Documentaire Een nieuwe morgen verheerlijkt niets, maar wekt wel symphatie voor ouderen op

'Een nieuwe morgen' verheerlijkt niets, dit is geen 'Hendrik Groen'. Er wordt wel sympathie gewekt voor hoogbejaarden.

Foto de Volkskrant

Wat gebeurt er als je 41 jongeren in een bejaardenflat onderbrengt? Wat begon als een poging woningnood te bestrijden liep uit op een interessant sociaal experiment: 41 geselecteerde twintigers betrokken twee jaar terug de leegstaande kamers van een Utrechts verzorgingshuis. Zouden jong en oud contactleggen, zoals de initiatiefnemers hoopten?

Regisseur Kim Brand volgde het project voor de 2Doc-documentaire Een nieuwe morgen, gisteren uitgezonden door Human. Vrij consequent kiest Brand het perspectief van de ouderen. Die blik zit ook in de cameravoering. Veel shots zijn laag vanaf de grond geschoten; een bejaarde zit nu eenmaal veel, ervaart een jong iemand soms slechts als een stel benen. Door de ogen van de ouderen lijken jongeren plots vreemde wezens: snel, energiek, soms een tikje oppervlakkig misschien.

De interactie tussen jong en oud verloopt stroef. Wanneer zit iemand op een praatje te wachten? Hoe lang houdt een bezoek aan en hoe maak je duidelijk dat je met rust wilt worden gelaten? Het zijn vragen die horen bij samenwonen, maar hoe groter het leeftijdsverschil tussen huisgenoten, hoe lastiger de antwoorden, lijkt het.

Intussen reageren de ouderen verschillend op hun jongere flatgenoten. Arie van 91 is blij met dat 'jonge spul' en mengt zich graag onder de nieuwe bewoners. Hij krijgt er zelfs opmerkingen over: is hij niet erg op de meisjes gericht?

Ans (88) houdt zich vooral bezig met de zorg voor haar man, die parkinson heeft. Bezoekjes van jonge bewoners vermoeien haar, maar ze vertelt de filmmakers prachtig over de band met haar zo veranderde geliefde.

Judith, met haar 105 jaar de oudste bewoner, verwacht van tevoren niet dat de jongeren haar erg serieus zullen nemen. Maar als ze er eenmaal zijn is ze blij dat ze haar telefoon repareren en laat ze hun baby's met haar rozenkrans en seniorenalarm spelen.

De ervaringen van de jongeren horen we ondertussen alleen via voice-overs. Hun opmerkingen over alles moeten, alles kunnen en veel willen reizen zijn versneden met speciaal gecomponeerde muziek van Spinvis, en klinken even banaal als dynamisch.

In één scène zien we alleen jongeren, tijdens een praatje van een ouderenarts. 'Ouderen zijn natuurlijk ook mensen', doceert die. 'Maar de maatschappij neigt ertoe te zeggen: we hebben niet zo veel meer aan ze.'

'Waarom kunnen ouderen alleen over zichzelf praten?', wil twintiger Cuno weten.

Vaak zijn ze heel doof, legt de verpleegarts uit. Daarnaast, zegt hij, 'is dichter bij de dood komen een fase waarin je wat meer op jezelf gericht wordt. Je moet alles loslaten, en het laatste wat je loslaat, is jezelf.'

Dat loslaten is een subtiele rode draad in de film - de nog te leven jaren tussen heden en overlijden is wat de ouderen fundamenteel van de jongeren scheidt. Een nieuwe morgen verheerlijkt niets, dit is geen Hendrik Groen of Intouchables, maar wekt wel degelijk sympathie voor hoogbejaarden. Zij zijn in deze film geen figuranten van de maatschappij maar hoofdrolspelers, zoals ze dat al zoveel decennia in hun eigen leven zijn.

Volkskrants televisierecensententeam bestaat uit Julien Althuisius, Gidi Heesakkers, Frank Heinen, Haro Kraak en, deze week, Hanna Bervoets.