Dodelijke bomaanslag ondermijnt bestand in Syrië

Een autobom heeft donderdag ten minste tien mensen het leven gekost in de Syrische kuststad Jableh, gelegen in het 'thuisland' van president Assad. De aanslag ondermijnt een pril staakt-het-vuren dat sinds eind vorig jaar in heel Syrië van kracht is.

Een aanslag eerder deze maand in Tartus, Syrië. Beeld anp

Mogelijk is de aanslag gepleegd door een groepering die niet betrokken is bij de afspraken over de wapenstilstand, zoals de terreurgroep IS of de rivaliserende jihadistische organisatie Jabhat Fateh al-Sham. IS eiste in mei vorig jaar de verantwoordelijkheid op voor een aanslag in Jableh, waarbij meer dan 100 mensen om het leven kwamen.

De stad ligt in de provincie Latakia waar voornamelijk alawieten wonen. Zij vormen een sjiitische stroming waaruit de presidentiële familie afkomstig is.

Assads belangrijkste steunpilaar, Rusland, heeft twee militaire bases in de provincie. Videobeelden van de aanslag van donderdag tonen plassen bloed in de straten, vernielde auto's, en zwaar beschadigde winkels en woningen. Volgens medici ter plekke kan het dodental nog aanzienlijk oplopen.

De wapenstilstand ten spijt, vinden in de buurt van de hoofdstad Damascus gevechten plaatsen tussen rebellen en legereenheden, gesteund door Iraanse milities. Het strijdtoneel is de Barada-vallei, waar veel bronnen zijn die de hoofdstad van water voorzien. Een hoge VN-functonaris waarschuwde donderdag voor een 'enorm drama' als de watervoorziening van Damascus stokt. De meer dan vier miljoen inwoners kampen al met tekorten aan water.

Assad stelt dat het staakt-het-vuren niet van toepassing is op de vallei omdat zich daar jihadistische strijders ophouden. Rebellengroepen bestrijden dat.

Meer lezen?

Lees hier alle artikelen van de Volkskrant over de burgeroorlog in Syrië.

De VN schetsten donderdag een gemengd beeld van de situatie in de tweede stad van Syrië, Aleppo. Daar zwijgen de wapens sinds eind vorig jaar. De schade die werd aangericht tijdens de ruim vier jaar durende gevechten om het oostelijk deel van de stad, is 'onbeschrijfelijk'.

Een lichtpunt is dat de Verenigde Naties voor het eerst op grote schaal vers voedsel, water en medische hulp kunnen leveren aan de achtergebleven bevolking. Zo'n 80 duizend mensen hebben recent hun toevlucht gezocht tot het westelijke deel van de stad, dat sinds het begin van de burgeroorlog in 2011 gecontroleerd wordt door Assads leger en verwante milities.

Bijna 40 duizend mensen, merendeels rebellen, vertrokken vanuit het oostelijke stadsdeel naar de provincie Idlib.

Straatbeeld in Aleppo. Beeld anp

Idlib dreigt het volgende slagveld te worden. De Syrische regering bereidt naar eigen zeggen een offensief voor in de regio, waar eerder al grote aantallen rebellen een min of meer veilig heenkomen vonden. 'De staat kan die situatie niet blijven dulden', zei een Syrische minister donderdag.

Een offensief betekent dat de Syrische regering haar handen aftrekt van de wapenstilstand die eind vorig jaar tot stand kwam dankzij Rusland en Turkije. Het staakt-het-vuren zou de opmaat moeten worden voor vredesoverleg in Astana, de hoofdstad van Kazachstan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.