Directeur weg bij Rembrandthuis

Door ziekte kan Ed de Heer niet langer aanblijven...

Amsterdam Ed de Heer treedt per 1 mei terug als directeur van museum het Rembrandthuis in Amsterdam. Volgens Frank de Grave, voorzitter van de Raad van Toezicht van het museum, heeft De Heer ‘ernstige gezondheidsproblemen’. ‘Hij vindt het zelf niet verantwoord om in functie te blijven’. De Heer was bijna twintig jaar directeur.

Museum het Rembrandthuis, gehuisvest in de voormalige woning van Rembrandt, kwam kort geleden in opspraak toen bekend werd dat Bob van den Boogert, sinds tien jaar conservator van het museum, ontslag werd aangezegd. Al langer klonken er geluiden van onrust onder het personeel en kritiek op het functioneren van de directie – naast Ed de Heer ook Michiel Kersten.

Ook kunsthistorici zoals Rembrandt-expert Ernst van de Wetering en Ella Reitsma, die voor het museum hebben gewerkt, uitten in de media hun zorg over het museum. Zij spraken over een ‘schrikbewind’ van de directie.

Als gevolg van deze onrust besloot de Raad van Toezicht in oktober 2008 een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar het functioneren van de directie. Een dag voor het onderzoek begon, werd Van den Boogert ontslagen. Het onderzoeksrapport, dat volgens mensen die bij het museum betrokken zijn zeer kritisch is over de directie, is niet openbaar; volgens sommigen ondanks eerdere toezeggingen. Frank de Grave: ‘Je had als Raad geen goed beeld gekregen als het openbaar zou zijn. Dan zou het personeel zich geremd hebben gevoeld te spreken.’

Bob van den Boogert, die zich voor het eerst sinds zijn ontslag over de zaak uitspreekt, meent dat het terugtreden van De Heer direct samenhangt met de situatie in het museum en zijn ontslag. ‘Maandag is er voor het eerst door de Raad van Toezicht vergaderd over het functioneren van de directie. Dat heeft tot deze beslissing geleid.’

Al speelt de ziekte van De Heer – hij heeft Parkinson – wel een belangrijke rol. Van den Boogert: ‘Het verklaart veel van de narigheid die is ontstaan’, na jaren van intensieve samenwerking. ‘In 2006, tijdens het Rembrandtjaar, was De Heer vaak afwezig. We hebben toen keihard gewerkt om vier tentoonstellingen te maken. Begin 2007 meldde hij mij dat hij ziek was. Toen begreep ik het.’ Van den Boogert zegt dat De Heer door de ziekte ‘argwanender’ werd. De komst van adjunct Michiel Kersten begin 2007 zag hij als een welkome versterking. ‘Maar het werd snel duidelijk dat hij geen goede manager was.’ Betrokkenen bij het museum laten weten dat de werksfeer sterk verslechterde, en dat kritiek niet werd geduld.

Op 24 oktober kondigde De Heer een ‘exit-gesprek’ aan met Van den Boogert. De conservator verzette zich. Hij werd ontslagen en mocht per direct niet meer in het museum verschijnen. Cataloguswerk voor de tentoonstelling van Jacob Backer, die hij onder meer voorbereidde, maakte hij thuis af. Naar de tentoonstelling ging hij in een weekeinde – hij kocht een kaartje aan de deur. Van den Boogert vocht zijn ontslag aan bij de rechter. Vandaag hoort hij of hij in het gelijk wordt gesteld.

Hoewel Frank de Grave samenhang tussen de escalatie en het terugtreden van De Heer bestrijdt, beklemtoont hij wel dat er nu een ‘open procedure’ loopt voor een nieuwe directeur. ‘Het personeel en onafhankelijke deskundigen zullen worden betrokken.’ Kersten, volgens sommigen sinds zijn aanstelling al beoogd opvolger van De Heer, kan wel gewoon solliciteren op de functie.

Ook spreekt De Grave berichten tegen dat het met het museum slecht gaat en dat er geen toekomstprogrammering zou zijn. ‘Dat zou vreemd zijn. Wethouder Gehrels was in december nog lovend. Er is geen sprake van gewijzigd beleid.’ Wat hem betreft, gaat het heel goed met het museum.

Juist die lovende opmerking van Gehrels bij het toekennen van de vierjarige subsidie van 1 miljoen euro per jaar steekt Van de Boogert. ‘Gehrels sprak van een museum van ‘wereldklasse’. De subsidie is toegekend op basis van onze groei van de afgelopen jaren, alle tentoonstellingen die zijn gemaakt. Nu heeft de directie aangekondigd de komende jaren geen tentoonstellingen te maken. In korte tijd wordt alles wat is opgebouwd afgebroken.’

Het Rembrandthuis toonde afgelopen jaren onder meer de tentoonstellingen Gerard ter Borch, Rembrandt en Uylenburgh, en Maria Sibylla Merian. Het is traditioneel in trek bij toeristen en wordt geroemd om het educatief beleid. In 2008 bezochten 200 duizend bezoekers het museum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden