'Doodgaan is óók een bezigheid'

De dood is publiek geworden. Zondagavond bood de televisie weer enkele inzichten in het overlijdensproces.

Haro Kraak
Willem en Daan Ekkel. Beeld
Willem en Daan Ekkel.Beeld

'Sterven moet je óók doen.' Dit inzicht zat verstopt aan het eind van de documentaire Jonge Held: Het leven én de dood van Willem Ekkel. Lot Portier, de vrouw van Ekkel, merkte tijdens de laatste dagen van haar man dat niet alleen leven een bezigheid is, maar sterven ook.

Dat de dood publiek is geworden en je tegenwoordig kunt leren sterven is al vaker opgemerkt op deze en andere plekken. De televisie bood zondagavond weer een aantal inzichten en inkijkjes in het overlijdensproces - deels voyeurisme, deels levensfilosofie.

Typerend voor de trend is de film over tv-maker Willem Ekkel, die in 1985 (met zijn tweelingbroer Daan) doorbrak met het gezellig anarchistische VPRO-programma Jonge Helden en in 2002 overleed aan een hersentumor. Zoals de ondertitel al voorspelt, gaat de documentaire over zijn leven én dood, maar meer dan de helft van de tijd is ingeruimd voor de twee jaar dat Ekkel afscheid nam, als boeddhist en gelukkig mens.

Tekst gaat verder onder het videofragment.

In een interview op vpro.nl/jonge-helden, waar ook de originele afleveringen en nog een (deels overlappende) documentaire over Jonge Helden is te zien, verklaart filmmaker Marten Leurdijk de keuze voor de dood: broer Daan vond een documentaire een goed idee, maar dan alleen als het over Willems ziekte ging. 'Zijn "verlichting" eigenlijk.'

Dat het woord verlichting tussen aanhalingstekens staat, betekent dat je moet oppassen met dat woord, dat het vaak met een bepaalde mate van ironie wordt uitgesproken, omdat het nog weleens te makkelijk wordt ingezet. Of zoals vader Ekkel het zegt in de film: 'Sommige woorden zijn besmet.'

Herkenbaar. Deze kijker is misschien niet verlicht genoeg om mee te gaan in de terminologie van Ekkel. 'De dood bestaat niet', zei hij op een homevideo. 'We zijn puur licht.'

Of het nou een verlichting was of niet, vader Ekkel, van wie de broers hun 'levensgein' hadden meegekregen, stond er nog steeds van te kijken dat zijn eigen zoon hem had geleerd hoe dood te gaan: zonder geklaag, zielsgelukkig en in het reine met zichzelf.

Voor wie dat ongetwijfeld ook zal gelden - binnen een jaar of twee, als de dokters gelijk hebben - is Hansje Bunschoten (58), die 25 hersentumoren heeft en haar interviewserie Maskers af begon met de woorden: 'Goedenavond, ik ga dood.' Nu het einde in zicht is, merkt ze dat ze 'weinig tijd voor bullshit' heeft.

Programmamaker Hansje Bunschoten. Beeld Ivo van der Bent
Programmamaker Hansje Bunschoten.Beeld Ivo van der Bent

Eerste gast was Mart Smeets, die ze al 25 jaar kende als collega bij Studio Sport, maar die geen moment zijn masker wilde afdoen. Óf zij heeft al die tijd niet goed opgelet, óf Smeets bezit bar weinig zelfreflectie, want alle minder fraaie karaktertrekken die ze hem voorlegde, waren pertinent onjuist, vond hij. 'Kom dan niet', beet ze hem toe toen hij ook al niet openhartig over de liefde wilde zijn.

De inzichten kwamen in dit geval van de interviewer. Een mens met veel levensgein en precies de juiste balans tussen zweverigheid en no-nonsense. Gokje: het woord verlichting zou ze niet zomaar gebruiken.

V's televisierecensententeam bestaat uit Julien Althuisius, Hanna Bervoets, Gidi Heesakkers, Frank Heinen en, deze week, Haro Kraak.

Op z'n Hansjes: over leven, liefde en de dood

Programmamaker Hansje Bunschoten maakte de tv-serie Maskers af, over leven, liefde en dood. Dat treft, nu haar eigen leven ten einde loopt en ze geen geduld meer heeft met wie bullshit verkoopt. Lees hier het interview (+).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden