DNA-bewijs is niet waterdicht

Rechtspsycholoog Peter van Koppen waarschuwt voor overdreven vertrouwen in DNA. Onschuldige mensen kunnen door fouten worden opgepakt. ‘Als je geen alibi hebt, gelooft men het DNA.’..

De Amsterdamse hoofdcommissaris Bernard Welten gelooft heilig in DNA. ‘De mogelijkheden van de techniek zijn oneindig’, schreef hij in 2004. Sporen zijn volgens hem meer waard dan getuigen. ‘Dat is onzin’, zegt hoogleraar rechtspsychologie Peter van Koppen. ‘De visie van Welten getuigt van een naïviteit waarvan ik steil achterover sla.’

Volgens Van Koppen en statisticus Henk Elffers hechten opsporingsambtenaren en rechters te veel waarde aan DNA.

Een leek zal zeggen: DNA is keihard bewijs. Is dat niet zo?

‘Nee. Er is voortdurend sprake van interpretatie. Forensische onderzoekers maken keuzen, bijvoorbeeld om “ruis” in meetresultaten te onderdrukken. Interpretatie wordt steeds moeilijker, omdat vaker wordt gewerkt met mengsporen van verschillende personen, en met minuscule, zwakke sporen.’

U constateert dat de kans op fouten toeneemt als de DNA-databank voller wordt. Waarom?

‘In beginsel heb je een heel kleine kans op fouten als je sporenmateriaal vergelijkt met profielen in de databank. Maar die kans wordt groter als je dit vaker doet. We rekenen voor dat in Engeland, met DNA-profielen van 3,5 miljoen mensen, grofweg 900 fouten moeten zijn gemaakt. In Nederland, met ongeveer 24 duizend profielen, is het nog niet zo erg. Maar je moet nooit het DNA van alle Nederlanders opnemen in een databank. De kans op fouten is te groot.’

Het Nederlands Forensisch Instituut maakte een fout in een zaak, blijkt uit uw onderzoek.

‘Ja. Het ging om iemand die ten onrechte is beschuldigd van een verkrachting in een stad, in 1990. Hij was de dader van een andere zedenzaak, in een dorp. Bij het instituut is een fout gemaakt, waardoor zijn sperma een bloedspoor uit die stadse zaak heeft besmet. Hij is opgepakt maar bleek onschuldig. Ik vermoed dat er meer fouten worden gemaakt.’

Wat moet er veranderen?

‘Het NFI moet fouten vermelden in het jaarverslag. Dat zou deze overheidsorganisatie passen, want het is cruciaal voor de waarde die officieren van justitie en rechters geven aan DNA. Als in één op duizend gevallen een fout wordt gemaakt – en dat is een voorzichtige schatting – heeft dat een dramatische, negatieve invloed op de waarde van DNA-bewijs.’

Het NFI zegt dat het fouten intern registreert en analyseert.

‘Ook anderen moeten weten wat er misgaat. Het Engelse forensische bureau FSS maakt fouten jaarlijks bekend en schrijft er een openbare analyse over. Dat zou het NFI ook moeten doen.’

Het NFI schat de kans dat DNA van een willekeurige ander is dan de verdachte op bijvoorbeeld kleiner dan 1 op een miljard. U gelooft daar niet in?

‘Nee. Er zijn zoveel onzekere factoren rond DNA-bewijs dat je aan de waarde daarvan geen getal kunt hangen. Iedereen die een getal noemt, zuigt het uit zijn duim.’

Dankzij forensisch onderzoek worden mensen gepakt die anders vrijuit gaan. Dat is winst.

‘Dat klopt. Maar je levert ook iets in. Als je onterecht wordt beschuldigd, mag je hopen dat je een alibi hebt. Anders word je niet geloofd. Dan gelooft men het DNA.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden