Reconstructie de moord op Joost Wolters

Dit ging er mis in de begeleiding van de man die Joost Wolters doodstak in de metro

In juli 2017 werd Joost Wolters doodgestoken in de Amsterdamse metro. De dader was Philip O., een psychiatrisch patiënt op proefverlof. Had de dood van de 38-jarige vader voorkomen kunnen worden? Uit onderzoek van de Inspectie Justitie en Veiligheid blijkt een opeenstapeling van fouten.

Joost Wolters. Beeld Privé-collectie familie

Het is 27 juli 2017, even na zessen als een kleine, maar forse Ghanees-Nederlandse man een drukke Amsterdamse metro binnenstapt. Philip O. gaat op een bankje zitten. Aan zijn gedrag is niet af te lezen dat hij een psychiatrisch patiënt op proefverlof is. De 27-jarige O. luistert naar muziek, net als veel anderen in de metro. Op zijn telefoon staat murder music, een omstreden genre dat bekendstaat om zijn extreem gewelddadige teksten waarin moord wordt verheerlijkt.

Even verderop zit Joost Wolters, een 38-jarige cybersecurity-expert die enkele maanden eerder vader is geworden. Nietsvermoedend staart Wolters naar zijn telefoon. Hij wil naar huis, na een drukke werkdag. Wolters ziet niet dat Philip O. opstaat en naar hem toeloopt. Uit het niets haalt O. een schilmes tevoorschijn en begint te steken in Wolters’ buik.

Als het slachtoffer 24 seconden later levenloos in de metro ligt, doet Philip O. een dansje. Hij klopt zichzelf op de borst – alsof hij zijn missie heeft volbracht. Zodra de metro stilstaat, verlaat hij het voertuig. Op het perron brengt Philip O. het bebloede schilmes naar zijn mond. Hij likt het af, en steekt een sigaretje op.

Woensdag publiceerde de Inspectie Justitie en Veiligheid een onderzoek over deze steekpartij in de Amsterdamse metro. Aanleiding waren gezamenlijke publicaties van de Amsterdamse stadszender AT5 en de Volkskrant. Uit het inspectie-onderzoek blijkt een opeenstapeling van fouten. Dit ging er allemaal mis in de begeleiding van Philip O.:

Philip O. ontloopt jeugd-tbs en niemand heeft het door

Als jeugddelinquent ontloopt Philip O. een behandeling voor jeugdige tbs’ers. In 2006 oordeelt de jeugdrechter dat O. behandeld moet worden in een psychiatrische kliniek. Aanleiding is een ruzie waarbij O. een leeftijdsgenoot met een broodmes in de rug en de borst steekt. Volgens de jeugdrechter ziet de destijds 16-jarige O. de ernst van zijn daden niet in. Het is op dat moment niet de eerste keer dat O. met justitie in aanraking komt. Een jaar eerder heeft O. al een taakstraf gekregen vanwege een fietsendiefstal. Deze taakstraf wordt als mislukt beschouwd, omdat O. de werkplek vernielt.

Ook in een verplichte behandeling in een kliniek voor jeugd-tbs’ers heeft O. geen zin. Hij vlucht in 2007 naar het buitenland. Alleen: het lijkt erop dat niemand hiervan melding maakt. Het gevolg is dat O. niet nationaal én internationaal gesignaleerd wordt – iets wat wel had moeten gebeuren. En ook als hij in 2015 terugkeert in Nederland gaat bij niemand een belletje rinkelen. En dat terwijl die tbs-maatregel alsnog uitgevoerd had moeten en kunnen worden, stelt de Inspectie. De reden dat het niet is gebeurd is een onduidelijke manier van registreren, aldus de Inspectie. Op O.’s strafblad – ook wel ‘uittreksel justitiële documentatie’ – staat niet dat de jeugd-tbs-maatregel niet is uitgevoerd.

Dit komt ook niet naar boven als O. kort na terugkeer in Nederland opnieuw misdrijven pleegt. Pas na de moord op Joost Wolters wordt bekend dat O. eigenlijk eerder behandeld had moeten worden.

Wolters werd doodgestoken in metro 53 richting Venserpolder. Beeld Waldthausen Marlena

Informatie over Philip O. wordt niet gedeeld

Het is niet de enige keer dat informatie over Philip O. niet goed gedeeld wordt. Tijdens zijn verblijf in het buitenland pleegt O. ook enkele misdrijven. In Groot-Brittannië wordt hij onder meer veroordeeld voor een vechtpartij (2012) en een gewelddadige overval waarbij het slachtoffer zwaargewond raakte (2013). Ook de informatie van de Britten wordt niet vermeld op O.’s strafblad. Oorzaak is een ‘technische fout’, schrijft de Inspectie in het rapport. Pas na publicaties van de Volkskrant en AT5 wordt die fout ontdekt en op zijn strafblad rechtgezet.

Die technische fout heeft op dat moment alleen al wel consequenties gehad. Vlak na terugkeer in Nederland komt O. alweer in aanraking met justitie. In 2015 vernielt hij een politievoertuig, en pleegt hij een gewapende overval op een tankstation. Hoewel het wel duidelijk is dat O. lijdt aan een psychotische stoornis, zijn er geen aanknopingspunten om tbs op te leggen, redeneren de rechters in 2016. De verdachte weigerde mee te werken aan het onderzoek van het Pieter Baan Centrum en uit zijn strafblad maakt de rechter ten onrechte op ‘dat O. in de vijf voorafgaande jaren aan de overval op het tankstation niet veroordeeld is voor geweldsdelicten’.

Hier blijft het niet bij: ook in de periode die volgt wordt informatie niet gedeeld of niet goed verwerkt door de betrokken instanties.

Op cruciale momenten wordt niet doorgepakt

Na zijn veroordeling voor de gewapende overval komt Philip O. in de gevangenis in Vught. Als O. tweederde van zijn straf heeft uitgezeten komt hij – zoals alle andere gevangenen – in aanmerking voor voorwaardelijke invrijheidstelling. Bij de gevangenis in Vught zijn echter zorgen: in hoeverre is O. trouw aan zijn therapie en neemt hij op het juiste moment zijn medicijnen in? Zijn behandelaars willen dat hij opgenomen wordt in een forensische kliniek. Deze kliniek laat echter weten dat de tijd die O. nog rest voordat hij definitief vrijkomt, te kort is voor het starten van een zinvolle behandeling.

En dus stelt de gevangenis voor dat O. tijdens zijn voorwaardelijke invrijheidstelling ambulant wordt behandeld, en dat hij in een beschermdwonentraject wordt opgenomen. De Inspectie vindt deze afweging van de gevangenis ‘onnavolgbaar’, want de gevangenis stelt ook dat er een risico is dat Philip O. ‘in psychiatrische zin zal decompenseren’ als hij te weinig ondersteund wordt en zijn medicatie niet tijdig inneemt. Oftewel: dat hij psychisch zal ontsporen.

In februari 2017 komt Philip O. toch vrij. Hij valt tussen wal en schip: een plek in een begeleidwonengroep is er nog niet. En ook voor een ambulante behandeling komt O. op de wachtlijst.

Instanties hebben onvoldoende overleg: wie is verantwoordelijk?

Philip O. vertrekt uit de gevangenis in Vught zonder vaste woon- of verblijfplaats. De reclasseringsmedewerker van het Leger des Heils probeert nog wel van alles voor hem te regelen. Maar al een maand later constateert de medewerker dat Philip O. ‘uit beeld’ begint te raken. Precies achterhalen wat de reclasseringsmedewerker allemaal heeft geprobeerd om O. te helpen, lukt de inspectie niet. Er is ‘onvoldoende geregistreerd, mede vanwege een hoge werklast’.

In mei 2017 komt O. opnieuw in beeld. Ditmaal omdat hij zijn moeder bedreigt. Hij wordt op last van de rechter opgenomen in de psychiatrische afdeling van het Amsterdams Medisch Centrum (nu Amsterdam UMC geheten). Volgens de rechter vormt hij een acuut gevaar voor zichzelf en anderen. Dat betekent dat zijn voorlopige invrijheidstelling en reclasseringstoezicht wordt opgeschort, omdat hij nu met een rechterlijke machtiging vastzit.

Maar vanaf dat moment ontstaat er onduidelijkheid: wie is eindverantwoordelijk voor Philip O.?. Er is bovendien beperkt onderling contact tussen het OM, de reclassering en het AMC, en informatie wordt nauwelijks gedeeld.

Mede om die reden weet het AMC vrij weinig van de nieuwe patiënt. Ze weten alleen dat hij veroordeeld is voor een gewapende overval, maar niets over zijn voorgeschiedenis. Ze weten bovendien niet dat Philip O. tijdens de behandeling van zijn strafzaak in 2015 een parketwachter in de rechtbank heeft mishandeld.

Kort na aankomst in het AMC mishandelt Philip O. een verpleegkundige: hij gooit een kop hete thee naar haar. Maar hoewel de verpleegkundige aangifte doet van deze mishandeling, neemt het AMC geen contact op met het OM met het verzoek om de zaak te bespoedigen.

Hadden ze dat wel gedaan, dan zou justitie Philip O. mogelijk versneld in een forensische kliniek hebben kunnen plaatsen. Want ook de behandelaars van O. in het AMC hebben dan al geconcludeerd dat O. een veel te zwaar geval is voor deze ‘reguliere’ psychiatrische kliniek. Maar veel actie om hem elders onder te brengen, neemt het ziekenhuis niet, blijkt uit het inspectierapport. Het ziekenhuis doet nooit een formeel verzoek om hem te laten overplaatsen.

Risico’s worden niet goed ingeschat

Al snel na zijn opname op de highcareafdeling van het AMC mag Philip O. op onbegeleid verlof. Ook hierover heeft het AMC geen overleg met het OM of de reclassering. Gezien de zwaarte van Philip O.’s problematiek zou afstemming meerwaarde hebben gehad, aldus de Inspectie Justitie en Veiligheid.

Bovendien keert Philip O. meerdere malen te laat terug na een proefverlof. Het AMC maakt daar melding van. Hij wordt dan in de opsporingssystemen gesignaleerd met de classificatie ‘hoogste gevaar’. Dit betekent dat het AMC aan het OM kan vragen om Philip O. actief op te sporen. Dit vraagt het ziekenhuis echter niet.

Het komt zelfs een keer voor dat O. verkeerd staat gesignaleerd door de politie, als vermist en niet als iemand die gedwongen moet worden teruggebracht naar de psychiatrische kliniek waar hij op last van de rechter verblijft. Op 28 juni 2017 loopt Philip O. met een ticket voor easyJet-vlucht EZY3010 in de hand op Schiphol. De marechaussee in vertrekhal 3 spreekt hem aan en vraagt naar zijn verblijfplaats. Die weigert O. te geven, hij mag doorlopen. Vermisten zijn namelijk niet verplicht dit te vertellen. Later die nacht keert O. op eigen gelegenheid terug naar de kliniek. Wat hij heeft gedaan op Schiphol is onduidelijk.

Hoewel O. zich niet aan zijn verlofafspraken houdt, gaat hij op 27 juli 2017 weer op proefverlof. Eerder oordeelde de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) al ‘dat het snel verruimende verlofbeleid moeilijk in overeenstemming kon worden gezien met het toestandsbeeld van Philip O.’ Aan het begin van de middag vertrekt O. uit het AMC. Volgens zijn behandelaars is er niks vreemds aan zijn gedrag. Later zullen deskundigen van het Pieter Baan Centrum vaststellen dat O. soms heel goed in staat is zijn gekte te maskeren.

Om een paar minuten over zes stapt Philip O. in metro 53 op station Van der Madeweg. Hij gaat zitten, maar staat al snel weer op. Rustig loopt hij door het metrovoertuig, richting zijn nietsvermoedende slachtoffer. Zijn rechterhand steekt hij in zijn zak.

Philip O. werd vorig jaar veroordeeld tot 5 jaar cel en tbs met dwangverpleging.

Alle instanties faalden: en toen was Joost dood

Lees hier de reconstructie terug die de Volkskrant in 2018 publiceerde. Ook Amsterdamse stadszender AT5 maakte een reconstructie over de vraag: had de dood van Joost Wolters voorkomen kunnen worden?

Kort na de publicatie reageerde het AMC, het ziekenhuis dat de psychiatrisch patiënt op proefverlof stuurde. Lees hier het interview terug. Ook Rein Jan Hoekstra reageerde in 2018 op de reconstructie. De zaak vertoont veel gelijkenissen met de zaak-Els Borst. Hier deed Hoekstra in 2015 onderzoek naar. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden