Dode mus

Even buiten Laval-sur-Doulon hoor ik een piepje bij mijn voorwiel, zie ik de mus zitten, en ben hem alweer voorbij....

Het gaat net lekker. De zon schijnt, de benen draaien soepel, en ik heb zojuist het dal van de Allier al even zien liggen - twintig kilometer verder, vijfhonderd meter lager. Een half uur afdalen, ik kan niet wachten.

Toch kijk ik om. De mus zit op zijn buik, met de veren bol, alsof hij een bad neemt in het zand. Maar dit is het asfalt. In de verte zie ik een auto opdoemen.

Een van de grote verschillen tussen fietsen in je eentje en fietsen in gezelschap is dat je overal kunt stoppen. Dat is niet zo prettig als het lijkt. Voor je het weet sta je bij elke haarspeldbocht uit te blazen en zit je bij elk spatje regen in het café. Er is toch niemand die het ziet, althans, niemand die je er later aan kan herinneren. In gezelschap daarentegen loert altijd de schaamte, de schaamte om te stoppen of te schuilen, de schaamte die bergen kan verzetten. Dus fiets je maar door.

Ik stop. En twijfel. Het is maar een mus (grijs, saai). Ik heb intessantere beesten gezien. Fietsers staan dicht bij de natuur, zien zaken waar automobilisten geen oog voor hebben. Eerder vandaag nog een wilde kat, een zeldzaam dier dat kennelijk nog steeds voorkomt in de Auvergne, in de berm van de D588 althans, enigszins aangevreten door insecten.

Dit is een mus. Een roofvogel was natuurlijk mooier geweest, een buizerd of, beter nog, de rode wouw die ik heb zien zitten op een hooibaal in het veld. Een vogelsoort die het, eenmaal gered en eeuwig dankbaar, goed zou doen op mijn schouder of bagagedrager, spiedend naar konijnen voor het avondeten.

Dit is een mus. Toch keer ik om en fiets, aan de verkeerde kant van de weg met mijn arm en hand gestrekt vooruit als stopteken, de aanstormende auto tegemoet.

Nogmaals - in je eentje op de fiets verdwijnt de schaamte. Het begint met de koersbroek, met dat zeempje in het kruis, de strakke pijpen om de benen, benen die altijd te dik zijn of te dun. Eventueel zo'n lelijk shirt, en van die klikkende schoentjes. Tijdens beklimmingen komt daar het snot bij. Je briest het je neus uit, het blijft ergens hangen, je veegt het af, laat het op de rug van je hand zitten. Je rochelt en zweet, het gevoel voor verhoudingen verdwijnt, en je probeert een mus te redden. Achteraf kun je gaan psychologiseren. Solo reizen is natuurlijk een asociale bezigheid. Fijn met niemand rekening houden, terwijl iedereen wel rekening houdt met eenzame fietsers zoals jij. Mensen groeten me als ik langskom. In Zwitserland komt een buurman op de camping een pannetje goulash brengen, in Frankrijk een paar gebakken sardines. Het meisje van de bakker in Brégnier-Cordon verkoopt een brood en geeft er, omdat de winkel naast de bakker gesloten is, een half pond ham uit haar eigen ijskast bij. De barman van het café bij de kerk in St. Uze vult de bidons met koud tapwater met ijs. C'est rien.

Dus dan moet je een keer wat terugdoen. Ik rem af, zet mijn fiets dwars op de weg, en buig me over het vogeltje. Het kijkt me glazig aan, vliegt niet weg. Ik schep hem voorzichtig op. De auto nadert nog steeds met vrij hoge snelheid. Heeft hij me wel gezien? Ik moet aan de kant, mijn fiets moet aan de kant. Daar zijn twee handen voor nodig, maar ik heb mijn handen vol, er zit een vogel in.

Ik gooi hem met een boogje in de berm.

Dan pak ik de fiets en zet hem aan de kant. De auto rijdt voorbij, op de passagiersplaats zit een vrouw die tegen haar voorhoofd tikt. Als ze uit het zicht zijn, kniel ik bij de mus en pak hem op.

Hij is nog warm.

Maar er zit iets roods bij zijn snavel, iets wat me daarvoor nog niet was opgevallen, en zijn hoofd valt alle kanten op. Van de bolle oogjes resten alleen nog de twee spleetjes van een stervend tekenfilmvogeltje.

Ik leg hem neer in het gras. Er verschijnt meteen een rode mier. Toch nog iemand geholpen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden