Disco

Nee hoor, disco is nooit echt weggeweest, bewijst een lekker complete documentaire.

Wie denkt dat disco dood is, heeft het niet helemaal begrepen. Daft Punks Get Lucky, dé hit van 2013, is regelrechte disco. De gitaren van discokoning Nile Rodgers, die van Chic, zijn te horen op het nummer, en ook discoproducer en -componist Giorgio Moroder werkte mee aan Daft Punks succesplaat Random Access Memories. Dan hebben we het nog niet eens over vrijwel alle hits van Rihanna, de muziek van Bruno Mars en Robin Thickes Blurred Lines. Op al die nummers is de four-on-the-floorbeat te horen, het drumritme dat disco kenmerkt.

Earl Young, drummer van The Trammps (Disco Inferno, 1976), bedacht de beat. 'Motown had de heartbeat, dus disco moest met iets anders pakkends komen', vertelt hij in de documentaire Disco van regisseur Arjan Vlakveld en presentator en interviewer Leo Blokhuis. Wat zijn de oorsprong en het geheim van disco? Dat is de vraag die de documentairemakers zich in deze film stellen.

Het resultaat is een zeer complete, 104-minuten durende documentaire. Alle discokopstukken komen voorbij; van KC & the Sunshine Band tot Manu Dibango. Zelfs Donna Summer, die vorig jaar overleed, is te zien. Blokhuis sprak haar vier jaar voor haar overlijden. 'Kom je uit Nederland?', vraagt ze aan Blokhuis. 'Amsterdam? Dat is waar mijn carrière begon. Sjef van Oekel!' In Van Oekel's Discohoek, een persiflage op AVRO's Toppop, performde ze het nummer The Hostage. Met warme gevoelens denkt ze terug aan die tijd.

In de jaren zeventig gingen muzikanten voor het eerst hardcore-clubplaten maken. Niet op de radio hoorde je de nieuwste muziek, maar in de clubs. De dj's werden de helden van de dansvloer. Nicky Siano, de dj van Studio 54; dé discoclub, blikt terug: 'Als een radio een nummer draaide, was het tijd om iets anders te zoeken. Dj's kregen macht, radiostations stuurden limo's, drugs - alles wat dj's maar wilden - om ons te pleasen.'

Vermakelijk zijn de beelden van alle happy, shiny people op de dansvloer, maar de disconummers en de verhalen erachter worden na verloop van tijd wel een beetje saai. De motivatie achter de nummers is vaak wel erg leeg. 'We hadden net de oliecrisis gehad, kwamen net uit de oorlog met Vietnam, or whatever, en ik vond de muziek op de radio erg somber. Daarom besloot ik meer energieke muziek te schrijven', verklaart zanger Harry Casey van KC & the Sunshine Band zijn keuze voor disco.

Een nieuwe impuls krijgt de muziekstroming weer even als zelfs grote rockbands als Queen (Another One Bites the Dust, 1980), Rolling Stones (Miss You, 1978) en Kiss (I Was Made for Loving You, 1979) disco gaan maken; disco met gitaarsolo's. Maar niet lang daarna wordt het (voorlopige) einde van de disco opgetekend; in elke bar, elke club en elk wegrestaurant hangt inmiddels een discobol. De stroming is niet langer meer hip en underground, disco is een rage geworden. In juli 1979 roept een dj op tot Disco Demolition Day: duizenden discoplaten worden verbrand. Het is het einde van disco als aparte muziekstroming, maar deze documentaire leert dat disco eigenlijk nooit is weggeweest uit de popmuziek. In veel dansbare popplaten is de four-to-the-floorbeat te ontwaren.

Disco

Zaterdag, Ned 3, 21.30 uur

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden