Directeuren NAi onder vuur van personeel, en curatoren zijn opgestapt

Het rommelt bij het Nederlands Architectuur instituut. De directeuren liggen onder vuur van het personeel. De curatoren zijn al opgestapt. 'De directie gelooft niet in de medewerkers.'

Oorlog en Vrede had de tentoonstelling moeten gaan heten, en hij had tien dagen geleden moeten zijn geopend, in het Nederlands Architectuur instituut (NAi) in Rotterdam. Werk dat wereldberoemde architecten als Mies van der Rohe, Le Corbusier en Maaskant in de Tweede Wereldoorlog maakten, zou in het NAi te zien zijn geweest. Oorlog en Vrede - in de stad van de wederopbouw, in een van de grootste architectuurmusea ter wereld - had ook over het heden moeten gaan, over de herbouw van steden als Kabul (Afghanistan), Pristina (Kosovo) en Jos (Nigeria).

Maar de tentoonstelling heeft zaal 1, de grote zaal van het architectuurmuseum, nooit bereikt. Begin 2011, toen de financiële nood steeds hoger werd, besloot de NAi-directie Oorlog en Vrede niet te laten doorgaan. Een tegenslag bij de verbouwing en de dreiging van afnemende sponsorinkomsten maakten het risico te groot. In zaal 1 kwam Dwarsdesign te staan, over Nederlandse en Chinese ontwerpers. Ook mooi. Maar geen architectuur. In januari komt er een fototentoonstelling voor in de plaats. Ook mooi, maar weer geen architectuur, verzuchten medewerkers. Ze volgen de wijze van programmering met pijn in het hart.

Gesprek

Het rommelt bij het NAi. De ondernemingsraad voert vandaag een gesprek met de raad van toezicht over het functioneren van algemeen directeur Ole Bouman en zakelijk directeur Peter Haasbroek. Onder het personeel bestaan al lange tijd klachten over de twee. In een intern schrijven waarschuwt de raad voor schade. De brief is een noodkreet, zegt een bron bij het NAi. Het gaat al lang niet goed.

Al in maart 2008, blijkt uit de brief die in het bezit is van de Volkskrant, slaat de staf van Ole Bouman alarm. Vier van de vijf stafleden sturen een snoeiharde brief aan de raad van toezicht. Ole Bouman is dan bijna een jaar directeur van het NAi. De raad van toezicht moet beslissen of hij een verlenging krijgt van zijn contract dan wel een vaste aanstelling.

'Ole lijkt te beschikken over weinig leidinggevende capaciteiten en organisatiebewustzijn', staat in de brief. En: 'De door Ole gehanteerde wijze van communiceren is niet transparant en het ontbreekt aan openheid.' En: 'Ole is onvoldoende op de hoogte van de dagelijkse gang van zaken, het afdelingsbeleid en werkprocessen binnen het instituut.'

Vaste aanstelling

Boumans slechte overgangsrapport moet met een harde plof zijn beland in de mailbox van Hans Andersson, de voorzitter van de raad van toezicht. De staf hoopt en verwacht te worden uitgenodigd voor een gesprek. Niets blijkt minder waar. De brief ligt nog dezelfde dag bij Bouman. Hij krijgt ondanks de stortvloed van kritiek een vaste aanstelling. Van de toenmalige staf is inmiddels iedereen vertrokken, behalve het hoofd financiën.

Vier jaar later blijkt er nauwelijks iets veranderd. Uit gesprekken met medewerkers, ex-medewerkers en kenners van het NAi, en uit correspondentie van de ondernemingsraad, rijst een beeld van een directie - inmiddels aangevuld met zakelijk directeur Peter Haasbroek - waarmee medewerkers grote moeite hebben. Zo groot, dat een aantal medewerkers is vertrokken. Sommigen spreken van Nederlands Afscheid Instituut.

Het NAi, museum voor architectuur, zoals de ondertitel luidt, is een museum zonder curatoren. Allen zijn het afgelopen jaar opgestapt, de meesten terwijl ze nog geen nieuwe baan hadden. Een hoofdcurator is er al maanden niet meer, net zo min als een hoofd public relations en marketing.

Problemen groot

Volgens een direct betrokkene zijn de problemen nog steeds groot. 'Afzonderlijk hebben de twee grote kwaliteiten, maar de combinatie werkt niet. Ze beconcurreren elkaar. Ze brengen geen respect op voor medewerkers, en willen alles zelf doen. Ze zetten mensen opzij. Het zijn geen mensen die nadenken over hoe je met personeel omgaat. Het is onduidelijk wie welke verantwoordelijkheid heeft en neemt, waardoor medewerkers in verwarring raken.'

Ole Bouman (1960) volgt in april 2007 Aaron Betsky op als directeur van het NAi. De hoofdredacteur van het tijdschrift Volume is een gerespecteerd denker over architectuur. Hij werkt samen met onder meer de denktank AMO van bureau OMA en Rem Koolhaas. Hij heeft een indrukwekkende lijst publicaties op zijn naam staan. En hij heeft een missie.

Bouman wil de architectuur, op een moment dat de 'starchitects' nog volop heersen, weer maatschappelijke relevantie geven. 'Architectuur als noodzaak', luidt zijn motto. Het NAi, een van de grootste architectuurinstituten ter wereld, internationaal zeer gerespecteerd, moet een voortrekker worden op het gebied van het debat. Architectuur is geen kwestie van l'art pour l'art, stelt Bouman.

De wereld veranderen

Volgens de nieuwe directeur kan goede architectuur de wereld veranderen, zoals hij probeert aan te tonen met enkele grote tentoonstellingen over 'noodzakelijke architectuur'. Er komt een uitgebreid internationaal programma, met als een van de hoogtepunten deelname aan de Biënnale in het Chinese Shenzen die vorige week werd geopend. Onder de naam Match­making schuift Bouman vijf Nederlandse bureaus naar voren die hun kennis in dienst stellen van het Chinese woningbouwvraagstuk.

Ook zijn critici prijzen Boumans visionaire gedachtengoed en zijn onvermoeibare tochten over de wereld om zijn missie uit te dragen. Het heeft wel een nadeel: Bouman is - in elk geval in de waarneming van zijn medewerkers - vaker niet dan wel in Rotterdam aanwezig. 'Met zijn airmiles zit hij op drie keer platinum', vermoedt een waarnemer.

Wat Bouman als theoreticus wel heeft, mist hij als directeur, zeggen mensen die hem kennen en meemaken. 'Een conceptdenker, maar als directeur een ramp.' 'Inhoudelijk een sterk verhaal, maar bestuurlijk-strategisch weet hij niet hoe het moet.' 'Hij houdt meer van de mensheid dan van mensen.' 'Niet ruimschoots gezegend met sociale vaardigheden.'

Discussie

Het leiden van het NAi is geen sinecure. Al sinds de opening, in 1993, woedt de discussie over wat het instituut moet zijn. Een instelling voor de vakwereld? Een museum voor het grote publiek? Of iets ertussenin? Wie zich te veel op de vakwereld richt, krijgt het verwijt elitair te zijn, maar wie de steven wendt naar het publiek, gaat volgens critici uit de vakwereld te veel op de hurken zitten.
Voor dat effect lijkt Peter Haasbroek (1964), die begin 2009 aantreedt als zakelijk directeur, in elk geval niet bang. Haasbroek, afkomstig van de Consumentenbond, probeert op zijn manier de luiken open te gooien. In het begin is er veel lof. Anders dan Bouman is Haasbroek altijd aanwezig; hij is benaderbaar en resultaatgericht.

Haasbroek leidt zelf de verbouwing van het NAi, die plaatsheeft tussen mei 2010 en juni 2011. Een onverwachte tegenvaller - de keldervloer komt door toegenomen grondwaterdruk omhoog - pakt hij vakkundig aan. Tegelijkertijd werkt hij aan een mentaliteitsverandering. Het NAi moet vanaf de heropening veel publieksgerichter zijn. En dat vergt een andere houding van de medewerkers, onder wie de curatoren, de makers van de tentoonstellingen.

Trainer

Tot hun verbazing huurt Haasbroek een soort trainer in, emotiespecialist Marc Oelrich Winkelaar, die hen moet bijstaan in het aanleren van een andere manier van denken. Hij wordt een 'dringend adviseur', die veel te zeggen krijgt. 'Emotie is voorspelbaar, opwekbaar en regisseerbaar', stelt Winkelaar. Voor het verbouwde NAi maakt hij een belevenisschema. Zo moet er in de educatieruimte 'clever lichtblauw' komen, want dat wekt leergierigheid, verbazing en trots op. De toiletten krijgen wat Winkelaar betreft een oranjegloed, die staat voor 'opluchting, verrassend, onverwacht'.

De emoties die Winkelaar zo graag wil, komen er ook. Maar op een iets andere manier. De curatoren protesteren tegen de in hun ogen doorslaande balans van inhoud naar vermaak. Ze vinden Winkelaar een goeroe-achtige figuur; sommige medewerkers noemen hem de Greet Hofmans van het NAi. Ze zijn bezorgd dat het geld dat aan de adviezen van Winkelaar wordt besteed, niet in tentoonstellingen wordt gestoken. De kritiek geldt ook andere plannenmakerij, zoals die voor een grootse heropening door koningin Beatrix, met landelijke televisieuitzending, die ten minste 6 ton gaat kosten. Die komt er niet, en de opening, begin juli van dit jaar, geschiedt aanzienlijk soberder.

Haasbroek ontpopt zich bij het NAi al snel tot meer dan alleen een zakelijk directeur. Volgens medewerkers, en in hun kielzog de ondernemingsraad, bemoeit hij zich met aanzienlijk meer dan alleen de zakelijke aspecten. Wie hem leert kennen is de eerste maanden onder de indruk van zijn openheid, maar krijgt daarna een ander beeld. 'Hij heeft weinig zelreflectie, hij denkt alles zelf te kunnen.' 'Hij is zeer overtuigd van zijn eigen gelijk.' 'Hij oefent enorme druk uit op de medewerkers.'

Enquête

Omdat de ondernemingsraad veel klachten krijgt van medewerkers, komt er begin 2010 een enquête onder het personeel. De medewerkers, luidt de conclusie, voelen zich machteloos, onveilig en weten niet wat hun mandaat is. De raad stelt de problemen aan de orde, eerst bij de directie en begin dit jaar bij de raad van toezicht. Er lijkt geluisterd te worden, er volgen gesprekken, er worden afspraken gemaakt. Uiteindelijk lijkt dat niet te helpen, concludeert een betrokkene. 'Het is de vraag of er nog een oplossing mogelijk is. De constructie met twee directieleden lijkt niet de beste.'

Het zijn cruciale weken voor het NAi. In 2013 fuseert het instituut, voor 1 februari 2012 moet er een nieuw beleidsplan liggen. Samen met het instituut voor design en mode Premsela en het Virtueel Platform gaat het NAi op in een nieuw sectorinstituut voor creatieve industrie. De gesprekken verlopen moeizaam, zegt een goed ingevoerde bron in de culturele wereld. Hoewel het oorspronkelijk niet de bedoeling was, is er alsnog een kwartiermaker van bureau Berenschot door het ministerie van OCW neergezet.

Toegankelijker

Is het erg, twee directeuren die klaarblijkelijk elkaar dwars zitten? Het gebouw van het NAi is toegankelijker geworden, tot nu toe zijn er sinds de heropening ruim 90 duizend bezoekers geweest (in een vol jaar moeten dat er 200 duizend worden), het NAi is volop in het architectuurdebat aanwezig.

Toch maken medewerkers en oud-medewerkers zich grote zorgen. Ze zijn loyaal - het NAi blijft volgens hen een 'prachtinstituut'. Maar er is boosheid over het geld dat is besteed aan adviseurs (90 duizend euro sinds 2008) en grootse plannen die niet doorgingen. Een echt grote architectuurtentoonstelling is al langere tijd niet te zien geweest. In april opent de Internationale Architectuur Biënnale in het NAi, pas daarna is weer een tentoonstelling over een architect, de Amerikaan Louis Kahn.

Een kenner van het NAi en de medewerkers verdedigt Bouman, ten dele. 'Ole heeft een persoonlijke agenda, daar is hij ook voor gevraagd. Maar er moet ook een institutionele agenda zijn. En coaching. Mensen willen herkend en erkend worden. De tijd van visionaire leiders is voorbij. Het gaat erom je managers te helpen en je mensen te coachen, ze sterk te maken. Ole is in een spagaat beland, omdat er meer van hem wordt geëist dan in hem zit. Hij is zoekende. Hij zou beter een programma-directeur kunnen zijn dan een algemeen directeur.'

Uittocht

Een oud-medewerker signaleert een uittocht van kennis. 'Heel veel inhoudelijke mensen zijn vertrokken, ze worden maar mondjesmaat vervangen.' Wat bovenal steekt, zeggen een huidige NAi'er en een oud-NAi'er, is het gebrek aan vertrouwen. 'De directie gelooft niet in de medewerkers, dat laat zij steeds weer merken. Mensen worden overruled en voelen zich niet gewaardeerd. Dat is op de lange termijn niet vol te houden.'

Belangenverstrengeling?

In het cafégedeelte van het NAi hangt een kunstwerk van panty's, gemaakt door kunstenares Madeleine Berkhemer. Over de aanschaf (kosten 31.800 euro) werd door een personeelslid een klacht ingediend bij de ondernemingsraad. Directeur Peter Haasbroek is een vriend van Berkhemer en een verzamelaar van haar werk. Er zou sprake zijn van belangenverstrengeling. Volgens Bouman is er niets aan de hand. 'De beslissing tot aankoop is genomen door mij en Haasbroek in gezamenlijkheid. Een aankoopcommissie is niet van toepassing. Het NAi verzamelt immers geen kunst.' En laat Haasbroek nu wel of niet privékunst opslaan in het NAi? Volgens bronnen stond een kast die hij kocht van dezelfde Berkhemer maandenlang opgeslagen in de kelder. Haasbroek wilde het kunstwerk op zijn kamer zetten, maar het kon niet over de trap en paste niet in de lift. Volgens Haasbroek zelf stond de kast er maar een paar weken 'en is daarna weer afgevoerd', daarmee suggererend dat hij weg is bij het NAi. Dat klopt niet. Bronnen melden dat de kast nu in het Open Maquette Depot (OMD) staat van het NAi op het terrein van de Van Nelle-fabriek. Dat geeft Haasbroek toe, zij het na enig aandringen. 'De kast is een tijd uit beeld geweest. Helaas lukte het niet structureel. Daarom is deze even in het OMD geplaatst.' Toevalligerwijze laat Haasbroek de kast vandaag weghalen uit het depot. 'Door een transporteur. Op mijn kosten.'


Voor dit verhaal is gesproken met 18 personen: medewerkers en oud-medewerkers van het NAi, en personen uit de culturele wereld.

Weerwoord directie en raad van toezicht

Volgens Ole Bouman en Peter Haasbroek is er geen sprake van grote animositeit binnen de directie. De meningsverschillen die er zijn, komen juist ten goede aan het werk van het NAi, stellen de twee. Volgens hen is er sprake van een ‘wezenlijke vernieuwing’ in de programmering, die heeft geleid tot een ‘wezenlijke groei’ in waardering en bezoek. Er wordt niet slecht omgegaan met de medewerkers en er hangt geen slechte sfeer, stelt Bouman. ‘Er is een groepje medewerkers dat zich niet prettig voelt bij veranderingen, noch bij de druk die hoort bij het op internationaal topniveau opereren, noch bij het rekening moeten houden met strategische afwegingen tussen zorgvuldig erfgoedbeheer, museale publieksactiviteiten en de rijkgeschakeerde rol van sectorinstituut. Die voeren een ondergrondse campagne tot aan de krant toe. Naar onze mening is dat niet representatief voor de sfeer binnen het NAi. Die is goed.’
Er is ook geen sprake van een grote uittocht, stelt Bouman. ‘Het gaat om precies te zijn over een flink deel van de afdeling presentatie, te weten 6 medewerkers. Bij andere afdelingen/teams is het verloop normaal tot zelfs laag. De meesten van deze mensen hebben zelf opgezegd, op zeer uiteenlopende gronden, dus is het moeilijk om er in het algemeen iets over te zeggen. Ongetwijfeld heeft het streng bewaken van de strategische langetermijnvisie, ook als het tegen persoonlijke voorkeuren ingaat, een rol gespeeld.
Ook het daadwerkelijk vorm geven aan een meer publieksgerichte aanpak van het NAi zal niet door iedereen in gelijke mate zijn ondersteund. Beide zaken kunnen namelijk alleen gepaard gaan met een cultuurverandering die met name bij inhoudelijk en publieksgerichte medewerkers als flinke kritiek kan worden ervaren.’ Volgens voorzitter Hans Andersson van de raad van toezicht zou het ‘niet zuiver’ zijn geweest als de raad in 2008 in gesprek was gegaan met het managementteam, de staf, van het NAi. ‘Dergelijke kwesties horen te lopen via de democratisch gekozen ondernemingsraad, naar wie we uitgebreid hebben geluisterd. Medewerkers kregen destijds het gevoel dat er met twee monden werd gesproken. Dat is natuurlijk altijd slecht. Vervolgens zijn er afspraken gemaakt over een betere taakverdeling. Er zijn de afgelopen jaren grote stappen gezet ter verbetering. Gezamenlijk zijn de directeuren het nu zeer eens over de nieuwe koers van het NAi. Ik heb geen enkel signaal dat het op dit moment verkeerd gaat. Maar als de OR vandaag echt zegt: ‘Het is niet vooruit gegaan’, dan is het een ander verhaal.’
De brief uit maart 2008 van het managementteam van het NAi aan de raad van toezicht.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden