Dimlicht

The New York Times kopte vorige week dat de aarde spoedig in duisternis gehuld zal zijn, omdat wetenschappelijk is aangetoond dat vanaf 1950 per decennium 2 tot 3 procent minder zonlicht onze planeet bereikt....

Huub Schellekens

Maar volgens satellietmetingen is het licht dat de zon naar de ruimte uitstraalt, niet minder geworden. De voor de hand liggende conclusie is dan ook dat de luchtverontreiniging in de atmosfeer voor de aarde werkt als een dimmer.

Verondersteld wordt dat het vuil in de lucht zonlicht reflecteert en terug de ruimte in stuurt. Vervuiling doet ook water condenseren, wat leidt tot dikkere en donkere wolken, die ook licht tegenhouden. Minder zonlicht betekent lagere opbrengsten van gewassen, een verstoorde waterhuishouding (minder verdamping) en een verstoord klimaat. Ofwel: een milieuramp dreigt.

The New York Times is niet zo maar een krant en in het artikel komen onderzoekers van prominente instellingen aan het woord als de NASA en de Columbia University.

Het afgelopen weekeinde heb ik besteed om de wetenschap achter deze global dimming uit te pluizen. Het bleek geen gemakkelijke klus.

In de wetenschappelijke literatuur zijn maar weinig gegevens te vinden over het fenomeen en ook andere informatiebronnen bleken beperkt. Slechts een handjevol wetenschappers houdt zich bezig met het dim-effect.

Het meest recente overzichts artikel stamt uit 2001, geschreven door Gerald Stanhill, zo'n beetje de peetvader van dit onderzoeksgebied.

Stanhill baseert zich daarin op gegevens die hij van meetstations over de hele wereld heeft gekregen. Opvallend is dat vooral zijn eigen analyses statistisch betrouwbare dalingen van het zonlicht laten zien, terwijl de meeste analyses van anderen statisch niet significant zijn.

Ook het verloop in de tijd is zeer grillig. Waarom de daling in de periode van 1958 tot 1965 vijfmaal hoger is dan in de volgende tien jaar, is op zijn minst raadselachtig. Ook zijn de meetstations niet evenredig verspreid over de wereld. Meer dan helft van de gegevens komt uit Europa en metingen uit de Verenigde Staten, Afrika en Zuid-Amerika zijn nauwelijks beschikbaar. Dat maakt de geografische verschillen uiteraard erg onbetrouwbaar.

Kortom: de wetenschappelijke bewijsvoering voor het dimmen van zonlicht door luchtverontreiniging is erg magertjes. Er is geen reden om uw zonvakantie snel te boeken voor het te laat is. En de hamvraag is natuurlijk niet beantwoord: hoe kan het de aarde opwarmen als de hoeveelheid zonlicht afneemt?

Het doet sterk denken aan de discussie die onderzoekers in de jaren zeventig aanzwengelden over de zure regen, die vissoorten in de meren van Scandinaviagen uitsterven. In 1980 kwamen daar de beweringen bij van de Duitse onderzoeker Ulrich. Hij stelde dat bossen verdwijnen omdat boomwortels werden aangetast door aluminium, uitgeloogd door de verzuring van de bodem.

Ook in Nederland werd in 1984 gemeld dat 40 procent van onze bossen was aangetast en jarenlang heeft de zure regen als grootste milieuprobleem gegolden.

Ik zie net beeld voor me van Joop den Uyl die als hoofd van een parlementaire delegatie met gebogen hoofd een bos uitsjokt, waar biologen van Staatsbosbeheer hem de vele verzuurde, kale plekken hadden gewezen.

Later bleek droogte de verklaring van de boomsterfte te zijn. Thans is de zure regen uit de aandacht van publiek en wetenschap verdwenen.

De Nederlandse media laten zich tegenwoordig kennelijk moeilijker overtuigen van allerlei rampenscenario's zoals tijdens het zure-regentijdperk. Een groot aantal Britse en Amerikaanse kranten heeft het bericht uit The New York Times overgenomen. In de grote Nederlandse kranten heb ik geen enkel bericht over het dovend zonlicht aangetroffen.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden