Dood

Soms denk ik aan de tijd dat ik in het ziekenhuis lag. Dat is dezer dagen een jaar geleden. Ik maak het verder goed, dank u....

Martin Bril

De radio herinnert mij ook wel eens aan het ziekenhuis. Weliswaar had ik een televisie boven mijn bed hangen, ik luisterde toch zoveel mogelijk naar de radio. Af en toe waren er van die dagen waarop het maar over één onderwerp ging: machteloos was je daar dan aan overgeleverd.

Zoals nu aan die kippen.

De berichtgeving vanuit de getroffen gebieden is overstelpend. Niets blijft de luisteraar bespaard. Door emoties overmande kippenboeren, deskundigen die elkaar in de haren vliegen over de details van de destructie, zinnenprikkelende ooggetuigenverslagen van pluimvee dat vergast wordt in een oude caravan, envoorts, enzoverder - de radio gaat maar door, want dat is nu eenmaal de essentie. Ondertussen is het officieel de week van hongerend Afrika, ook zo'n onderwerp waar de publieke omroep wel raad mee weet.

Tsja.

Wat mij ook wel eens aan het ziekenhuis doet denken, zijn bepaalde commercials - en dan vooral commercials die in een hoge frequentie voorbijkomen. Op dit moment zijn er twee die iedere keer hetzelfde effect hebben. Iedere keer als ik ze hoor, word ik even door blindheid geslagen en zie ik mezelf pips en toevertrouwd aan de zorgen van zuster Heidi in een eenzaam ziekenhuisbedje liggen.

De eerste is met Erik Hulzebosch, de schaatser en kraandrijver die zo gezellig plat en boers praat. Hij wordt gebeld door een vriend. 'Heb jut al geheurd Erik? Het gaat vriezen!' Waarop Erik roept: 'Friezen!? Dat vink van die dooien.' 'Nee, er komt een Elfstedentocht! We moeten trainen! Heb je tiet?'

'Ja, maar nu even niet', antwoordt Erik. Hij geniet net van de broodnodige rust in een bungelowpark van Centerparcs. Ik ben ook weleens een lang weekend in zo'n park geweest, en het was een inferno van de eerste tot de laatste minuut.

Het tweede spotje is nog erger. Een mannenstem heet ons van harte welkom, bij hem aan boord. We worden verzocht overal af te blijven en niets in de asbakjes te doen. Over ongeveer drie uur zullen we ons reisdoel bereiken. Ondertussen kunnen we genieten van de hoofdfilm.

'Papa, ga nou rijden', onderbreekt dan een kinderstem de trotse piloot van dit nieuwe gezinsvehikel, de Chrysler Voyager. Let your car do the talking is hier het motto.

Wat een jaar geleden de commercials waren die mij in het ziekenhuis ieder uur opnieuw lastig kwamen vallen, weet ik niet meer. Ik heb een slecht geheugen voor dat soort dingen, en veel aantekeningen heb ik destijds niet gemaakt. Maar er waren er beslist een paar, anders kan ik niet verklaren dat uitgerekend deze twee spotjes mij nu iedere keer als ik ze hoor aan dat verdomde ziekenhuis doen denken.

Een vreemd fenomeen.

Volgende week is het Boekenweek, met het bijbehorende bal. De week staat in het teken van de dood, maar aan Afrika en kippen moet je dan niet denken. Waaraan dan wel, ik weet het niet. Ik denk maar aan het ziekenhuis, en die aardige meneer die aan het einde van de gang in een klein kamertje lag en die zo graag dood wilde. Ik hoop eigenlijk dat hij het is.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden