Reportage Gezinszorg

Dit gezin liet zich vrijwillig uit huis plaatsen: ‘Je kunt niet voor kinderen zorgen, als je niet goed voor jezelf zorgt’

Vader Berry, moeder Prescilla en hun zoons van 5 en 8 jaar. Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Een kind uit huis plaatsen is traumatisch en zelden een oplossing voor ernstige problemen in een gezin, vindt jeugdhulpinstelling Accare. Daarom werkt zij met een andere methode: het hele gezin verhuist tijdelijk naar een kliniek voor een behandeling.

Als je niet beter weet, denk je dat Prescilla (28) met haar man en twee kinderen op vakantie is in de bossen rond Smilde. De hele familie is luchtig gekleed op deze snikhete doordeweekse ochtend. Op de eettafel staan plastic flessen hobbyverf in alle kleuren van de regenboog uitgestald. De tuindeuren van de vrijstaande ­woning staan open. Verkoeling van de ­recreatieplas verderop lonkt. Vader Berry (29) zoekt de zwemspullen bij elkaar. Zijn zoons van 5 en 8 springen opgewonden om hem heen. Maar de zomervakantie is toch nog niet begonnen? En wat merkwaardig voor een vakantiewoning, dat kantoortje in de gang bij de voordeur, met een raam dat een doorkijkje biedt naar de huiskamer.

Prescilla trekt zich er onder protest van haar kinderen even terug om het verhaal te vertellen van haar gezin. Vanachter het bureau met computer en paperassen luistert Margot Schipper mee. Zij stelt zichzelf voor als de ‘gezinsbehandelaar’ van jeugdhulp­instelling Accare. De organisatie is in 2008 gestopt met het uit huis plaatsen en in de kliniek begeleiden van kinderen met ernstige emotionele en gedragsproblemen onder de 12 jaar. Daarna is een alternatief ontwikkeld voor deze jonge groep kinderen: als hun verzorging en veiligheid in het gezin in het geding zijn, kan het hele gezin vrijwillig in de kliniek worden opgenomen, met als doel een veilige en vrediger gezinssituatie te creëren.

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie

Want het was vaak dweilen met de kraan open. Kinderen die na een behandeling van een jaar weer naar huis of een pleeggezin konden, zagen de hulpverleners dikwijls na een paar maanden weer terug. Voortschrijdend inzicht leerde dat gedragsproblemen van kinderen vaak verband houden met onverwerkte jeugdtrauma’s van ouders.

Dat kan Prescilla alleen maar bevestigen. Evenals haar man Berry kijkt ze terug op een ‘onrustige en onveilige jeugd’. Zelfvertrouwen is Prescilla niet met de paplepel ingegoten. De angsten waarmee ze worstelt, maken dat ze nooit alleen de deur uit durft en bij afwezigheid van Berry veel, te veel dagen met haar kinderen thuis op de bank hangt met de tv aan, playstations in de hand.

Kwetsbare kant

De kinderen voelen haarfijn de kwetsbare kant van hun moeder aan en ­maken er gebruik van. Bij elk hoofdpijntje van een van de jongens meldt ze hen ziek op school. Prescilla isoleert zichzelf. Een ­dagelijks ritme kent het gezin niet. De kinderen hoeven maar te zeggen: ‘Ik moet drinken’ of ‘Ik heb honger’ en Prescilla loopt naar de koelkast. Zelf eet ze perioden veel en ongezond of juist helemaal niks. ‘Ik woog een tijd 100 kilo. Toen ik hier drie weken geleden aankwam 55.’ De kinderen commanderen haar. Bij stout of brutaal gedrag en onderlinge ruzies is ze niet in staat in te grijpen en de kinderen te corrigeren. ‘Als je hoofd vol zit, kun je niks bedenken.’ Haar jong aangeleerde overlevingsstrategie van zich terugtrekken bij moeilijkheden, zit haar in de weg. Kinderen pikken dat niet. Het enige dat ze dan nog kan, is schreeuwen en dreigen dat ze pappa erbij zal halen. Met als gevolg dat de jongens niet naar hun moeder luisteren en haar telkens uitdagen. Chaos troef.

Het gezin wordt onder toezicht van de Kinderbescherming geplaatst. De rechter wijst een gezinsvoogd toe. Prescilla en Berry weten dat uit huis plaatsing van de kinderen dreigt als de situatie niet verbetert. De voogd vertelt over ‘Kings’, een programma van zes tot acht weken waarbij het hele gezin uit huis wordt geplaatst om alle problemen die spelen bij de hoorns te vatten met als doel de kinderen in een sterkere en veilige omgeving te laten opgroeien. Berry ziet er in eerste instantie niets in. Maar Prescilla wil ‘alles doen om haar gezin bij elkaar te houden’ en weet haar man over de streep te trekken.

Een ‘spion’ in huis

De meeste zenuwen heeft ze aanvankelijk bij dat kantoortje met het raam, waar de hele dag een hulpverlener aanwezig is, als een soort spion. Maar het went en je op de vingers kijken, doen ze helemaal niet, zegt ze. ‘Wij bepalen, zij steunen. We werken samen aan hetzelfde doel: dat het beter met ons gaat. En het werkt.’

Gezinsbehandelaar Margot mengt zich in het gesprek. ‘Er zit nu een andere Prescilla voor mij dan drie weken geleden. Je bent rustiger geworden en lacht weer.’ Er verschijnt een verlegen en ook trotse glimlach op haar gezicht. ‘Ik keek altijd naar de grond. Nu durf ik mensen weer aan te kijken en een gesprekje aan te knopen.’ Ze is een paar dagen geleden zelfs alleen naar de tandarts gegaan met een kaakontsteking, iets wat ze voorheen niet had aangedurfd. Bij pijn greep ze naar pijnstillers.

Prescilla heeft er drie weken intensieve traumatherapie op zitten, gaat elke ochtend even sporten, eet weer en voelt zich sterker en zelfverzekerder. ‘Je kunt niet voor kinderen zorgen als je niet goed voor jezelf zorgt.’

Voor Berry geldt hetzelfde verhaal. Hij heeft minder last van hoofdpijn, slaapt beter en is niet meer ‘zo chagrijnig en snauwerig’. Het dagelijkse leefritme heeft rust in het gezin gebracht.

‘Doordat wij rustiger zijn, zijn de kinderen het ook’, zegt Prescilla. ‘Als ik nu met de kinderen praat, ga ik door mijn knieën. Dan zijn we op hetzelfde niveau. Ze moeten zich serieus genomen voelen. Ik ben hun moeder, niet hun baas.’ De oudste heeft nog dagelijks een driftbui, maar de jongens beginnen beter te luisteren. ‘Het is weer leuk om een gezin te zijn.’

De toekomst

De deur gaat open en de jongste polst of het wel goed gaat met zijn moeder. Ook Berry wil even haar aandacht. ‘We zijn klaar om naar de recreatieplas te gaan. Ga je mee?’ Prescilla zegt dat ze vast kunnen gaan, en zij later volgt. Nog zoiets wat ze weken geleden voor onmogelijk had gehouden.

Nog drie weken en het zit er op. Terugkeren naar hun huurwoning in Leeuwarden zijn Prescilla en Berry niet van plan. Ze hebben de smaak te pakken en willen álle oude patronen doorbreken. Contacten met ‘verkeerde’ vrienden zijn verbroken. ‘Al die problemen, die moeten ze zelf maar oplossen.’ Ze gaan een woning zoeken in de omgeving van Smilde. Want hier is het rustiger, er is meer ruimte voor de kinderen om buiten te spelen. Hier willen ze het gezin blijven dat ze nu zijn.

Hoe werkt de behandeling? 

In Nederland wonen ongeveer 46 duizend kinderen niet bij hun ­ouders, maar in een pleeggezin, crisisopvang of kindertehuis. In 1997 waren het er nog 26 duizend. Jeugdhulpinstelling Accare is tien jaar geleden gestopt met het weghalen van kinderen bij de ouders, bij ernstige problemen. Daarvoor in de plaats kwam de behandeling ‘Kings’ (Kind in gezond systeem). Sinds 2008 zijn ruim driehonderd gezinnen vrijwillig opgenomen in de kliniek in Smilde voor een gezinsbehandeling. In 90 procent van de gevallen is de oorzaak van verwaarlozing, mishandeling en ernstige gedragsproblemen van kinderen te vinden in jeugdtrauma’s van de ouders, zegt klinisch psycholoog Femy Wanders. ‘Een boze blik, stemverheffing of afwijzing van een zoon of dochter kan er al voor zorgen dat bij de getraumatiseerde ­ouder de alarmbellen gaan rinkelen en hij of zij reageert met schreeuwen, slaan of het negeren van signalen en behoeften van het kind.

‘Dat patroon kan worden doorbroken met traumatherapie zoals EMDR en behandelingen en activiteiten die ouders zelfinzicht en meer zelfvertrouwen geven. Zodra ouders hun eigen gevoel en reacties snappen, worden ze stabieler en kalmeert hun brein. Pas dan zijn ze in staat tot bewust opvoeden.’

De gedachte achter Kings is dat de ouders nodig zijn om het problematische gedrag van de kinderen te beïnvloeden. Daarom begint de behandeling met hen. Met als doel rust, structuur en veiligheid in het gezin te creëren. De ouders hebben tijdens de opname de regie in het gezin. Maar als iets niet lukt of een situatie uit de hand dreigt te lopen, coacht de gezinsbegeleider hen of neemt die de regie even over. Met video-opnamen wordt de interactie tussen ouders en kinderen besproken.

Als de traumabehandeling van de ouders is afgerond gaan, als dat noodzakelijk is, de kinderen in therapie. Na zes tot acht weken blijken de omgangsvormen in het gezin en de pedagogische vaardigheden van de ouders vaak zodanig verbeterd, dat het weer kan terugkeren naar huis. De begeleiding wordt dan ambulant voortgezet.

Bij Accare in Smilde zijn permanent zes gezinnen in behandeling. Na de zomer is er ruimte voor acht. Het effect van de behandeling is onderwerp van wetenschappelijk onderzoek door de Erasmus Universiteit Rotterdam. De praktijk, zo ziet klinisch psycholoog Femy Wanders, laat positieve resultaten zien. Symptomen van posttraumatische stress bij de ouders nemen af, kinderen worden sociaal vaardiger, vertonen minder gedragsproblemen, gaan weer naar school en er zijn ouders die weer gaan deelnemen aan het arbeidsproces. ‘De kwaliteit van leven van het gezin wordt verhoogd.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden