Doldwaas avondje met Gorillaz

Gorillaz

* * * *


Amsterdam Ze kwamen al in 1998 van de tekentafel, de vier stripfiguurtjes die samen de band Gorillaz vormen, maar pas nu, in de uitverkochte Amsterdamse Music Hall, bijna tien jaar na het verschijnen van hun debuutalbum, maken 2D, Noodle, Murdoc en Russel hun Nederlandse live debuut. Op een groot videoscherm zien we de Gorillaz-kleedkamer, waar de eeuwig nurkse Murdoc wacht tot hij op mag.


Even later blijkt dat we van de Gorillaz-bedenkers (Blur-frontman Damon Albarn en Tank Girl-tekenaar Jamie Hewlett) niet langer hoeven te geloven dat de vier geanimeerde figuurtjes werkelijk de muziek maken. Tijdens de eerste liveshows, in 2005, bleven de menselijke muzikanten uit zicht en stalen 2D, Noodle, Murdoc en Russel als hologrammen de show. Nu mogen we de hele avond in de machinekamer kijken.


Albarn wandelt het podium op, gevolgd door ruim twintig anderen: gitaristen, een bassist, een drummer, koperblazers, zangeressen, twee kleine orkesten. Ze doen hun werk vol in de schijnwerpers. De gasten die later op de avond komen rappen of zingen, worden geïntroduceerd met hun echte namen: De La Soul, Neneh Cherry, Bobby Womack.


Aanvankelijk was Gorillaz louter studioproject. Blur lag op zijn gat, Albarn had genoeg van lange tournees, hij wilde lekker ontspannen fröbelen: beetje hiphop, beetje reggae, heerlijk flegmatieke pop. Het werd een doorslaand succes. Gorillaz realiseerde zelfs wat Blur nooit lukte: miljoenenverkoop in de VS. De weinige live-voorstellingen (vanaf 2005) stonden altijd op zichzelf. Pas nu, na drie studioplaten, is Gorillaz echt op tournee.


Twee uur lang is het een amusante boel. Op het scherm beleven 2D, Noodle, Murdoc en Russel hun halsbrekende avonturen: achtervolgingen en schietpartijen met Bruce Willis, explosies, scheepsrampen, niets is te dol. De driedimensionale animaties van het fantasie-eiland van het album Plastic Beach (2010) zijn vrediger, maar indrukwekkend mooi.


Onder het scherm speelt zich een ontspannen muziekfeestje af. De live-groove van Gorillaz davert uit de speakers als de zware bassen van een Jamaicaans soundsystem. Albarn is de dirigent, die blij als een kind over de planken springt.


De spectaculaire visuals en het speelplezier verbloemen dat niet alle Gorillaz-liedjes echt goed zijn. Vooral die van het tegenvallende Plastic Beach zijn soms wat richtingloos, maar vanavond stoort dat nauwelijks. Er staan ook voldoende prachtliedjes tegenover, met de toegiften Clint Eastwood en Feel Good Inc. als apotheose. Aan het eind van zo'n ongekend vrolijk avondje popmuziek loopt er nog maar één chagrijnig rond. Murdoc, inderdaad.Menno Pot


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden