische zuilen schragen het enorme dakgewelf. De muren zijn van Romeins travertijn, de hoge banken van glanzend eikehout. De monumentale wachtruimte vol langzaam wegstervende echo's van Union Station in Chicago, decor van filmscènes die een kijker bijblijven. Hier was, in Peter Weirs Witness, een Amish-jochie getuige van een moord. Een kinderwagen schokte, dramatisch als in Eisensteins Potemkin, van de stenen trappen omlaag toen Eliot Ness (Kevin Costner) in Brian De Palma's The Untouchables in actie wilde komen tegen Capone.

Bijna was het gebouw, als zovele door afnemende reizigersaantallen te ruim geworden Amerikaanse stations, met de grond gelijk gemaakt. Maar het halverwege de jaren tachtig gerestaureerde Union Station is het belangrijkste knooppunt gebleven in het Amerikaanse spoorwegnet. Winkeltjes, een McDonald's vol foto's van een rijk spoorwegverleden. Eén zwerver is aan de aandacht ontsnapt, de overige wachtenden hebben een reisdoel.

De meeste treinen rijden westwaarts: de Hiawatha Service, de Père Marquettee, de Southwest Chief, de Texas Eagle. De beroemdste is de California Zephyr, de langste ook, die elke middag om vijf over drie begint aan een tocht van bijna 3900 kilometer over eindeloze vlaktes, door bergen en zoutwoestijnen. In Chicago bestaat hij nog uit drie treinen. De Pioneer wordt bij Denver losgekoppeld en gaat verder richting Wyoming en Oregon. De Desert Wind haakt bij Salt Lake City af, met bestemming Las Vegas en Los Angeles. De Zephyr zelf bereikt na ruim zeventig uur San Francisco, twee tijdzones verderop.

Amerikaanse treinen maken, voor ze een groot station binnenrijden, een rondje, zodat de locomotief de wagons achteruit naar binnen kan duwen. Reizigers hebben daardoor op de overdekte perrons minder last van lawaai en dieseldampen. De Amtrak-treinen bestaan uit zilverkleurige dubbeldekkers, met boven de zitplaatsen, en beneden de bagageruimtes, toiletten en douches. De buitenkant is gedecoreerd met het rood-wit-blauw van de Amerikaanse vlag. De Zephyr heeft bovendien een panoramarijtuig, dat volstroomt wanneer de trein door de fraaiste stukken van de Rocky Mountains en de Sierra Nevada kruipt.

'All aboard' Treinsteward Bill komt langs wanneer de passagiers zich in de twee- en driepersoonscoupés van 'zijn' rijtuig 0531 hebben geïnstalleerd. Vriendelijk, met de autoriteit van de routinier, legt hij het systeem uit van de seatings in de restauratiewagen. Hij meldt dat de film Blue Sky wordt vertoond. We zullen zeven staten passeren, zo'n tweederde van het Noordamerikaanse continent bereizen. Buiten de coupé moet je schoenen dragen. En, belangrijk: in de trein mag niet worden gerookt. Dat is alleen buiten toegestaan, wanneer de trein stilstaat. Een overtreder krijgt twee waarschuwingen, daarna 'mag hij op de volgende trein gaan staan wachten'.

De coupés liggen aan weerszijden van het gangpad. Later op de avond komt Bill in een handomdraai de stoelen transformeren tot een bed. Daarboven klapt hij een tweede bed omlaag; op de kussens laat hij wat pepermunt achter.

Treinliefhebbers krijgen tranen in de ogen wanneer de recente historie van Amerikaanse spoorwegen ter sprake komt. Wat ooit het grootste netwerk ter wereld was, met legendarische maatschappijen als Union Pacific, de Santa Fé Express en Southern Pacific, dreigde na de Tweede Wereldoorlog te vervallen tot een paar deplorabele lijntjes. De opkomst van de eigen auto en het vliegverkeer hielden de passagier uit de trein. Eind jaren twintig - in het pre T-Ford-tijdperk - reisde 78 procent van de bevolking per spoor, in 1958 was dat nog maar een schamele 4 procent.

Onder Richard Nixon werd in 1970 de integratie bevorderd van alle noodlijdende lokale spoorweglijnen. Daarmee was Amtrak geboren, maar de Amerikaanse treinliefhebber Henry Kisor, wiens Zephyr - Tracking a Dream across America onlangs in vertaling verscheen, zegt dat hij in de jaren zeventig Amtrak zoveel mogelijk meed. 'Ik was dan wel een spoorwegfanaat, maar daarom nog geen masochist.' Hij wilde niet betalen 'voor het privilege het roestende industriële achterwerk van Amerika te aanschouwen door de vieze ramen van een gammel slaaprijtuig, en dat met slecht geluimde bedienden die altijd van de aardbodem leken te verdwijnen wanneer je ze nodig had.'

Pas in de jaren tachtig stapte hij weer in de trein, na positieve verhalen over de nieuwe superliners, de rijtuigen met verdieping. Amtrak lijdt anno 1995 nog stevige verliezen in de forensensector. Daar wordt de dienstregeling uitgehold, soms een lijn opgeheven. Een luxe trein als de Zephyr, die in de zomer altijd is volgeboekt, zal zijn dagelijkse gang van oost naar west - en vice versa - blijven maken.

Na Chicago oneindig laagland met af en toe wat bewoning. In Princeton, Pig Capital of the World, is de Republikeinse Partij opgericht. Galesburg, Illinois, gaat er prat op dat hun Olmstead Ferris er de popcorn uitvond. De aanloop naar de Mississippi, breed en traag. Tot 1868 moest de passagier met de pont naar de overkant, en 's winters te voet over het ijs. Aan de andere kant liggen de eindeloze maïsstoppelvelden van Iowa. Elektrische stormen verlichten de horizon. In het eerste stadje voorbij de rivier staat het vervallen gebouw van de Burlington Embalming and Burial Case Company. Daarnaast: Eat at Joe's.

Omaha, Nebraska, de geboorteplaats van Malcom X, president Ford, Fred Astaire, Henry Ford en Marlon Brando. Bruce Springsteen zingt een triest lied over iemand uit het aan de einder gelegen Lincoln, die op de elektrische stoel eindigt. 'Arm Nebraska', schrijft Kisor. 'Een staat die zo verschrikkelijk saai en plat is dat de enige overgebleven passagierstrein er stiekem doorheen glipt in de kleine uurtjes van de nacht.'

Aan boord van de Zephyr bevindt zich een boeiende dwarsdoorsnede van de bevolking. De man met de cowboyhoed en de laarzen van slangeleer. De oudere hippie met grijze baard en resterende haarslierten in een staart. Het Amish-echtpaar. Hij met donkerblauwe pantalon en dichtgeknoopt vest, zij de hele reis met haar witte kapje op, ook als ze liggend wat probeert te slapen. Latino's, Afro-Amerikanen. Twee vlotte omroepjongens op weg naar een conventie in Las Vegas. Een zwangere vrouw die tijdens haar schommelende gang door de trein met beide handen haar buik ondersteunt.

De oma met borduurraam. De man die hardop klaagt over de nasleep van zijn echtscheiding. De Norman Rockwell-kwajongen met sproeten en een crew-cut. Spoorfanaten met de dienstregeling in het hoofd, verrekijker, camera en een scanner die staat afgestemd op de frequentie van de machinist (het treinpersoneel schijnt een hekel aan ze te hebben). Een van hen heeft zijn verveelde tienerdochter met beugel op sleeptouw. Een stel op huwelijksreis. De gepensioneerde met heimwee. Mensen die bang zijn om te vliegen. Een mopperkont à la Archie Bunker, die bittere monologen afsteekt. Het stel uit een plaatsje in Iowa, dat de reis heeft gewonnen met een spelletje van een radiostation en hand in hand door de trein schuifelt. (Lela, door de wol geverfde barmeid: 'De tweede prijs was zeker twéé treinreizen?')

Amtrak heeft nagedacht over het dienstrooster voor de Zephyr. Laat in de middag weg uit Chicago, 's nachts over de Great Plains van Iowa en Nebraska, de graanschuren van de VS, en de volgende dag bij vol licht hoog door de ongeëvenaard mooie Rocky Mountains. Naar beneden, in het donker door de grote zoutwoestijnen van Utah en Nevada, en dan ontspannen door de Sierra Nevada rollend. Als finale de Baai van San Francisco, die de stralen van de avondzon reflecteert in nijdige golfjes.

In Denver opnieuw een wat langere stop om brandstof en water bij te tanken. Hier vertrekt de Rio Grande Ski Train naar de poedersneeuw in de bergen. De Zephyr moet langzaam naar boven klimmen, de Rocky Mountains in. Op een zijspoor staan goederenwagons met zand om passerende treinen te beschermen tegen helse windvlagen. Ze hebben soms zoveel kracht dat ze in staat zijn een passagierstrein uit de rails te blazen. Wanneer een vallende rots een langs de rails gespannen draad raakt, wordt een waarschuwingssignaal uitgezonden. Personeel gaat met de treinscooter vooruit om te proberen de hindernis van de rails te krijgen. In 1991 ontspoorde een goederentrein door zo'n rotsblok. De resten van de wagons liggen diep in het dal weg te roesten.

Passagiers mogen in tunnels niet tussen de wagons heen en weer lopen. Door het openen van tussendeuren kunnen dieseldampen de coupés bereiken.

De Moffat-tunnel is in 1928 aangelegd. Voor die tijd deed een trein vijf uur over dit stukje, nu minder dan tien minuten. Winter Park, op 2816 meter, is het hoogste punt op de route. Skiërs suizen langs. In Fraser, bijgenaamd 'the Icebox of America', is een houten huis naast de spoorlijn al bijna tot de grond toe afgebrand, terwijl in de verte ladderwagens naderen. In de buurt ligt de Vulcan Mijn, waar een explosie in 1931 37 mijnwerkers het leven kostte. Ondergronds woekert het vuur nog altijd door.

Parallel rijdend met de Interstate 70 passeren we het vlekje No Name. Richting Glenwood Springs, op 1955 kilometer van Chicago, met het grootste minerale openluchtbad ter wereld, en het mondaine Aspen. De opvarenden van een vlot kunnen het niet laten. Zij buigen zich diep voorover om hun ontblote achterwerk te tonen. Bij voorkeur vrouwelijke chauffeurs worden op een verlaten snelweg vanuit het raampje van een passerende auto regelmatig op zulke staaltjes van mooning getrakteerd.

Maaltijden en bediening in de Dining Car zijn in orde. Geen haute cuisine, gewoon Amerikaanse waar voor je geld (maaltijden zijn inbegrepen als je in een sleeper reist). Runderkoteletten au jus, kip met citroen en honing, snapper (vis) met een saus van Californische wijn en kappertjes. Na het diner, maar pas als alles schoon is, laat kok David zijn domein zien, onder in het rijtuig. Twee liften, vier convectorovens, magnetron, grill, vier koelkasten, vrieskisten, afwasmachine. De foto's in Amtrak's Dining Service Chef's Cookbook geven aan hoe hij de gestandaardiseerde gerechten moet laten opdienen. Het is allemaal anders, geworden, uniformer. Tot een jaar geleden kreeg hij de ingrediënten om zelf creaties te verzinnen.

Boven telt Jimmy, de maître d', de opbrengst van die dag na. Er ontspint zich een gesprekje. Jimmy wil als spoorwegman weten of wij in Nederland ook slaapwagons hebben, David - die vanwege zijn huidskleur en een op drift geraakte oogbal enige gelijkenis vertoont met Sammy Davis jr - heeft andere interesses. 'In jullie land is prostitutie legaal, niet? Wat kost het nou zo'n beetje?'

Geen idee. Dertig dollar, veertig?

Godsamme, dat is schrikken. Hij kent adresjes in Chicago waar hij terecht kan voor vijf.

De grens met Utah. Rode, verweerde rotsen. Brokkelige en afgeplatte formaties met hier en daar bizarre uitsteeksels. Gekartelde en gepolijste rotsen. Later gaat hun kleur over in het bruingrijs van olifantshuid. Een vergelijkbare ruige schoonheid tref je aan in de vervallen industriewijken die de trein passeert. Krachteloze monsters van golfplaat, norse kubussen, soms al jaren te koop, dichtgemetselde ramen, werkloze lopende banden, loze overkappingen, verweerde letters, overal roest en modder. Rookloze schoorstenen, het mozaïek van ingegooide ruiten. Alleen het in hoeken bijeengewaaide afval heeft wat kleur.

De afdaling naar Green River, een desolate vlakte waarboven een gelig waas hangt. Thompson (op 2224 kilometer van Chicago), een veertig zielend tellend gehucht, is de enige flagstop op de route. Een halte waar de machinist alleen stopt als een passagier op het perron te kennen geeft dat hij mee wil. In het plaatsje Helper wachten extra locomotieven de goederentreinen op om ze de bergen over te helpen. In de avondzon blokkeert een goederentrein met kapotte locomotief de doorgang. Wij wachten in de 'kuil', jargon voor een zijspoor.

Ten noorden van dit punt in Utah werden in mei 1869 de rails van de Central Pacific en Union Pacific feestelijk aan elkaar geklonken. De eerste transcontinentale spoorwegverbinding was een feit.

Salt Lake City, het Vaticaanstad van de Mormonen. Half twaalf 's avonds, de straten rond het station zijn donker, winderig en verlaten. In de regen wordt de Desert Wind afgehaakt, die zijn tocht voortzet naar Los Angeles. In Lovejock, Nevada, dat vrijwel geheel bestaat uit stacaravans, laat Ron Skinner op affiches weten dat hij de beste man is om sheriff te worden. Aan de hoofdstraat, Broadway Avenue, ligt het benzinestation Two Stiffs Selling Gas. In Winnemucca, genoemd naar de Napoleon van de Paiute-indianen, beroofde Butch Cassidy de lokale bank.

Even verder spoort de Zephyr langs de Mustang Ranch, een beroemd bordeel in de woestijn met het uiterlijk van een kapitale ranch. De routegids van Amtrak noemt het eufemistisch 'a famous institution unique to Nevada'. In Sparks (3481 kilometer) repareert een garagebedrijf ook lekke banden: The World's Best Place to Take A Leak. Richting Reno, Biggest Little City in the World, dat aan alle kanten zijn casino's aanprijst. De wonderschone natuur bij Lake Tahoe. Houten huizen, het zoveelste autokerkhof.

Een grote zwarte locomotief komt de Zephyr over de Sierra Nevada helpen tillen via de spoorbaan die hier door een leger zwoegende Chinezen is aangelegd. Dwars door de sneeuw. Pijnbomen, het gebied waar de pioniersfamilie Donner, in 1846 door de winter overvallen, zich overgaf aan kannibalisme. In januari 1951 raakte hier een passagierstrein dagenlang ingesneeuwd.

De Zephyr heeft inmiddels uren vertraging opgelopen, die begon toen in Utah de goederentrein ons de weg versperde. In het barrijtuig uiten drie bierdrinkers hun onvrede. Lela: 'Die gaan elke zondag naar Reno om te gokken. Stappen platzak weer in de trein. Dan kanker je op alles.'

Langzaam doorsnijdt de Zephyr, ernstig vertraagd door het oponthoud bij Helper, het vriendelijke Californische landschap. Links de eerste transcontinentale autoweg van de VS, die tussen San Francisco en New Jersey, in 1914 in gebruik genomen. Main Street USA lijkt nu nog slechts een smal achteraf-weggetje, nauwelijks breed genoeg om auto's te kunnen laten passeren.

De Saisunbaai over, waar tientallen Amerikaanse marineschepen grijs en verlaten liggen te dobberen: de beroemde mottenballenvloot. Het eindpunt van de Zephyr is Emeryville (kilometer 3865), een voorstadje van Oakland. San Francisco gloort aan de overkant, de shuttle-bus wacht bij het station. Een anti-climax na zo'n treinreis. Gertrude Stein over haar geboorteplaats Oakland: 'Er is geen daar daar.'

Inlichtingen over en kaartverkoop voor treinreizen in de VS: Incento, 02159-48586.

Henry Kisor: De Zephyr - Een treinreis door Amerika (Atlas; 45 gulden; ISBN 90 254 12939).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden