Domme pop is niet wat hij is

Esma Moukhtar..

Op de tentoonstelling Zo o skoop in Arti et Amicitiae is werk te zien van negentien kunstenaars die teruggrijpen naar de oorsprong van de filmische illusie. Ze werken met wondertrommels, zoötropen, een toverlantaarn - als het maar draait of loopt. Ze geven je illusies, zonder deze te verhullen en zo komt een essentie van de illusie aan het licht: je ziet steeds de truc, maar zonder die te kunnen bevatten.

Zo o skoop valt uiteen in een verduisterde en een verlichte ruimte. Vanzelf zijn alle werken waarin licht een rol speelt in het donker gezet. Deze zaal is zo vol dat sommige beelden in elkaar overlopen, maar dit is een toepasselijk effect dat even vrolijk stemt als de geopenbaarde knutselbereidheid die je tegemoet straalt.

Het licht van een projector schijnt door een glazen heiligenbeeldje met strookjes papier. Het veroorzaakt een bewegende schaduw op de muur, als een 'verschijning', in een tafereel van Albert Wulffers. Verderop vormen luttele draadjes en glasachtige plaatjes een flamingo die eindeloos voortstapt in het licht van Ida Lohmans toverlantaarn, en fladdert een lichtvlek met veel kabaal op in een kooi van Peter Zegveld.

In de verlichte ruimte gaat het vooral om beweging en mechaniek. Harco Haagsma maakte een aan Calder memorerende mobile met pijlen. Kleine camera's aan die pijlen kunnen je op een van de drie monitoren langs de muur in beeld brengen, afhankelijk van je bewegingen en die van de mobile. Schuin daaronder zit een man roerloos op een bank. Zijn voeten bungelen boven de vloer. Het is maar een domme pop. Denk je. Maar dan ken je Florian Göttke nog niet.

En Pépé Smit leidt je om een muur, naar een gat, een spiegel, een wijsvingertje en een oog. Niet op het eerste en niet op het tweede gezicht heb je door wat hier gebeurt.

In Zo o skoop zijn verrassende, ingenieuze werken bij elkaar gebracht, met niet meer en ook niet minder pretentie dan een spel met illusies aan te gaan.

Raadselachtig blíjven de twee Verzwegen gebouwen van Robert Lambermont. Twee houten huisjes staan naast elkaar op een plateau tegen de wand. In het ene huisje 'zwelt' een licht aan. Het stroomt door de kieren naar buiten, waarna het huisje even omlaag en weer terug kantelt. Het andere huisje draait daarbij een kwartslag. Dan dooft het licht abrupt, om weer langzaam op te komen, en alles herhaalt zich. Je blijft kijken, zo magisch is het. Het wordt licht en weer donker en weer licht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden