Dijkgraaf op schoolreis

Het moet een heerlijkebrainwave zijn geweest, waarvan vervolgens waarschijnlijk zelfs de bedenker de haalbaarheid betwijfelde. Maar aan de vooravond van zijn vertrek naar Princeton zei KNAW-baas Robbert Dijkgraaf ja tegen wetenschapsjournalist Marcel Hulspas en trok een paar dagen met hem langs Nederlandse musea en collecties, om te neuzen in oude boekwerken, om te turen naar instrumenten, machines en preparaten en vooral: om te praten over onze eigen grote wetenschappers uit het verleden. Het resultaat, schrijft Dijkgraaf zelf vooraf, is als het verslag van een schoolreisje.


Dat moet een prachtig schoolreisje geweest zijn: van de anatomische atlassen van Vesalius (Leiden), tot de elektriseermachines van Van Marum (Teylers) en van aantekeningen van Huygens (Boerhaave) tot het planetarium van Eise Eisinga in Franeker. Overal zwaaien voor de president deuren open en worden topstukken opengeslagen en aangereikt. En overal krijgt Dijkgraaf antwoord op zijn oprecht verbaasde vragen. Wat vond mevrouw Eisinga eigenlijk van dat geknutsel van haar man, in de avonduren, na een lange dag wolkammen en nota bene in haar woonkamer? Maakte Javamens-ontdekker Eugène Dubois eigenhandig dat beroemde beeld van zijn Pithecantropus? Had anatoom Vrolik al die gruwelpreparaten gewoon thuis? Huh?


Dijkgraafs geprivilegieerde ontmoetingen met het verleden van de Nederlandse wetenschappen worden in


Hulspas' handen onderhoudende reportages, die vaak alleraardigste details bevatten. De grote astronoom Jan Hendrik Oort groeide op een steenworp van het planetarium in Franeker op. In de hal waar Kamerlingh Onnes een eeuw geleden helium vloeibaar maakte, staat nu een cola-automaat voor rechtenstudenten. Dubois bewaarde zijn topstukken in een zeepdoosje. De anatomische collecties van het AMC staan in een voormalige atoombunker. Van Leeuwenhoek bekeek met zijn microscoop zijn eigen zaad 'binnen negen hartslagen na den daad'. En Eise Eisinga's planetarium wordt eenmaal per jaar helemaal in de was gezet. Niet alle reuzen komen aan bod (Lorentz?). Niettemin heerlijk.


Marcel Huls-pas: Reuzen van de Lage Landen.

NieuwAmsterdam; € 16,95; ISBN 978 90 468 1318 8.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden