Doelgroep

ANNEMARIE OSTER

Vanuit de trein naar Lelystad - wat een woest interessant leven heb ik toch - zie ik aan mijn linkerkant een uitgestrekte vlakte met konikpaarden, heckrunderen en edelherten. 'En dan, wat is natuur nog in dit land?', dichtte Bloem. Maar in zijn tijd waren de Oostvaardersplassen er nog niet.

Ben ik domweg gelukkig? Nee. Ik erger me. Aan een zinnetje in de glossy die ik heb aangeschaft, een koopdaad die zich zojuist heeft voltrokken in de hal van het Centraal Station.

Het woord 'koopdaad' dank ik aan de onlangs overleden omnitycoon Pierre Vinken. Zelf wist hij deze handeling tot het minimum te beperken: niet voor niets was hij zo rijk. Gelukkig? Nou nee. Ik, hoewel beduidend armer, ook niet. Vanaf het begin liep onze verhouding op zijn eindje. Nog maar al te goed herinner ik me een verblijf aan de Côte d'Azur. Geen onaangenaam oord. Zeker niet in een suite in het Carlton, met uitzicht op de Méditerrannée. Toch wilde ons uitstapje maar niet van de grond komen. Bovendien regende het. Landerig wandelden wij door de Rue d'Antibes. Toen ik een winkel in ging voor een kledingstuk van mijn gading, wachtte mijn metgezel buiten, zonder paraplu maar met het geduld van een Chinees, tot de koopdaad was volbracht.

Maar daarnet in de stationshal was ik vastbesloten mijn geld in mijn zak te houden. Hier liep een trefzekere wereldreizigster met vastberaden tred naar het perron van bestemming, leesboek in de tas, railpluskaartje in de aanslag. Maar nergens een stempelautomaat. En met een ongestempeld plaatsbewijs mag je de trein niet in. Conducteurs knippen geen kaartjes meer, maar bekijken ze alleen en delen boetes uit.

Vóór in de hal bleken nog loketten te bestaan. Met echte mensen erachter. Triomfantelijk schoof ik mijn railpluskaartje door de gleuf. Nog triomfantelijker was de stem van de beambte: 'Nee, mevrouw', (lievelingstekst van beambtes) 'niet op maandag!' Vanaf dat moment ging het bergafwaarts. Na de smadelijke aanschaf van een gloednieuw kaartje moet ik, als in trance, die AKO in zijn gelopen. Niks leesboek, lekker tijdschrift! O, wat zagen de schappen volgestouwd met kijkkost er aantrekkelijk uit. Zoals kinderen in een Italiaanse ijssalon hun tong wel in iedere bak zouden willen steken, zo staan vrouwen, althans vrouwen zoals ik, zich te verlustigen aan covers-met-mooie-meiden. Stiekeme identificatie? Ook nu ik niet meer tot de doelgroep behoor? Denk ik nog steeds dat ik me kan meten met meisjes die mijn kleindochters zouden kunnen zijn? Leer ik het dan nooit?! Ik zou toch moeten weten dat al bij het openslaan van zo'n visuele lekkernij frustratie op de loer ligt!

De glossy op mijn schoot draagt de naam van een overbekende presentatrice/filmster/lachebek, tevens zus van een televisiegigant. Ze hebben dezelfde slimme oogjes. Het blad is, net als de naamgeefster, een mengeling van girl next door, uitgekookte carrièrevrouw en koninginnetje van het bal. Wat en wie wekt mijn woede? Een uitspraak van een psychiater in man/vrouw-dialoog met een programmamaakster. Omdat de mooie blondine haar draai op het liefdespad nog niet heeft gevonden, waarschuwt Dokter: 'Straks ben je 36 en gaan je eierstokken klapperen.'

Waar erger ik me aan? Niet alleen aan zijn patroniserende bemoeizucht, maar vooral aan de weerzinwekkende woordkeus, nota bene van iemand die heeft gestudeerd.

Maar het meest erger ik me aan mezelf: dat, de enkele keer dat ik gebruik maak van die NS, het uitgerekend op maandag moet zijn. Dat ik me heb bezondigd aan een koopdaad tegen beter weten in, en ten slotte mijn blik op de Oostvaardersplassen door onzin laat verduisteren. En o ja, dat ik binnenkort tot geen enkele doelgroep meer behoor.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden