Column

Digitale revolutie is de industriële revolutie niet

Katholieken maken foto's en video's van Paus Franciscus tijdens zijn bezoek aan de kathedraal in in Quito, Ecuador.Beeld afp

Wereldwijd zijn er meer smartphones, laptops en tablet-computers dan er mensen zijn. Ruim 70 procent van de wereldbevolking, vijf miljard mensen, zijn volgens de VN-cijfers bereikbaar op een mobiele telefoon. Alleen de 1 miljard mensen die in extreme armoede leven, zo mag worden aangenomen, en 1 miljard ouderen en peuters doen het zonder. Plus Johan Cruijff.

Bijna de helft van de wereldbevolking, 3,2 miljard, heeft inmiddels een internetverbinding. De digitale revolutie - of de tweede industriële revolutie - is vrijwel voltooid. Het informatietijdperk, waarvan het begin ergens in de jaren tachtig zou liggen, heeft zijn piek bereikt. En daarmee is eigenlijk ook een van de idealen van Joop den Uyl bereikt: verdeling van kennis.

Alleen lijken diens andere idealen van de verdeling van inkomen en macht juist weer verder weg liggen. Net als de industriële revolutie verkleint de digitale revolutie de middenklasse en concentreert het geld en macht bij een kleine elite.

Daarnaast leidt de digitale revolutie, in tegenstelling tot de industriële revolutie, nauwelijks tot groeiversnelling. De VS - de bakermat van de digitale industrie - en Japan - de bakermat van de robotisering - groeien dit jaar respectievelijk ruim 2 en nog geen 1 procent.

Dat steekt schril af tegen de groeicijfers van de eerste industriële revolutie. De overgang van de landbouweconomie naar de industriële economie ging gepaard met groeicijfers van soms 10 procent als gevolg van enorme productiviteitsstijgingen. Oorzaak was de trek van de plattelandsbevolking (of de komst van immigranten, zoals in de VS) naar steden, waar ze in fabrieken veel efficiënter gingen werken. De bedrijven bloeiden dankzij deze goedkope arbeid en investeerden in grote uitbreidingen, waardoor ze nog meer mensen aantrokken. Uiteindelijk creëerden ze daarmee hun eigen afzetmarkten. Dat is eerst in het Westen gebeurd, vanaf de jaren zestig ook in Japan en vanaf de jaren negentig in China.

Het grote probleem is dat industriële productie heel gemakkelijk is te kopiëren. Als die in het ene land te duur wordt, kan die simpel worden verplaatst naar een ander land. De econoom William Arthur Lewis, die in 1979 de Nobelprijs kreeg, beschreef dat als wat nu het Lewis-keerpunt wordt genoemd. Dat keerpunt is nu ook bereikt in China, dat de industriële groei ziet terugzakken.

De Chinese economie staat nu voor dezelfde uitdaging als de westerse economieën in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw: de overgang naar de diensteneconomie. In Nederland maakt die al driekwart van de economie uit, in China nog maar 40 procent.

Die overgang gaat gepaard met veel minder groei en een veel geringere stijging van de arbeidsproductiviteit. Het verschil is, zoals onlangs door Noah Smith van Stony Brook University werd uitgelegd op Bloomberg, dat in de maakindustrie de technologie zit in de producten zelf en de machines die ze maken. In de dienstensector zit dat in de organisatiemodellen en het menselijk kapitaal. Die zijn veel minder gemakkelijk verplaatsbaar.

Daarnaast is er nog een ander probleem, dat de Turkse Harvard-econoom Dani Rodrik aankaartte: de industriële sector krimpt wereldwijd. Of: er is nog altijd veel behoefte aan goederen, maar de productie daarvan is zo efficiënt geworden dat er steeds minder toegevoegde waarde op zit. Industrie wordt mondiaal een niche-markt, net als landbouw een eeuw geleden.

In het informatietijdperk moet het werk komen van de laaggroeiende dienstensector, waar een concurrentiegevecht is ontstaan voor banen.

Het is nog te vroeg om te spreken van een dienstenproletariaat. Maar feit is dat in het informatietijdperk de werkuren stijgen en de lonen dalen. Zonder groei biedt alleen verdeling van werk en inkomen uitkomst.

De kwestie vervangt tot en met 9 augustus de column van Frank Kalshoven.

Reageren? p.dewaard@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden