'Dit tribunaal is geen nationale therapie'

In het 'miniproces' tegen de Rode Khmer ontbreken volgens Nederlandse advocaten enkele hoofdrolspelers. 'Waar is eigenlijk Henry Kissinger, de architect van de bombardementen op Cambodja in de jaren zestig en zeventig? Zonder die bombardementen hadden de Rode Khmer nooit de macht kunnen grijpen.'

'Dit tribunaal heeft een hofnar nodig. Dat is wellicht de reden dat ik hier nog ben. Iemand moet de spiegel voorhouden en de fundamentele gebreken van dit hof laten zien.'

Dat had hij willen zeggen. Maar het mocht niet. Michiel Pestman, een van de twee Nederlandse advocaten van Nuon Chea, de hoofdverdachte in het proces tegen drie kopstukken van de Rode Khmer, kreeg van de rechters geen gelegenheid zijn bezwaren tegen het Cambodja-Tribunaal uit te spreken. Daarom verspreidde hij zijn 'noodkreet' maar op papier.

Pestman verwijt het door de VN gesteunde tribunaal aan de leiband van het Cambodjaanse regime te lopen. De internationale gemeenschap is volgens hem gecapituleerd voor de regering in Phnom Penh toen ze accepteerde dat de Cambodjaanse rechters bij het tribunaal in de meerderheid zouden zijn. Rechters die zouden zijn gekozen voor hun loyaliteit aan de overheid.

Corruptie

Ook de buitenlandse rechters krijgen ervan langs. 'Waar waren zij toen wij de corruptie aankaartten? (Stafleden van het tribunaal zouden een deel van hun salaris aan de regering hebben afgestaan als dank voor hun baan, red.) De internationale stilte is oorverdovend.'

Pestman veegt de vloer aan met het besluit om het proces op te delen in kleine stukken. Dat gebeurde vanwege de hoge leeftijd van de verdachten. Hoe langer het proces duurt, des te kleiner de kans dat ze hun vonnis meemaken. Volgens Pestman resteert een mini-Neurenberg dat waarschijnlijk geen vervolg zal krijgen, omdat donorlanden geen zin hebben nog meer geld aan het tribunaal te spenderen.

'Dit miniproces heeft een minicast waarin hoofdrolspelers ontbreken. Waar is Henry Kissinger, waarschijnlijk de voornaamste architect van de bombardementen op Cambodja in de jaren zestig en zeventig? Zonder die bombardementen hadden de Rode Khmer nooit de macht kunnen grijpen. En waar zijn de regeringsfunctionarissen met een Rode Khmer-verleden?'

In de tuin van een hotel in de Cambodjaanse hoofdstad Phnom Penh spreken Pestman en zijn collega Victor Koppe, die Nuon Chea samen met een Cambodjaanse raadsman verdedigen, over hun ervaringen bij het tribunaal. Pestman: 'Niets is gewoon aan dit proces.'

U ziet zichzelf als hofnar. Waarom stapt u niet op als er zo weinig van de procesgang deugt?

Pestman: 'Het kan zijn dat ik op een gegeven moment denk: ik heb hier niets toe te voegen.'

Waar ligt de grens?

Pestman: 'Als mijn cliënt zegt dat het geen zin meer heeft. De grens is ook bereikt als ik in herhaling val en ik vind dat het geen zin meer heeft. Zolang er mensen zijn die zeggen dat ik goed bezig ben, ga ik door. In de Cambodjaanse samenleving is wel degelijk steun voor het Don Quichot-achtige gevecht dat ik lever.'

Iedereen is het erover eens dat dit tribunaal niet perfect is. Maar het is er nu eenmaal. Moet je er dan niet het beste van maken?

Pestman: 'Ik ben er om te voorkomen dat compromissen worden gesloten ten koste van het recht van mijn cliënt op een eerlijk proces. Er zijn besluiten genomen waar ik grote moeite mee heb. De beslissing om geen onderzoek te doen naar corruptie, geen onderzoek in te stellen naar inmenging van de Cambodjaanse overheid, om de president van de rechtbank Nil Nonn niet te wraken.'

Gaat de functie van het tribunaal niet verder dan een zuivere toepassing van het recht? Het is toch ook een poging van Cambodja om in het reine te komen met het verleden?

Pestman: 'We kunnen niet de lat lager leggen omdat de omstandigheden zo moeilijk zijn.'

Koppe: 'Of dit tribunaal het aangewezen mechanisme is, had je tien jaar geleden moeten vragen. Nu voor het tribunaal is gekozen, kan het maar om één ding gaan: waarheidsvinding in het kader van iemands strafrechtelijke aansprakelijkheid. Anders had voor een verzoeningscommissie moet worden gekozen.'

Veel Cambodjanen hoopten dat Nuon Chea spijt zou betuigen of blijk zou geven van nieuw inzicht. Dat is uitgebleven.

Koppe: 'Wij zijn er niet om Nuon Chea woorden in de mond te leggen. Hij heeft zich beperkt tot de evacuatie van Phnom Penh in 1975. Hij heeft geprobeerd uit te leggen hoe en waarom dat zo is gegaan. Dat wil niet zeggen dat een spijtbetuiging niet alsnog kan komen.

'In het eerste proces heeft Duch (chef van de martelgevangenis S-21, red.) in alle mogelijke bewoordingen zijn spijt betuigd. Niemand heeft dat geaccepteerd of er geloof aan gehecht.'

Als Nuon Chea het heeft over zijn geliefde Cambodjanen, maakt dat geen prettige indruk op de bevolking.

Koppe: 'Je moet ervoor waken de gevoelens van het volk te interpreteren. Nuon Chea's verklaring dat hij Cambodja wilde beschermen tegen de vijand Vietnam is bij velen misschien wel goed gevallen. Onderschat de gevoelens van de Cambodjanen jegens Vietnam niet.'

De wonden die zijn geslagen bij overlevenden en nabestaanden zijn ook niet te onderschatten.

Pestman: 'Het is belangrijk dat iedereen zich realiseert dat dit een proces is waarbij moet worden vastgesteld of onze cliënt schuldig is. Het is er niet om ervoor te zorgen dat het allemaal goed komt in dit land. Het is geen nationale therapie.'

Heeft u de Killing Fields en het martelcentrum S-21 bezocht?

Koppe: 'Zeker, vier jaar geleden al.'

Pestman: 'De eerste keer dat ik in Cambodja was.'

Hoe is het om iemand te verdedigen die volgens velen grote verantwoordelijkheid draagt voor de terreur?

Koppe: 'Natuurlijk zijn er verschrikkelijke dingen gebeurd. Maar eerlijk gezegd begrijp ik de vraag hoe je zo'n man kunt verdedigen niet. We willen dat het proces verloopt zoals het zou moeten en bij een tribunaal is de rol van een raadsman fundamenteel. Anders wordt het een schijnproces, een farce.'

Heeft u niet de keuze dit louter procedureel of meer inhoudelijk aan te pakken en juridische haarkloverij achterwege te laten?

Koppe: 'U komt een paar dagen invliegen en maakt een momentopname. U vergeet dat de zaak al vier jaar loopt. We hebben de onderzoeksrechters bestookt met inhoudelijke verzoeken. We hebben vier jaar onze mond moeten houden over alles wat er is gebeurd.

'We hebben echt geprobeerd een wezenlijke bijdrage te leveren aan de waarheidsvinding.'

U zegt ervan overtuigd te zijn dat Nuon Chea zwaar wordt gestraft. Als u dat al weet, wat is dan nog uw rol?

Pestman: 'Mijn cliënt is ervan overtuigd dat hij wordt veroordeeld, ook al is er onvoldoende bewijs. Het tribunaal is niet opgericht om hem vrij te spreken. Dat zou onverkoopbaar zijn. Maar wij gaan er alles aan doen het zo moeilijk mogelijk te maken hem te veroordelen. Dat is onze taak.'

Zijn er morele grenzen aan die taakopvatting?

Koppe: 'Onze grenzen liggen in de wetgeving en in de gedragsregels van dit tribunaal.'

U heeft een reputatie opgebouwd met grote internationale zaken. U verdedigt meestal de bad guys. Wat fascineert u aan deze verdachten?

Pestman: 'Met ons werk zullen wij niet zo snel de Clara Wichmann-Penning winnen (onderscheiding voor personen of organisaties die zich inzetten voor mensenrechten, red.). Die heeft onze kantoorgenoot Liesbeth Zegveld pas ontvangen. Zij staat slachtoffers bij. Wij vervullen ieder onze rol. Het is allebei noodzakelijk.'

Waarom komt u nooit bij de slachtoffers terecht?

Pestman: 'Wij zijn geen advocaten die slachtoffers bijstaan. Op een gegeven moment maak je een keuze voor een specialisatie.'

Kunt u uitleggen waarom u die keuze hebt gemaakt?

Koppe: 'In die vraag ligt een vooronderstelling besloten. Dat hetgeen wij doen tot op zekere hoogte moreel verwerpelijk zou zijn. Liesbeth Zegveld krijgt die vraag nooit. Het is kennelijk voor velen moeilijk te begrijpen dat, als je mensen ter verantwoording wil roepen, je dat op een bepaalde manier wil doen.'

De vraag is ongetwijfeld vaker gesteld en irriteert u.

Koppe: 'Toegegeven, soms worden we er moedeloos van. Soms zou ik wensen dat we dit niet telkens hoeven uit te leggen. Dat we ons niet vereenzelvigen met de feiten waarvan iemand wordt verdacht.'

De Britse aanklager Andrew Cayley besteedde veel aandacht aan het aantonen dat de opdrachten tot het moorden door de leiders van de Rode Khmer werden gegeven en dat vanuit de lagere regionen naar boven werd gerapporteerd.

Pestman: 'Inhoudelijk heeft Cayley niet zo'n makkelijke zaak. Er is niet zo veel bewijs.'

Hij liet ondertekende documenten zien...

Koppe: 'Onderschat niet hoe dit land in 1975 functioneerde. De verdachten hadden geen idee wat er 300 kilometer verderop gebeurde.'

De aanklager hamerde erop dat de leiders van de Rode Khmer dat wel degelijk wisten.

Koppe: 'Dat de verdachten zich hebben bemoeid met wat er in de lagere regionen gebeurde, is voor de aanklager moeilijk te bewijzen. Er zijn veel schrijnende verhalen van slachtoffers en die worden allemaal bij elkaar gehaald en dan wordt gezegd dat de verdachten verantwoordelijk zijn. Is Obama verantwoordelijk voor een oorlogsmisdrijf dat wordt gepleegd door een Amerikaanse soldaat in Afghanistan?'

De Rode Khmer was een strak georganiseerde beweging.

Pestman: 'De Rode Khmer was geen eenheid. Je zou hen kunnen vergelijken met krijgsheren in Afghanistan. Die doen waar ze zin in hebben en vechten met elkaar. Het oosten van Cambodja vocht met het noorden. Veel deskundigen zijn het erover eens dat de schakel tussen de partijtop en de lagere echelons ontbreekt. De centrale vraag is in hoeverre onze cliënt wist wat er gebeurde.'

Michiel Pestman (1963)

Studie rechten aan de Universiteit van Leiden en politieke wetenschappen in Londen aan de London School of Economics.

1994 beëdigd als advocaat in Amsterdam.

2002 partner bij advocatenkantoor Böhler in Amsterdam.

Staat op de lijst van advocaten die zijn toegelaten tot het Internationaal Strafhof (ICC), het Joegoslavië-Tribunaal, het Cambodja-Tribunaal (ECCC), het Speciale Hof voor Sierra Leone.

Victor Koppe (1964)

Studie internationaal recht en internationale politieke betrekkingen aan de Universiteit Utrecht en de University of Virginia School of Law.

1989 beëdigd als advocaat.

1998 partner bij advocatenkantoor Böhler in Amsterdam.

Staat op de lijst van advocaten die zijn toegelaten tot het Internationaal Strafhof (ICC), het Joegoslavië-Tribunaal, het Cambodja-Tribunaal (ECCC), het Speciale Hof voor Sierra Leone en het Speciale Tribunaal voor Libanon.

Broeder Nummer 2: 'Rode Khmers waren geen slechte mensen'

AMSTERDAM De Rode Khmers waren geen slechte mensen. Dit zei Nuon Chea, de tweede man van het voormalige Khmer-regime, gisteren voor het Cambodja-Tribunaal. 'Broeder Nummer 2' ontkent elke verantwoordelijkheid voor de 1,7 tot 2 miljoen Cambodjanen die tijdens het bewind van de Rode Khmer de dood vonden.

Voor het tribunaal staan de drie belangrijkste nog levende kopstukken van het regime van wijlen Pol Pot terecht. De 85-jarige Chea wordt gezien als de belangrijkste ideoloog van het bewind, dat van 1975 tot en met 1979 aan de macht was. Zijn eveneens hoogbejaarde medeverdachten zijn ex-minister Ieng Sarey en ex-president Khieu Samphan. Alle drie worden beschuldigd van misdaden tegen de menselijkheid, genocide, religieuze vervolging, moord en marteling.

Chea werd maandag voor het eerst verhoord sinds het proces tegen de Khmer-leiders vorige maand begon. 'Deze misdaden zijn niet begaan door Cambodjanen maar door Vietnamezen', zei Chea. 'Ik wil niet dat de volgende generatie de geschiedenis verkeerd begrijpt en denkt dat de Rode Khmer slechte mensen en misdadigers zijn. Daar is niets van waar.'

Chea klaagde tijdens zijn verhoor over hartklachten en kortademigheid en vroeg de rechters tot tweemaal toe de zitting te verdagen. Vandaag wordt zijn verhoor voortgezet.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden