‘DIT STUK IS EEN KERNBOM’

Jack Wouterse en Rik van Uffelen spelen elk King Lear. De een bij het Ro Theater, de ander bij Het Vervolg....

‘Er kan niet genoeg Shakespeare gespeeld worden. Hoe of wat je er ook mee doet, het is altijd een groot geluk om in een Shakespeare te staan. Het probleem met zo’n klassiek stuk als King Lear is vooral het verwachtingspatroon. Aan stukken als Hamlet, Othello en King Lear hangt altijd een soort avontuur. Gaan ze er iets mee doen, of gaan ze er juist niets mee doen? – dat soort vragen. Voor mijzelf heb ik inmiddels bedacht dat ik deze rol wil spelen alsof het stuk gisteren geschreven is, alsof het nog nooit is opgevoerd. Ik probeer helemaal los van de traditie gewoon mijn eigen weg te vinden. Hup, weg die balast, proberen erachter te komen wat er in dat stuk precies staat en niet hoe het al honderd keer is gespeeld. Op een bepaald moment ben ik ook opgehouden me af te vragen wat men ervan zal vinden. Dat geeft een gevoel van bevrijding. De valkuil is namelijk de geschiedenis, de vorige opvoeringen, de Engelse standaard. Als ik die Engelse acteurs in Lear zie, is dat vaak een kopie van de vorige.

‘Ik heb in mijn acteursloopbaan al veel vaker in Shakespeare-stukken gestaan: Othello, Hamlet, Coriolanus, Maat voor Maat, Titus Andronicus en zelfs twee keer eerder in King Lear, als Gloucester en als Kent. Dat waren voorstellingen waarin Ton Lutz en Hans Croiset de titelrol speelden. Ja, en nu ben ik zelf Lear. Ik wil hem spelen zoals ik denk dat hij is: een levend mens. Geen museumstuk. Lear zou mijn vader kunnen zijn, een mens van vlees en bloed, met al zijn eigenaardigheden. Ook voor hem is ouder worden een probleem, je wordt geconfronteerd met allerlei beperkingen. Het is één groot verwerkingsproces naar het moment waarop alles ophoudt. Het enige dat je nog wacht, is de dood. Gewoon je kop neerleggen. Weg. Is dat tragisch? Ik weet het niet, je zou ook kunnen zeggen dat de cirkel dan mooi rond is.

‘Lear gaat over macht en het afgeven van die macht, of dat nu in de familie is, in een koninkrijk, een bedrijf. Dat afstaan van macht gaat bij Lear met de nodige tragiek gepaard, maar hij komt tenslotte wel tot inzicht.

‘Het is een prachtig stuk, ruw en hard. Zeker geen well made play, daarvoor is het te grillig. Het is een stuk dat schuurt, een kernbom! Nee, als Shakespeare een cursus scenarioschrijven zou hebben gevolgd, was hij daarvoor vast niet geslaagd. Behalve over macht gaat het over liefde, hoop, misverstanden. Over dat alles tegelijk, dat is ook dat ongepolijste.

‘Natuurlijk heb je als acteur de neiging eens lekker gretig en virtuoos met die rol aan de haal te gaan. Maar die gretigheid moet je juist niet laten zien. Ik wil een doorgeefluik zijn tussen de toneelkunst en het publiek, ik ben slechts een instrument. Maar dan wil ik wel het beste instrument van de wereld zijn, de beste Stradivarius.

‘ Als je voor deze rol gevraagd wordt, denk je eerst: wat fantastisch! Het heeft toch iets extra’s, een zekere glans. Als je Lear speelt, is je gevoel voor verantwoordelijkheid gewoon groter, het is hoe dan ook een ijkpunt. Maar het is soms ook reden voor grote onrust. En de eenzaamheid is groter – eerst zit je alleen op je kamertje die zware tekst te doorgronden, en dan sta je op het podium om het te spelen.

‘Dit wordt mijn Lear, zonder verlamd te zijn door de geschiedenis. Gaandeweg de repetities is het rustiger in mij geworden, omdat ik meer overzicht over het stuk en de voorstelling krijg. Je leert het stuk van binnen en van buiten kennen. En dan: als het mislukt, gaat het leven gewoon door, na Lear komt er weer een andere rol. Maar voorlopig is het puur geluk dit te mogen doen. Een godsgeschenk.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden