Interview Dieren in de Grondwet

‘Dierenrechten zijn niet zomaar een mening, ze horen bij het fundament van de democratie’

Janneke Vink. Beeld Aurélie Geurts

In onze Grondwet staat niets over dieren en hun rechten. Dat is vreemd, vindt rechtsfilosoof Janneke Vink (29). ‘Als een buitenaards wezen onze Grondwet zou lezen, kan het daaruit niet afleiden dat dieren bestaan.’

Een maatschappij waar dierenrechten niet verankerd zijn in de Grondwet, deugt eigenlijk niet. Zo zou je de conclusie van het The Open Society and its Animals kunnen samenvatten. Janneke Vink (29), docent rechtsfilosofie aan de Open Universiteit in Heerlen, promoveerde in Leiden op dit proefschrift. Volgend jaar verschijnt het in boekvorm in de Animal Ethics Series van Palgrave Macmillan. 

‘In de huidige manier waarop wij ons tot dieren verhouden, zijn wij als mens eigenlijk tirannen: wij heersen over dieren en geven ze geen enkele vastigheid ten aanzien van wat ze van ons mogen verwachten,’ vertelt Vink. ‘Iedere dierenwet zouden we morgen kunnen afschaffen. Maar als we dieren serieus nemen als lid van onze samenleving, wat ik voorstel, moet je daar iets op bedenken.’

Dierenrechten moeten dus in de Grondwet. Waarom?

‘Dit is de enige manier om dieren te geven waar ze recht op hebben en om mensen te dwingen netjes met dieren om te gaan, zonder dat je de democratie te veel ondergraaft. Ten eerste oefent de overheid macht over dieren uit en leven ze op het grondgebied van de staat. Hierdoor maken ze net als wij onderdeel uit van de demos, van het volk. Ten tweede kennen we individuen rechten toe omdat ze belangen hebben. Ik beargumenteer dat dieren evengoed belangen hebben: ze willen immers, net als wij, niet gemarteld of vermoord worden. Ten derde zou het ons rechtssysteem ten goede komen. Ons recht staat nu ver af van hoe de wereld in elkaar zit. Nu lijkt het net alsof wij goden op aarde zijn, terwijl dieren dezelfde grondwettelijke status hebben als een wc-rol of een gebouw, namelijk geen. Dit is niet zomaar een mening, maar hoort bij het fundament van de democratie.’

Verschillen dieren niet te veel van mensen om ze grondrechten toe te kennen?

‘Ja, mensen en dieren zijn verschillend. Mensen zullen de enige dieren zijn die een rechtsorde en politiek systeem overeind kunnen houden. En dieren zijn óf intellectueel niet in staat daaraan deel te nemen, óf wij begrijpen ze niet goed genoeg om ze daar actief bij te betrekken. Maar dit betekent niet dat we geen plichten hebben tegenover dieren. Dieren zijn onderdeel van de demos en dit schept plichten voor de mensen die aan de macht zijn. Ik maak wel onderscheid in sentiële dieren, dieren met bewustzijn en gevoel. De belangen die dieren hebben zijn gebaseerd op hun welbevinden. Maar alleen dieren met bewustzijn en gevoel hebben daar een voorstelling van. 

‘Je ontkomt er niet aan om ergens een lijn te trekken. Maar nu ligt de grens bij diersoort als geheel en dat is een gekke categorie, net zo raar als ras, huidskleur of gender. Je maakt op basis daarvan geen onderscheid of mensen recht hebben op welzijn, waarom zou je dat wel doen op basis van diersoort?’ 

Grondrechten of niet, mensen spelen nog steeds de hoofdrol. Is dat niet problematisch?

‘Ik denk dat dieren politieke patiënten zijn, zoals dat heet. Die heb je ook onder mensen: er zijn mensen die niet in staat zijn om deel te nemen aan de politiek of zichzelf in de rechtbank te verdedigen. Je kunt het vergelijken met kinderen. Zij kunnen niet stemmen en worden politiek dus niet direct vertegenwoordigd. Hoewel ze niet politiek kunnen handelen, nemen we hun belangen in ogenschouw door ze rechten toe te kennen. Daardoor neem je hun onzichtbaarheid weg. Op dezelfde basis zou je rechten kunnen toekennen aan dieren.’

Wat voegen grondrechten toe aan bestaande wetgeving, zoals de wet tegen dierenmishandeling?

‘Er zijn inderdaad regels voor hoe wij met dieren omgaan. Maar die verschillen naar gelang het soort dier en de omstandigheden. Een konijn dat als huisdier wordt gehouden, heeft in de praktijk hele andere rechten dan een konijn dat als proefdier wordt gebruikt. Deze regels zijn dus niet afgestemd op wat dieren nodig hebben, maar op hoe wij dieren willen gebruiken.’

Dus wat voegen die grondrechten toe?

‘Doordat bepaalde rechten van mensen verankerd zijn in de Grondwet, staan de regels  over dieren altijd lager in de hiërarchie. Zo wordt dierenwelzijn vaak ondergeschikt geacht aan de vrijheid van religie, bijvoorbeeld bij de rituele slacht. Wanneer je dieren opneemt in de Grondwet, is er sprake van botsende grondrechtelijke belangen en kan er een eerlijkere afweging worden gemaakt. Als politici nu in het verweer willen komen tegen ritueel slachten, moeten ze zich baseren op ‘geluiden in de samenleving’.

Een van de grondrechten die u noemt, is het recht op leven. Dit is onverenigbaar met de slacht, dus ook met het eten van dieren. Moeten we allemaal vegetariër worden?

‘Als we daadwerkelijk de belangen van dieren mee zouden wegen, dan zijn de bio-industrie en de intensieve veehouderij ontzettend problematisch. Dieren in het leven roepen met als enige doel ze weer om te brengen staat haaks op welke vorm van dierenrechten dan ook. De veehouderij is in zijn huidige vorm een schandvlek op onze beschaving: de industriële schaal, de bedrijfsmatige omgang met dieren. Er zijn natuurlijk ook veehouderijen waar dieren een redelijk goed leven hebben, maar daar houd je het probleem van de slacht.’

Hoe zou dit dan moeten veranderen?

‘Op dit moment wordt de verantwoordelijk bij de consument gelegd. Maar niemand wil de eerste zijn die zijn vrijheid wil opgeven of het gedrag wil veranderen voor een moreel hoger doel. Toch spreekt een grote meerderheid van de mensen zich uit voor dierenwelzijn. Het probleem zit in het schakelen naar handelen. Je zou van een moreel streven een juridische verplichting moeten maken. Het is een drogreden om te zeggen: we kunnen pas de dieren opnemen in de wet op het moment dat we netjes met ze omgaan. Het moet andersom. Een Grondwet gaat over wat voor samenleving we willen zijn. Als een buitenaards wezen nu onze Grondwet zou lezen, kan het daaruit niet afleiden dat dieren bestaan.’

Van de partijen die nu in de Tweede Kamer zitten, pleiten de PvdD en PVV actief voor het opnemen van dieren in de Grondwet. 

In 2005 kwamen Femke Halsema en Ineke van Gent namens GroenLinks met een wetsvoorstel voor dierengrondrechten. In 2017 sprak de Raad van State zich positief hierover uit, met enkele kanttekeningen. Daarna bleef het voorstel liggen. Nadat Halsema en Van Gent uit de Kamer vertrokken (in 2010 en in 2012), is het voorstel niet binnen de fractie overgenomen.

Kamerlid en fractiesecretaris Tom van der Lee kondigde januari dit jaar aan de wet in te trekken. In een reactie laat een woordvoerder weten dat de wet te lang op de plank lag. ‘Daarom hebben we de wet voor nu ingetrokken.’ Het is niet uitgesloten dat GroenLinks dit in de toekomst weer op de agenda zet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden