Doe maar gewoon...

De hoofdpersoon uit Elke Geurts' roman doet er alles aan om haar dochter met downsyndroom zo normaal mogelijk te maken. Er komt zelfs een plastisch chirurg aan te pas. Is dit de toekomst?

De weg naar zee, het nieuwe boek van Elke Geurts (40), begint met een moeder die in de duinen een bolderkar voortsleept door het rulle zand. Wat oogt als eenvoudig stranduitje, wordt een barre tocht met een hallucinant einde. Tessa heet de moeder en Summer is haar oogappel van 7, die met een handdoek op haar gezicht tegen de stekende zon in de bolderkar zit.


'De zomer zal nooit meer ophouden met mijn eigen kleine Summer in huis', noteert Geurts ergens. Aan de komst van dit kind zijn meer dan hooggestemde verwachtingen voorafgegaan. Gaandeweg wordt duidelijk hoe het met die verwachtingen staat. Mondjesmaat strooit Geurts met plukjes informatie, die terloops het onthutsende gegeven prijsgeven.


Zoals Tessa zich niet door hitte of zand laat weerhouden, zo is haar hele levensinstelling. Ze doet alles voor een voorbeeldig bestaan en voor een voorbeeldig kind - een 'Mini Me'. 'Ja, een verbeterde versie van zichzelf', zegt Geurts thuis in Amsterdam. 'Daar projecteert ze al haar falen op.' Tegen de muur in de woonkamer staat een ouderwets schoolbankje: bureau en stoel op miniformaat. In de hoek bij de trap een overvolle bak met Lego.


Maar ook dat ideale, rooskleurige moederschap ontglipt Tessa. Summer heeft het syndroom van Down. En Tessa, zelf haarstylist, dochter van een hoogleraar, laat het er niet bij zitten. Het begint nog vrij onschuldig met Bach voor baby's en 'verbale stimulatie', zoals een website voorschrijft. Na verloop van tijd volgt een verbeten training van de mondspieren bij de logopedist. Een fysiotherapeut moet de afwijkende stand van de voeten corrigeren. En daarna volgt de stap naar plastische chirurgie. Korte metten met de scheve ogen. Huidrimpels weg, siliconenimplantaten in de wangetjes. De tong wordt ingekort.


Een horrorscenario. 'Maar het bestaat echt', zegt Elke Geurts, die eerder twee enthousiast ontvangen verhalenbundels publiceerde: Het besluit van Dola Korstjens (2008) en Lastmens (2010) - waarin opvallend veel uit het lood geslagen vrouwen figureren, die vergeefs naar een uitweg zoeken. 'Ik las in de krant dat het in Engeland steeds meer voorkomt. Het gebeurt dat ouders hun kinderen onderwerpen aan plastische chirurgie. Ze zeggen: 'We leven nou eenmaal in een maatschappij waarin je op je uiterlijk wordt beoordeeld. Dat kunnen we niet veranderen, maar ons kind wel.' Ze willen dat die kinderen een eerlijke kans krijgen en dat al het mogelijke eruit wordt gehaald. Toen ik dat las, dacht ik: wat erg. Maar ergens begrijp je het ook.'


En de gêne van die ouders? Is dat ook een motief? Kunnen ze over straat zonder starende blikken, zoals Tessa wil?

'Natuurlijk speelt dat een rol. Ik heb interviews gelezen met die mensen. Ze zeiden allemaal dat ze het voor het kind deden. Over die schaamte hebben ze het niet, terwijl dat vast en zeker meespeelt.'


Dit is voor jou een 'urgent boek', schreef je eerder op je blog. Wat wilde je aan de orde stellen?

'Het gaat in de eerste plaats over maakbaarheid. Het downsyndroom is eigenlijk niet zo relevant. Alles moet lukken in deze wereld. Daar wilde ik het over hebben. Over prestatiedwang. Dat we niet mogen falen. Je ziet het overal, om te beginnen op het schoolplein. Die kinderen moeten allemaal uniek en zichzelf zijn én ze moeten presteren. Want die Citoscores moeten allemaal A-plusjes zijn. Dat zeggen die ouders niet, maar ze bedoelen het wel. En stiekem wil je zelf ook dat je kind het perfect doet. Maar dat lukt natuurlijk niet, het is allemaal te veel gevraagd.'


Je bent zelf geen haar beter?

'Laatst moesten we voor de school van onze oudste dochter, die in groep vijf zit, een lijst invullen met vragen over haar werkhouding, haar omgang met anderen, dat soort dingen. Hoe wij denken dat ze het doet op school. Ik had een heel andere lijst dan mijn man, alsof het om twee kinderen ging. Maar wij hebben allebei ons eigen verleden. Ieder zeult zijn eigen ballast mee van ouders en grootouders. Volgens hem was ze heel zelfverzekerd, volgens mij kon dat wel wat beter. Dan denk je: over welk kind hebben we het eigenlijk?


'In die zin vind ik het ouderschap nogal dubieus. Je kunt je afvragen in hoeverre we onze eigen geschiedenis en hang-ups op onze kinderen plakken. Ben je als ouder wel in staat te zien hoe een kind echt is en wat het nodig heeft? Je projecteert van alles op ze. Daar ontkom je niet aan. Zo doet iedereen het. Ook hier in de buurt: mondige mensen, hoogopgeleid, we praten erover, hebben de handboeken gelezen. En toch pompen we het er allemaal in. Torenhoge verwachtingen. En dus zitten die arme kinderen op duizend bijlessen.'


Waren jouw ouders veeleisend?

'Helemaal niet. Er werd weinig van me verwacht. Daarom ben ik ook bang dat ik nu te veel van mijn eigen kinderen vraag. Ik was faalangstig en onzeker, dus ik ging naar een kleine middelbare school in de buurt. Zo hoefde ik niet ver te fietsen en zou ik niet verdwalen. Ik ben er niet tegen om je kinderen een beetje te stimuleren. Tegenwoordig verwachten we misschien te veel van ze, maar te weinig is ook niet goed. Eigenlijk is het nooit goed, dat maakt het ook zo'n dankbaar onderwerp.'


Tessa maakt de bizarre vergelijking met het opereren van genderkinderen. Zoals er jongens zijn die gevangen zitten in een meisjeslichaam en andersom, zo was het ook met Summer: ze zat opgesloten in het verkeerde omhulsel. Zeg je daarmee: nog even en straks vinden we dit ook normaal?

'De vraag is misschien eerder of deze kinderen straks nog wel worden geboren. Op het gebied van prenatale testen zijn er nieuwe ontwikkelingen. In Nederland is het nog verboden, maar in België wordt al gewerkt met een bloedtest waarmee eenvoudig vast te stellen is of je een kind met het downsyndroom krijgt.


'Maar het gaat me eigenlijk om iets heel anders. Tessa gelooft dit echt. Of liever: ze wil het geloven. Uit wanhoop. We creëren onze eigen werkelijkheid. En als die niet klopt, passen we haar net zolang aan totdat die wel klopt. Op den duur weten we niet eens meer dat we het doen. Tessa schiet daarin door, zo ver is ze al van de werkelijkheid afgedreven. Maar in wezen doen we het allemaal.'


De hang naar perfectie is doorgeschoten. Was er een aanleiding om het er nu over te hebben?

'Ik was bezig met een ander boek, al tweeënhalf jaar lang. Een heel dik boek. Ik ging er steeds verbetener aan werken, maar het werd niet zoals ik wilde. Ik dacht: ik kan het niet meer.


'Rolf, mijn man, is altijd mijn eerste lezer. Ik heb het hele pak uitgeprint en aan hem laten lezen. Dat had lang geduurd omdat ik me doodschaamde. Ik had het niet in de hand. Hij las de eerste tien pagina's en zei: 'Dit is helemaal niks.' Ik wist natuurlijk dat hij gelijk had. Ik heb alles verscheurd.'


De weg naar zee, dat heel toepasselijk een motto meekreeg van 'MJ', Michael Jackson: If they say why, why, tell 'em that it's human nature, heeft ze vervolgens in tweeënhalve maand geschreven. Droogjes: 'Ik kon dat gevoel van falen heel goed gebruiken.'


Ze giechelt bij de gedachte hoe gefrustreerd ze was. 'Ik dacht: ik ga afrekenen met mensen die falen. En met mensen die denken dat ze falen en daar de hele tijd over lopen te zeuren. Perfectionisten, daar moet het ook mee afgelopen zijn. Zo'n soort woede had ik. En de race tegen de ouderdom, ook zoiets. Dat zit er natuurlijk ook in. Iedereen doet van alles om maar jong te blijven. We rennen hier allemaal op dit eiland, allemaal veertigers tegen het verval in. En het heeft geen enkele zin.'


Tessa is niet de eerste tobbende moeder in je verhalen. Ze zijn er in allerlei soorten en maten...

'Het houdt me ernstig bezig, ja. Het lijkt wel een obsessie. Terwijl ik vroeger dacht: ik ga nooit over moeders en kinderen schrijven. Dat vond ik zo'n gezeur.'


...maar het zijn geen Daphne Deckersachtige moeders, zal ik maar zeggen. Zelfs moederliefde is geen vanzelfsprekendheid.

'Ik houd ervan dingen te benoemen die je eigenlijk niet mag benoemen. Mijn personages hebben zichzelf niet helemaal in de hand. Ze zijn ook altijd een beetje bang voor hun onderbewuste. Zoals Tessa bang is dat ze haar baby zal loslaten wanneer ze Summer in bad doet. Dat zijn van die irrationele angsten. Ik heb dat zelf ook. Ik vertrouw mezelf niet helemaal. Uiteindelijk zijn mensen hoogst onbetrouwbare wezens.'


In Lastmens zegt de moeder glashard tegen haar kind: 'Ik ben jouw moeder niet.'

'Het plopt zomaar op. Voordat ze het weet, heeft ze dat gezegd. Natuurlijk is het ultiem gemeen om dat tegen je kind te zeggen. Maar het benoemt ook iets van de afstand die je kunt voelen ten opzichte van je kind. Het is echt een ander mens. We doen netjes wat er van ons wordt verwacht. Maar wat als dat keurslijf wegvalt? Dat wil ik onderzoeken.


'Sommige mensen denken dat ik een heel nare moeder ben of dat ik kinderen helemaal niet leuk vind. Die zeggen: het moet verschrikkelijk zijn voor jouw kinderen om later die boeken te lezen. Ik kan me dat niet voorstellen. Ze moeten natuurlijk wel eerst even weten wat fictie is.'


Elke Geurts (Heijen, 1973) studeerde dramaschrijven en literaire vorming aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. Na haar afstuderen in 1996 schreef ze een tijdlang toneelstukken en hoorspelen, vooral voor jongeren.


De weg naar zee is haar eerste roman. Eerder publiceerde ze de verhalenbundel Het besluit van Dola Korstjens, goed voor nominaties voor de Debutantenprijs, de Gouden Uil en de Vrouw & Kultuur Debuutprijs. De opvolger Lastmens, een bundel met drie novellen, werd met vier sterren gewaardeerd in de Volkskrant.


Elke Geurts woont met echtgenoot Rolf en dochters Julie en Dara in Amsterdam. In Elke Dag, het blog dat ze bijhoudt, beschrijft ze haar schrijvers- en gezinsleven.


Elkegeurts.nl


'Dus praatte Tessa tegen Summer alsof haar leven ervan afhing. En als ze niet praatte, zong ze zachtjes. Zo kon ze toonhoogtes en ritmes leren onderscheiden en kregen de hersens nog meer prikkels die tot ontwikkeling stimuleerden. 'Rustig maar, lief baby'tje. Jij wordt normaal. Daar zorgt je mama voor.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden